Ze houden van letters en van papier

Stichting Drukwerk in de Marge, f 50, per jaar, over te maken op giro 3410420 tnv Penningmeester Stichting Drukwerk in de Marge, Leidse Slootweg 4, Woubrugge. Boekwinkel Minotaurus, Sint Anoniesbreestraat 3d, Postbus 16477, 1001 RN Amsterdam, tel. 020-6227748, geopend di t/m za 13.3017.30 uur.

Elk jaar worden er honderden boekjes gemaakt die niet, of alleen bij hoge uitzondering, in de reguliere boekwinkels te verkrijgen zijn en die ook nauwelijks worden besproken in de pers. Ze verschijnen in een kleine oplage, letterlijk in de marge van het commerciele boekenbedrijf dat op bestsellers hoopt. De uitgevers van deze boekjes zijn dikwijls ook de drukkers en ze doen hun werk over het algemeen niet uit winstbejag, maar omdat ze er aardigheid in hebben.

Ze houden van letters, van papier, van typografie, van een eigenhandig gemaakt boek. Ergens in hun huis, op een stevige ondergrond, staat een oude degelpers en in hun letterkasten hebben ze letters die ze mooi vinden. Hun vrije tijd besteden ze aan het maken van boekjes op de ouderwetse manier, met de hand.

In 1975 verenigden deze drukkers zich in de Stichting Drukwerk in de Marge. Tien jaar later waren er al honderden liefhebbers van marginaal drukwerk lid, waaronder meer dan zestig actieve margedrukkers.

Op het ogenblik is het circuit enorm, getuige de Beurs voor kleine uitgevers, gehouden in het Amsterdamse Paradiso, waar men door de drukte de boekjes bijna niet bereiken kan. Weliswaar is dat geen margemarkt in strikte zin (die vindt in Amsterdam plaats in een van de zalen van Artis), maar er staan veel margedrukkers. In de loop der jaren zijn veel verschillende soorten drukwerk en veel verschillende manieren van uitgeven 'in de marge' gaan heten.

Ze zijn er nog steeds, de handwerkers. Ze opereren onder hun eigen naam Ser J.L. Prop, Hein Elferink - of onder de naam van hun pers: De Lange Afstand, Avalon Pers, In de Bonnefant, Atalanta Pers, De Zondagsdrukkers, Sub Signo Libelli, Exponent, Mikado Pers. Daarnaast zijn er kleine uitgeverijtjes, die de boeken laten maken en die ook een minieme rol spelen in het officiele boekencircuit, bij voorbeeld Herik, 'uitgeverij in de marge'. En dan zijn er nog de uitermate dure uitgeverijen, zoals Philip Elchers: marginaal weliswaar, maar wel degelijk op verkoop gericht.

Dat de marge onder druk staat van de commercie is een ding dat zeker is. Sommige antiquariaten, zoals Reflex en Huijer, specialiseren zich er helemaal in en bieden de boekjes daags nadat ze verschenen zijn al aan. De tijd dat een margedrukker als Jaap Meijer, uit Amsterdam, in stilte zijn prachtige boekjes maakte, ze aan enkele bevoorrechten schonk en ze bij hoge uitzondering, maar dan tegen kostprijs ( 14,50 of iets dergelijks) aan een buitenstaander verkocht - die tijd is voorbij.

Hoewel de kring van belangstellenden gegroeid is en het margedrukwerk dus niet meer alleen een produkt van liefhebberij is, maar ook handelswaar, moet niet de indruk ontstaan dat de margedrukkers nu zijn veranderd in keiharde zakenlui. Dat is allerminst het geval. De prijzen die ze voor hun uitgaafjes vragen zijn in de meeste gevallen reeel en het komt nog steeds voor dat ze dingen drukken die in het geheel niet voor de verkoop bestemd zijn. Per definitie geldt dat voor het traditionele koppermaandagdrukwerk, een soort nieuwjaarsgeschenk van drukkers dat verschijnt op de eerste maandag na Driekoningen.

Hoe komt een margedrukker aan tekst? Hij moet ernaar op zoek gaan en zijn voorliefdes volgen. Soms beschikt hij over literair-historisch interessant materiaal, bij voorbeeld ongepubliceerde gedichten van Wilfred Smit of Chr.J. van Geel. Ook kan hij in een obscuur tijdschrift een onbekende tekst aantreffen, die hij graag wil herdrukken, zoals de Houtpers deed met een paar verhaaltjes van Nabokov. Als de drukker nieuwe Nederlandse literatuur wil uitgeven, en velen willen dat, dan wendt hij zich tot de schrijver en hij vraagt hem of hij misschien iets nieuws heeft liggen wat hij wel graag, in de marge, gebundeld of als 'vliegend blaadje' gedrukt zou willen zien.

Meestal is het poezie, waar de margedrukker zich op toelegt, eenvoudig omdat een stuk proza van enige omvang teveel tijd vergt. Toch komen ook kleine verhalen of columns wel in aanmerking.

In het komende seizoen zullen er, net als in de afgelopen jaren, ettelijke boekjes verschijnen met nieuw werk van Nederlandse schrijvers en dichters, boekjes die men eventueel verwerven kan op een margemarkt of door een bezoek aan de margeboekwinkel Minotaurus in Amsterdam. Een andere manier om op de hoogte te raken van wat er in dit circuit speelt, is lid worden van de Stichting Drukwerk in de Marge, die vier keer per jaar een 'Nieuwsbrief' rondstuurt met informatie over nieuwe uitgaven, en een keer per jaar een 'Bulletin' uitgeeft.

Het gaat dus om drukwerk dat in de marge verschijnt, maar dat allerminst marginaal is. Zo heeft Hein Elferink uit Assen al verschillende kleine bundels van de prominente dichter C.O. Jellema uitgegeven, alsmede vertalingen die hij maakte van enkele Duitse dichters. Dikwijls komt dat werk later wel weer in een grotere bundel van Jellema bij zijn uitgever Querido, maar soms gebeurt dat ook niet en dan is Elferinks uitgave dus de enige. Wie de bibliografie van een dichter als Wiel Kusters bekijkt, ziet dat een ongelooflijke hoeveelheid van zijn werk verspreid ligt in talloze margedrukken.

In zo sterke mate is dat natuurlijk bij weinigen het geval, maar de meeste schrijvers en dichters hebben tegenwoordig toch wel een of meer uitgaafjes in de marge. Ik zal er een paar noemen, een nogal willekeurige greep uit wat een onoverzienbare hoeveelheid is. Het moet in dit verband buitengewoon betreurd worden dat de Stichting na 1983 is gestopt met de uitgave van de 'Bibliografie van uitgaven der contribuanten', want die was onmisbaar voor het overzicht.

De eerste die ik hierboven noemde, Ser J.L.Prop uit Terhorst, behoort tot de categorie margedrukkers die het handwerk perfect willen uitvoeren en de grootst mogelijke aandacht besteden aan de typografie. Als de duidelijkste tegenstelling in de gelederen van de margedrukkers die is tussen pure typografen en versierders, dan is hij een pure typograaf. Alle drukkers die hier nog zullen volgen, zijn dat, zij het soms wat rekkelijker.

Prop gaat het om de tekst, maar hij wil die wel zo mooi mogelijk gedrukt hebben en als boekje of brochure zo mooi mogelijk vormgegeven.

Tot zijn lievelingsauteurs behoren Jan Hanlo, Pierre Kemp en Chr.J. van Geel, van wie hij intussen heel wat nagelaten werk heeft uitgebracht. Recent verscheen van de laatste 'Tijdrovertje', met werk dat tussen 1948 en 1955 geschreven moet zijn:

Hoor de wind gaat door de bomen,

door de hoge lang gemisten.

O, hoe wisten ze mijn dromen.

Kom maar bij me, kom maar bij me,

buig je hoofd maar op het kussen,

al je weemoed zal ik sussen

in een najaar zo volkomen

dat de lente je zal missen.

In het fonds van Prop zitten verder nog onder anderen Gerrit Krol, Henk Romijn Meijer, Elisabeth Eybers, Hans Berghuis, Helmut Salden (die prachtige monogrammen tekent voor Props uitgaven), Robert Anker, Jan Emmens, J. Slauerhoff.

De eerst in Wijhe, nu in Assen woonachtige Hein Elferink verzorgde verschillende uitgaafjes van Willem Brakman: ter gelegenheid van diens zeventigste verjaardag onlangs zelfs drie tegelijk. Jan Kuijper, zelf een dichter van sonnetten en bewonderaar van de poezie van Der Mouw, schreef een nawoord bij diens 'Latere verzen'. Van Rutger Kopland verscheen niet zo lang geleden het bundeltje 'Al bijna'.

Ook Elferinks boeken zijn met de grootste zorg gemaakt. Zelfs zijn aanbiedingsprospecti zet en drukt hij zelf; ze onderscheiden zich in niets van zijn andere drukwerk.

Een curieus geval is het, overigens al bijna uitverkochte, 'Help will come to you!', een verhaal van Henk Romijn Meijer over een hernieuwd bezoek aan Amerika, een speurtocht naar de ware aard van 'de Amerikaan'. Vijftig exemplaren van dit boekje werden gebonden in landkaarten van de vijftig Amerikaanse staten, waardoor elke band uniek is.

Het komt geregeld voor dat margedrukwerk ook beeldende kunst bevat, bij voorbeeld als frontispice, of zelfs in nauwere samenhang met de tekst.

De Lange Afstand, waarachter de beeldend kunstenaar ('etser' zegt hij zelf) Peter Yvon de Vries schuilgaat, legt zich toe op tekst en beeld. Voor het beeld tekent De Vries vrijwel altijd zelf, de tekst is van heel diverse auteurs afkomstig: van Jacob Israel de Haan, Frans Erens, Kneppelhout, Mallarme, Anneke Brassinga, Dorinde van Oort, Wiel Kusters, K. Schippers, en laatstelijk Chr. J.van Geel. 'Hun gratie is verborgen' telt maar liefst negentien niet eerder gepubliceerde gedichten van Van Geel en zes tekeningen van de dichter. Ik mocht zelf de flaptekst schrijven.

De Vries' publicaties zijn telkens anders, wat het formaat, de typografie, de letterkeuze, de titelpagina, de band betreft. Hij is daarin veel springeriger dan de twee eerder genoemde margedrukkers. Blijkbaar wil hij ook typografisch vooral beeldend kunstenaar zijn. Prachtig komt die neiging tot uitdrukking in het 'Abecedarium' dat hij samen met Kusters maakte. Kusters schreef het versje, De Vries strooide er allerlei soorten en corpsen, soms gekleurde, letters omheen.

De Avalon Pers draait al heel lang mee. De eigenaar, Jan Keijser uit Woubrugge, is een stuwende kracht in de Stichting en heeft in bijna twintig jaar een kolossaal aantal titels gedrukt. Veel van J.C. van Schagen, veel ook van Gerrit Achterberg. Verder werk van Mary Dorna, Redbad Fokkema, I.K.Bonset, Pierre Kemp en vele anderen. Van C.C.S. Crone onder meer dit onbekende gedicht:

LATIJNSCHE LES

De zon schijnt licht op de verwarming;

dat is misschien een soort erbarming

van den Heer voor heel dit bete

schoolgedoe.

Buiten klopt een juffrouw kleedjes

met een moe

gebaar. een haan kraait naar de lucht.

M'n buurman slaakt een diepe zucht,

tot Phaeton ons allen meesleept met

z'n paarden en z'n wagen

en wij de foltering opnieuw met versche indolentie dragen.

Slechts de zon strooit schuchter nog

erbarming

op de radiator der verwarming.

Een reusachtige onderneming was de 'Verzamelde gedichten' van Anthony Kok. Onlangs presteerde Keijser het nog om een nieuwe uitgave te maken van Omar Khayyams gedichten in de vertaling van Fitzgerald, zijn dikste boek tot dusver.

De Avalon Pers is gemengd literair-historisch en actueel-literair geinteresseerd. In de Bonnefant richt zich uitsluitend op nieuwe literatuur en geeft die voorbeeldig uit. Er verschenen bundels van H.H. ter Balkt, Hans Faverey, Gerrit Kouwenaar. Aan de laatste is indertijd zelfs een huldeboek gewijd: 'Het is zo vandaag als altijd', ter gelegenheid van zijn zestigste verjaardag.

Hugo Claus droeg het volgende gedicht bij:

VOOR GERRIT

Gelukkig dat zij jou als zoon had,

je moeder

En gelukkig dat je er bent

Ratelend remmend op de

Racefiets van je vers

In dat gedicht van langgeleden

en vandaag

Tussen tantes met hun gloeiend water en de

Koeken door je ooms gesneden.-

Omdat je er bent

Uitermate dichter in een

Wereld die elke dag als in " DE DAG"

Eerder dichterbij dan toen ruikt

Naar de brandgeur in de jas van

je vader.-

Achter je radeloze fonemen

Aan redelijke rafels geschreven

Raad ik het: je kunt het, zweven.

De Atalanta Pers in Baarn (Rene Bakker) geeft allerhande literaire teksten uit, ook in vertaling, veelal vergezeld van beeldend werk.

Een groot project met betrekking tot de Zestigers, dichters die in de jaren zestig debuteerden, werd tot een goed einde gebracht: er verschenen zeven boeken, waarin de dichters zelf een keuze maakten uit hun werk en waarin een kleine beschouwing over dat werk door iemand anders werd afgedrukt. Het ging om H.C. ten Berge, J. Bernlef, Hans Faverey, Jacques Hamelink, Judith Herzberg, Rutger Kopland en Willem van Toorn.

Een van de weinige margedrukkers die zich geheel buiten de handel heeft gehouden is Reinold Kuipers (De Zondagsdrukkers - meervoud, omdat hij vroeger met Carmiggelt, later met Jaap Meijer en nu met Peter Yvon de Vries samenwerkt). Zijn drukwerk is buitengewoon mooi, maar slechts weinigen krijgen het onder ogen.

Kuipers heeft werk uitgegeven van N.E.M. Pareau, J.C. Noordstar, Remco Campert, Gerrit Achterberg, Toon Tellegen en A. Koolhaas. 'Rossignol is nachtegaal' is de titel van Koolhaas' verzamelde gedichten, elf in getal:

BLOEM

Deze bloem

op mijn hoed

is geen bloem

maar van goed.

Heel verfijnde uitgaven zijn afkomstig van Sub Signo Libelli (Ger Kleis), wat een schitterend fonds is met dichters erin als Kees Ouwens, Gerrit Komrij, Judith Herzberg en vele anderen, en vertalingen van bij voorbeeld Annenski en Penna.

Ook Exponent uit Bedum, Menno Wielinga, hoeveel hoekiger ook in de uitvoering, heeft heel wat Nederlandse literatuur gedrukt: gedichten van Anna Blaman, Gerrit Komrij, C.O. Jellema en zo voort.

De Haagse Mikado Pers (Frans den Breejen) behoort tot de top van de zelfdrukkerij: hij brengt veel werk van Anton Korteweg en maakte mooie boekjes van Nicolaas Matsier en Rogi Wieg. De laatste tijd besteedt hij veel zorg aan de band, die hij zelf vervaardigt, iets wat veel margedrukkers moeten uitbesteden.

In het margecircuit is, kortom, veel aan de hand dat de belangstelling verdient van wie in literatuur en in mooi drukwerk is geinteresseerd. Boekwinkel Minotaurus heeft het meeste in voorraad (tenminste, als het nog te krijgen is, want veel is gauw uitverkocht, de oplagen zijn klein), ook is er werk van buitenlandse margedrukkers te krijgen zoals van de meesterlijke Parijse pers Kickshaws. De Stichting Drukwerk in de marge, nogmaals, en de margemarkten die behalve in Amsterdam ook elders in den lande gehouden worden, kunnen de ogen openen voor al dit bijzondere drukwerk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden