’Ze komen nooit meer terug. Nooit niet.’

Adri Duivesteijn, destijds wethouder ruimtelijke ordening van Den Haag, bouwde de Schilderswijk eenzijdig vol met huurwoningen. Dat was fout, erkent hij nu. „Maar dat de stroom nieuwkomers zó groot zou zijn, kon toen niemand bedenken.”

door Bart Zuidervaart

Dit mag niet het zoveelste rampenverhaal worden, vindt Robbert van der Vlerk van buurthuis Sam Sam. „We hebben ze genoeg gezien hier, de cameraploegen van SBS en RTL wanneer er weer iemand was vermoord.”

Want rampenverhalen zijn er zat te schrijven over de Schilderswijk in Den Haag. Sla de onderzoeken er maar op na. Schilderswijk-Noord: al jaren het armste deel van Nederland. Schilderswijk-Oost: gebied waar de meeste mensen zo snel mogelijk willen verhuizen. „Maar ik houd van die multiculturele smeltkroes”, vertelt Van der Vlerk in het buurthuis aan de Van Mierisstraat, het hartje van de wijk. Zijn centrum, deze middag vol met vooral Marokkaanse kinderen, is de Schilderswijk in het klein. Hij werkt er sinds 1979.

Maar hoe positief kan je zijn over je wijk, terwijl in je eigen straat aan de lopende band wordt ingebroken? Waar groepjes Marokkaanse jongeren de hele dag rotzooi trappen? Waar de werkloosheid enorm is en 45 procent van de huishoudens rond het bestaansminimum leeft? „Vroegâh,” zegt Van der Vlerk overdreven, „waren de problemen hetzelfde, alleen was het kleurtje anders.”

Met vroeger bedoelt hij de periode vóór de jaren zeventig, toen het merendeel nog uit oorspronkelijke Schilderswijkers bestond. De tijd dat je een baan werd geweigerd als je in plat Haags vertelde dat je in de Van Ravensteinstraat woonde. „Nu gebeurt hetzelfde wanneer je Mohammed heet. De sociale onderklasse in Den Haag heeft zich altijd verzameld in de Schilderswijk.”

De Schilderswijk telt nog hooguit tien procent autochtone bewoners. De rest heeft de wijk verlaten tijdens de grote stadsvernieuwing van de jaren tachtig en negentig. De huisjes van toen verkeerden in erbarmelijke staat. Adri Duivesteijn, toenmalig wethouder ruimtelijke ordening, liet de grootste sloophamer erop los die hij kon vinden. Negentig procent ging tegen de vlakte.

Daarmee sloeg hij de plank flink mis, zegt Jan van Thiel, eigenaar van textielwinkel Metz aan het Paletplein,een van de weinige overgebleven autochtone ondernemers. „De droom van Duivesteijn is mislukt. De Schilderswijk is niet meer van de oude Schilderswijkers. Toen ze na de renovatie terugkeerden, herkenden ze hun wijk niet terug. Opeens zat het vol allochtonen.” Van Thiel benadrukt: „Ik heb niets tegen buitenlanders. Ik werk al veertig jaar in deze wijk, nog altijd met plezier.” Hij is dol op het Turkse brood, en het verse fruit op zondag. Maar eenzijdig wordt het wel, zonder Nederlanders. Van Thiel wijst naar het plein. „Daar zitten nog twee andere autochtone winkeliers. Binnen vijf jaar zijn ook zij weg, net als mijn textielwinkel. Ik ken ze wel hoor, de echte Schilderswijkers met heimwee. Ze wonen nu in de Vinexwijken rond de stad, of in Zoetermeer. Ze keren niet terug. Nooit niet.”

Duivesteijn, geboren en getogen in de Schilderswijk, erkent dat er fouten zijn gemaakt. „Dat is niets om je voor te schamen. We hebben ingezet op fysieke renovatie, met betaalbare huren voor iedereen. Maar dat de stroom nieuwkomers zó groot zou zijn, kon toen niemand bedenken. Pas na 1984 werd er duurzamer gebouwd. Kijk naar de Vaillantlaan. Die straat noem ik een succes.”

De renovatie kwam net op tijd, vindt ook Pierre Heijnen. Hij was acht jaar wethouder integratie, daarvoor twaalf jaar raadslid. „Het begin van een drama tekende zich eind jaren zeventig af. Kleine, slecht onderhouden woningen, tegenover de opkomst van de gezinshereniging van Turkse en Marokkaanse arbeiders.”

De fouten kwamen bij de wederopbouw. Een te eenzijdig woningaanbod van goedkope sociale huurwoningen. Weinig groen en amper sportvoorzieningen. De Schilderswijk werd een lappendeken, een bloemkoolwijk. „De markt wilde niet investeren”, zegt Heijnen. „Die enkele koopwoningprojecten verloederden.”

Enkele miljarden zijn er in de wijk gepompt. Veel huizen zijn als nieuw, maar nog steeds is de armoede groot, de werkloosheid hoog en de criminaliteit enorm.

„Wij zeiden destijds tegen Duivesteijn: als je zwijnen in paleizen laat wonen, worden het zwijnenstallen”, vertelt Van der Vlerk. „Om als nieuwkomer in een moderne stad te wonen, moet je veel weten. Wanneer zet je het vuilnis buiten? Hoe voeden wij hier ons kind op?”

Daar heeft Den Haag steken laten vallen, geeft Pierre Heijnen toe. „Het regeerakkoord wordt door sommigen als betuttelend gezien. ’De overheid die weer achter de voordeur van de mensen kijkt’. Dat is precies wat we nu nodig hebben in de Schilderswijk. De allochtone vrouwen moeten uit de huizen komen. Werk aanbieden. Scholing. Huiswerkbegeleiding voor de kinderen.”

Adri Duivesteijn, nu wethouder in Almere en woonachtig aan de rand van de Schilderswijk, pleit voor een ’post-stadsvernieuwingsoperatie’. „De huizen op de Hoefkade zijn alweer 25 jaar oud, dat kun je geen nieuwbouw meer noemen.”

Het geld dat het komende kabinet vrijmaakt voor de Schilderswijk moet volgens Duivesteijn vooral zorgen voor ’stabiliteit, stabiliteit, stabiliteit’.

„De sociale infrastructuur in de wijk is nog even dramatisch als dertig jaar geleden. Het grote probleem is dat de gemeente en de woningcorporaties denken: ’wij weten wat goed voor jullie is’. De wijk moet worden teruggegeven aan de bewoners. Als iemand nu problemen heeft met zijn sociale huurwoning, moet hij bellen met een antwoordapparaat. Laat die mensen hun woning kopen. Maar er is in geen vertrouwen in de bewoners.”

Hoeveel geld er ook in de wijk wordt gepompt, de Schilderswijk zal nooit een hippe buurt worden. Want de goedkope huurwoningen vormen voor veel arme nieuwkomers de voordeur van de stad, de sluis richting de betere wijken. Robbert van der Vlerk ziet het met eigen ogen. De Turken redden zich inmiddels aardig. Daar woedt de grote ondernemersgeest die de oorspronkelijke bewoners ook hadden. Nu zorgen Marokkanen voor problemen en straks zijn het de Bulgaren, voorspelt hij.”

Volgens Pierre Heijnen moet Den Haag accepteren dat dergelijke problemen van blijvende aard zijn. Maar hij ziet een kentering. Voor het eerst in de geschiedenis kopen mensen – vooral Turken en Hindoestanen – huizen in de Schilderswijk voor 200.000 euro. „En ze blijven er ook wonen. Dat is nog nooit gebeurd. Het gemiddelde jaarinkomen gaat langzaam omhoog. Ik voorspel je: binnen tien jaar is de Schilderswijk verdwenen uit de toptien van armste buurten van Nederland.”

Dat is precies het goede nieuws waar ze zich in buurthuis Sam Sam aan vastklampen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden