De Kraai

‘Ze mag niet zonder kist naar buiten’, zei de weduwnaar op de woonboot

Beeld Sjoerd van Leeuwen

Over een loopplank ga ik naar de voordeur van een woonboot. Een toerist op het dek van een rondvaartboot zwaait naar mij, een andere toerist maakt een foto. Het water begint te klotsen onder mijn voeten. Een man met buik en baard doet de deur open. 

Ik ga achter hem aan de trap af, door een smalle gang, naar de vertrekken. In een piepkleine slaapkamer, die doet denken aan een bedstede, ligt zijn vrouw opgebaard. “Ze is lang ziek geweest”, zegt hij zacht. “Ze heeft veel in het ziekenhuis gelegen, maar gelukkig is ze in haar eigen bed overleden.”

Na een korte stilte gaat hij verder. “Ik wil dat ze thuisblijft en hier wordt opgebaard.” Ik kijk achter me, de lange smalle gang in. “Dat wordt een probleem”, zeg ik voorzichtig. “U wilt haar in de kist. We zullen die hier wel binnenkrijgen als we hem rechtop houden, maar als uw vrouw er eenmaal in ligt en voor de begrafenis naar buiten moet, kunnen we de kist niet meer kantelen.”

“Ze kan toch niet zonder kist naar buiten”, zegt hij. “Misschien kan het in de woonkamer?” vraag ik.

Samen lopen we naar het grootste vertrek. Een enorme rode bank vult de kamer, waar drie ramen uitzicht geven op het water. “Ook hier zal de kist rechtop moeten om de draai van de woonkamer naar de gang te kunnen maken”, zeg ik.

“Ze moet thuisblijven”, zegt hij stuurs. “Ze gaat absoluut niet naar het uitvaartcentrum. Ze mag in bed blijven liggen, maar ze moet er in een kist uit. Ze mag niet zonder kist naar buiten.”

“Ik kan regelen dat op de dag van de begrafenis de kist naar huis komt en dat we haar dan binnen in de kamer in de kist leggen, maar dan kan ze niet meer naar buiten.”

“Toch zal het moeten”, houdt hij vol. Ik antwoord: “Sorry, maar... we kunnen niet kantelen.”

We staren naar buiten, waar een waterfiets met twee gillende tieners voorbijkomt. “Dan moet ze door het raam”, zegt hij resoluut.

“Maar dan kom je in het water terecht”, zeg ik. “U doet moeilijk”, zegt hij. “Ik ga wel even bellen.” Hij beent met grote stappen de woonkamer uit naar de kombuis. In de verte hoor ik hem een tijdje bellen. “Het is geregeld”, zegt hij als hij de woonkamer weer binnenkomt. “Een paar vrienden gaan het via het raam doen.”

Op de dag van de uitvaart haalt een viertal stevige mannen het raam uit het kozijn. Koude lucht stroomt de kamer in. Buiten wacht een ander viertal, met vislaarzen tot op borsthoogte, in het water op de kist. De schaarwagen staat klaar op de kant. Een groepje toeschouwers heeft zich verzameld op de stoep. Voorzichtig tillen de mannen de kist omhoog. Hij schraapt over de kozijnrand en wordt opgevangen door de mannen in het water. De kist gaat boven hun hoofd. Ze schuifelen richting de kant. Ademloos kijkt iedereen toe.

Uiteindelijk wordt de kist keurig op de schaarwagen gezet en valt iedereen elkaar in de armen. Schouderkloppen en gejuich. “Hallo”, klinkt het dan steeds luider. De man roept door het open raam naar zijn vrienden op de kant. “Het raam moet er weer terug in, anders kan ik geen afscheid nemen.” Hij grijnst naar mij. “Zie je nou wel dat het kan.”

Mickelle Haest tekent elke week de ervaringen op van een uitvaartverzorger of die van een verloskundige. Lees alle verhalen terug in dit dossier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden