Ze houden van die rotflat

De bejaarde bewoners van de Groningse Veldspaatflat hebben appartement 182 'gekraakt' en er een ontmoetingsruimte van gemaakt. Drie keer per week wordt er gesjoeld, én gepraat over het gevaar dat op hen afkomt. Hun flat wordt verbouwd tot een heus woonzorgcomplex, maar of ze daar beter van worden?

Om kwart voor tien is het mooi geweest en stappen de pleegzusjes de gaanderij van de flat op. Eerst Frouwkje, op pantoffels, dan Anneke. Het is koud. Gelukkig hoeven ze maar een paar deuren verder. Thuis gaan ze televisie kijken en breien. Frouwkje (66) zegt: ,,Ik brei dekentjes voor de arme landen''.

Bijna drie uur sjoelen hebben de dames er dan op zitten. Frouwkje heeft de even oude Anneke, met wie ze al een leven lang samenwoont, ingemaakt. Zoals gewoonlijk. Want Anneke en Frouwkje sjoelen elke maandag-, elke woensdag- en elke vrijdagavond in appartement 182 van de Veldspaatflat, aan de rand van de Groninger wijk Vinkhuizen.

Vinkhuizen krijgt een facelift. Meer eengezinswoningen, meer groen en een sexy winkelcentrum. Op oude portiekflats in de wijk wordt de sloper afgestuurd. Maar de Veldspaatflat mag blijven staan. Woonzorg Nederland heeft de kolos van negen verdiepingen gekocht. De landelijke corporatie, gespecialiseerd in seniorenwoningen, maakt van de flat een woonzorgcomplex. Er komen aanleunwoningen bij en het huidige gebouw wordt geschikt gemaakt voor ouderen die zorg en verpleging nodig hebben. Straks zitten de dokter, de verpleegster en de fysiotherapeut met de bewoners onder één dak.

Met het oog op de operatie zijn veel flatbewoners vertrokken. Maar een vaste kern ouderen, zoals Frouwkje en Anneke, wacht de aannemer af. Zoals wel vaker bij dit soort renovaties is diens komst al een paar keer uitgesteld. In flat 182 - 'de huiskamer' gedoopt - kunnen de achterblijvers sinds deze zomer hun zorgen en hun zenuwen daarover bespreken. Op papier dan. In het echt wordt er in de huiskamer vooral gesjoeld, gekaart, gedart en koffie en fris gedronken. Of een pilsje, maar niet meer dan twee, op vrijdagavond drie. Het moet geen rommeltje worden, zeggen de vaste gasten.

Er hangen tl-buizen, de muren zijn kaal en er staan kantoormeubels, gekocht door Woonzorg Nederland. De vloerbedekking is, net als de gordijnen, overgenomen van de laatste bewoner. Echt knus is anders. De verzameling buren die hier samenkomt is evenwel hartverwarmend. Frouwkje kan niet lezen of schrijven, maar niemand die het aan haar merkt. Olijk: ,,Ik zeg gewoon dat ik mijn leesbril vergeten ben''. Pleegzus Anneke geeft haar zoveelste steen een zetje en verklaart het urenlange sjoelen met: ,,Wij kunnen niet kaarten''. Dina (76) geeft niet om sjoelen, maar is weer gek op klaverjassen. In haar chique blouse wacht ze geduldig bij de kaarttafel tot Leo (72), Jan (69), Arie (72) en Tonny (48) klaar zijn met hun potje.

Dina's man ging dood toen zij veertig was en liet haar achter met twaalf kinderen. Trots steekt Dina haar duim omhoog: ,,Ze zijn allemaal zó de deur uitgegaan''.

Loes (61) vindt het jammer dat het niet zo druk is vanavond. De blinde meneer is er bijvoorbeeld niet. ,,Kijk, dit is het waterbakje van zijn hond'', zegt Loes. Samen met Tonny is zij de drijvende kracht achter de huiskamer. Elke woensdagochtend zit daar ook een maatschappelijk werkster, maar die heeft tot op heden niet veel te doen. De buren lossen het liever samen op. Dagelijks loopt Loes vijf keer met de hond en hoort zo de verhalen van de flatbewoners vanzelf.

Tuurlijk zijn er veel 'ouderen' die zich afvragen wat ze straks in vredesnaam moeten in een bejaardenhuis. Tonny vraagt zich dat ook af. Met zijn 48 jaar moet de voormalige vrachtwagenchauffeur een van de jongste achterblijvers zijn. Hij wil wel weg, maar sinds hij vier jaar geleden een kleine hersenbloeding kreeg, is een verhuizing misschien net iets te heftig. In plaats daarvan beheert Tonny de huiskamer. Met echtgenote Willie doet hij de inkopen, van de minikerststerren op de keukentafel tot de pakken sap.

Loes en haar man wonen nog maar tweeënhalf jaar in de Veldspaatflat. Min of meer tegen hun zin verhuisden ze erheen toen hun woning elders in Vinkhuizen werd gesloopt. Amper negen maanden later hoorden ze dat hun nieuwe flat een woonzorgflat zou worden. Loes' man Jan (69) kreeg een beroerte van schrik. Het echtpaar voelt zich te jong voor een zorgcomplex, maar nogmaals verhuizen nu Jan met een rollator loopt, nee... Loes maakt er het beste maar van: ,,Zo'n huiskamer en de bewonerscommissie, waar ik ook in zit, leiden je af. Je kunt toch niet de hele dag denken: Die rotflat!'' En zo is van het een het ander gekomen. Loes heeft nu elke ochtend haar buurvrouw Dina te ontbijten. ,,En op zaterdag gaan we vaak met een paar buren naar de stad, eten we een maaltijd bij de Hema.''

In deze huiskamer beelden ze het spreekwoord 'een goede buur is beter dan een verre vriend' uit. Ook deze avond waarop Arie kort na de pleegzusjes Frouwkje en Anneke zijn jas aandoet en moeder de vrouw weer eens opzoekt. De oud-PTT-beambte laat op tafel een euro achter voor de twee biertjes die hij heeft gedronken. In de cassetterecorder blijft Arie's bandje met accordeonmuziek nog een halfuurtje spelen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden