'Ze moesten over elkaar roddelen, ik stookte wat'

15.000 keer Trouw.

Waarom doen mensen wat ze doen? Waarom is iets gebeurd? Waarom brengt een vrouw haar drie kinderen om het leven? Die vraag wil Hetty Nietsch beantwoord krijgen in haar laatste interview voor Trouw destijds met de moeder van die drie kinderen. „Ik ben altijd nieuwsgierig geweest naar dingen buiten mijn domein. En mensen vinden het ook fijn om te praten over iets dat taboe is. Om terug te blikken. Om begrip te vinden.”

Maar op veel bijval van de omgeving van haar gesprekspartners kan Nietsch niet terugkijken. Ze wordt vaak gedwarsboomd. „Het hoeft niet in de krant. Het rijt maar oude wonden open. Het ligt gevoelig in de samenleving. Voor dat soort opmerkingen ben ik echter tamelijk ongevoelig.

In de 12,5 jaar dat de huidige redacteur-regisseur van het tv-onderzoeksprogramma ’Zembla’ (Vara/NPS) bij Trouw als verslaggever werkt, introduceert zij het menselijke verhaal. De ’human interest’. Het is de rode draad in portretten van Nederlanders en hun omgang met geld voor een van de kerstbijlagen. Of in een serie over ’helden van de massa’, zoals Corry Konings, Lee Towers en Carola Smit. En in een langdurig lopende wekelijkse reeks dubbelportretten van leerlingen en meesters. „Maar ik ben steeds vooral geïnteresseerd geweest in slechte mensen. Mensen die nare dingen doen.” Bijna schaterend: „En ik heb toch een hele fijne jeugd gehad!”

De jaren tachtig zijn nog maar net begonnen als Nietsch (51 nu) haar entree maakt bij Trouw, na een opleiding aan de Utrechtse School voor de Journalistiek en een paar jaar Utrechts Nieuwsblad. Ze begint als algemeen verslaggever en gaat zich na enige tijd met gezondheidszorg bezighouden. Vooral de menselijke aspecten ervan. „Ethische kwesties gingen steeds meer spelen. Wij waren op zoek naar de dilemma’s, de dingen die moeilijk lagen.” Ze herinnert zich de krant in haar begintijd als heel serieus en rustig, niet één waar de verslaggevers constant in de startblokken staan. Maar ook een plek waar ze alle mogelijkheden krijgt en niets hoeft te bevechten, bijvoorbeeld omdat ze vrouw is.

„Ik ben er altijd heel goed in geweest om vertrouwen te wekken. Die mevrouw vertrouwden ze het wel toe om iets aan te vertellen. En ik nam nooit genoegen met ’nee’. Dan liet ik merken heel teleurgesteld te zijn”, beschrijft Nietsch haar aanpak. Heel vaak werkt het, een enkele keer niet. Zoals wanneer ze precies wil weten waarom acteur Jules Croiset – in 1987 – zijn eigen ontvoering in scène heeft gezet. Haar vasthoudendheid valt soms slecht bij haar collega’s. „Ik ergerde me er vaak aan als journalisten snel opgaven. Sommigen mensen willen juist eerst nee kunnen zeggen.” Wel is het belangrijk dat mensen niet achteraf het gevoel hebben dat hun vertrouwen is beschaamd. En ze toont dat ze meeleeft met de mensen. „Als ik de stukken aan ze voorlas moest ik soms wel huilen. Ik ben nogal een huilebalk.”

Samen met collega Jolan Douwes maakt ze in de nazomer van 1986 een reeks vraaggesprekken rond het thema ’kinderen en euthanasie’. Ze praten met ouders, artsen, verpleegkundigen, juristen en ethici en krijgen – met veel lof omkleed – ’Het Gouden Pennetje’, een aanmoedigingsprijs voor jong journalistiek talent. Een document is de serie. „We zijn het idee ervoor gewoon ergens tegengekomen. We hadden nooit het gevoel dat het een te heikel onderwerp was. De ouders bleven anoniem, de artsen niet. Ze staken hun nek uit. Erg moedig in die tijd.” Nietsch denkt met genoegen terug aan de prijs, al is Trouw dan niet zo voor prijzen. „We moesten voorzichtig juichen. Daar heb ik wel moeite mee gehad.”

Niet toevallig maakt ze tal van journalistieke producties met collega’s samen. Dat vindt ze leuk, daar heeft ze behoefte aan. „Samen op iets komen dat je niet in je eentje kunt bedenken. Elkaar kritisch volgen, dat was er toen niet bij. Als men om je heen zweeg dan wist je dat het niet goed zat. Er was geen cultuur om iets uit te spreken.” Daarom is ze blij met sparring partners. En collega’s die met voorstellen komen.

Zoals Cisca Dresselhuys, dan hoofdredactrice van Opzij, het idee aandraagt voor Leerling & Meester. Duo’s uit een waaier aan beroepen worden onafhankelijk van elkaar bevraagd over elkaar. Van koks tot gemeentesecretarissen, van nertsenfokkers en springruiters tot chirurgen en goochelaars, ongeveer veertig dubbelportretten met premier Ruud Lubbers en meester Jan de Koning (oud-minister) als apotheose. „Ze moesten over elkaar roddelen en ik stookte een beetje. Dat los van elkaar interviewen kwam de eerlijkheid ten goede. Ze vonden het allemaal leuk. De passie voor iets hadden ze allemaal gemeen.”

Niet alles gaat van een leien dakje. Zo kijkt Hetty Nietsch met zeer gemengde gevoelens terug op een bezoek aan Japan, voor een kerstbijlage over de toekomst. „Dat was heel zielig. Mijn antenne werkte niet, de stad Tokio niet. En toen raakte ik in de metro ook nog mijn tas kwijt. Een interview met een minister viel in het water. Dat ik helemaal uit Nederland was gekomen, maakte hem niks uit. Ik schaamde me diep.”

Trouw heeft haar journalistiek gevormd, kritisch gemaakt, en ethisch. En ze is blij dat ze het menselijke verhaal heeft kunnen maken. „Daar was niet zoveel aandacht voor; met criminelen sprak je niet. Inleven is belangrijk, niet alleen in slachtoffers, de zielige mensen. Maar ook in wie het leed heeft aangericht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden