Ze eet geen vlees, dus is ze gek

Met haar roman 'De vegetariër' laat Han Kang zien hoe hard een traditionele samenleving dissident gedrag afstraft

Als je vroeger als vegetariër bij vrienden of familie ging eten, dan werd er speciaal voor jou een plak kaas gebakken of een omelet geklutst. De rest van het gezelschap at vlees. Tegenwoordig is dat meestal anders: de gastvrouw of gastheer laat iedereen een dagje vegetarisch mee-eten: gezond, milieubewust en lekker.

In het hedendaagse Zuid-Korea, waar de eerste in het Nederlands vertaalde roman van schrijfster Han Kang (1970) zich afspeelt, gaat het er anders aan toe. Wanneer Yeong-hye besluit geen vlees meer te eten, raakt de hele familie ontregeld. De conventies wegen in haar cultuur zo zwaar, dat een individuele keuze wordt gezien als een vorm van anarchie.

Kangs roman bestaat uit drie delen. In het eerste en schokkendste deel lezen we hoe Yeong-hye's echtgenoot reageert op haar besluit vegetariër te worden, in het tweede volgen we de gebeurtenissen door de ogen van haar zwager, in het derde van haar zus.

De echtgenoot - die louter in clichés denkt, zich alleen in vormelijke taal kan uitdrukken en daarmee het systeem belichaamt - blijkt met Yeong-hye te zijn getrouwd omdat ze zo'n meegaand karakter leek te hebben. Een vrouw die zonder te zeuren voor hem zou koken en het huishouden zou doen. Die hem nooit te schande zou maken. Haar besluit geen vlees meer te eten wekt in hem dan ook vooral zelfmedelijden. Zijn vrouw zet hem 'armzalige' maaltijden voor.

Maar bovenal schaamt hij zich voor zijn collega's, die hun oordeel niet onder stoelen of banken steken: vegetariërs zijn kleingeestig, vegatarisme is typisch iets voor buitenlanders, het is onnatuurlijk. En Yeong-hye moet wel gek geworden zijn, omdat evenwichtige voeding (lees: vlees eten) en een evenwichtige geest nu eenmaal samengaan. In plaats van het voor Yeong-hye op te nemen, voelt de echtgenoot zich voor schut gezet. Hij schakelt haar familie in, die zich volledig achter hem schaart.

Han Kangs taalgebruik blijft bij alle consternatie opmerkelijk nuchter. Verontwaardiging klinkt er niet in door, het is aan de lezer zelf te oordelen: "De familiebijeenkomst die gepland was op de tweede zondag in juni beloofde een zeer belangrijke gebeurtenis te worden. Ook al zei niemand het met zo veel woorden, het was duidelijk dat ze allemaal van plan waren mijn vrouw flink de les te lezen."

Tijdens het etentje gebeurt dat eerst met morele chantage: "Die gekruide oesters heb ik speciaal op de markt gehaald omdat ik weet dat Yeong-hye er dol op is... en nu heeft ze ze nog niet eens aangeraakt." Als dat niet werkt, ontsteekt de vader in woede, perst Yeong-hye's lippen met geweld open en duwt vlees naar binnen. Meteen daarna onderneemt Yeong-hye een zelfmoordpoging.

In het tweede deel, dat zich een paar jaar later afspeelt, is Yeong-hye door haar echtgenoot in de steek gelaten en ontfermt haar zwager zich over haar; als kunstenaar is hij eveneens een buitenbeentje. Maar dat leidt tot een seksuele verhouding en nieuwe problemen. In het derde deel, dat weer een paar jaar later speelt, blijkt dat Yeong-hye's zus haar heeft laten opnemen in een psychiatrische inrichting. Dit deel is vooral interessant vanwege de overpeinzingen van de zus, die moet constateren dat het misschien niet eens zo slecht was dat Yeong-hye alle sociale verplichtingen aan haar laars heeft gelapt. Zij vindt zulk gedrag weliswaar onverantwoord, maar het heeft Yeong-hye wel vrij gemaakt, terwijl haar eigen leventje van toewijding haar niets heeft opgeleverd: "Haar leven was niet meer dan een schimmige vertoning van uitgeputte verdraagzaamheid." Als Yeong-hye de grens van het betamelijke niet had overschreden, beseft ze, dan was zijzelf misschien degene geweest die het leven in een vast stramien niet langer had kunnen verdragen, die zou zijn ingestort of uitgebroken.

Han Kang legt bloot hoe een samenleving zonder noemenswaardig respect voor het individu functioneert: wie zich kan aanpassen aan de heersende norm, vindt overal steun en warmte, wie dat niet kan is genadeloos verloren. Het gebrek aan individualiteit wordt onderstreept door de wijze waarop de auteur personages benoemt: vrijwel niet bij naam, maar steeds als echtgenoot, zwager, moeder, zus of vader, daarmee vooral hun rol in relatie tot anderen weergevend. Veelzeggend is ook dat Yeong-hye niet aan het woord komt. Zij, anders dan de rest, wordt monddood verklaard, haar stem wordt haar afgenomen. Het zijn de anderen die haar verhaal vertellen.

Niet alleen de familie radicaliseert in afwijzing van Yeong-hye, haar eigen verzet wordt ook almaar absoluter, wat de tekst onder voortdurende spanning zet. Yeong-hye gedraagt zich steeds onaangepaster, totdat ze helemaal niet meer wil eten en gelooft dat ze langzaam in een boom verandert. Het is een zwijgend protest, een opperste vorm van concentratie, een manier om de wereld buiten te sluiten.

Vegatarisme, en vegeteren, zijn hier natuurlijk metaforen voor passief verzet. Lichaam en geest vormen voor vrouwen als Yeong-hye hun enige kans op privacy: het laatste terrein waar ze zeggenschap over hebben. Rond dat gegeven schept Han Kang een verstikkende sfeer. Vooral wanneer de buitenwereld steeds harder probeert om Yeong-hye in het gareel te houden, lopen de rillingen je over de rug: gedwongen injecties met tranquillizers, vastbinden tijdens dwangvoeding... geen middel wordt geschuwd.

Van haar zus, het enige familielid dat haar ten slotte nog bezoekt, hoeft Yeong-hye ook geen liefde meer te verwachten: "'Je gaat dood', zei ze, dit keer luider. 'Je ligt daar in dat bed en je gaat dood. Iets anders is het niet.' Ze knijpt haar mond stijf dicht en klemt haar tanden zo hard op elkaar dat haar kaken verkrampen, vechtend tegen de wens om het wezenloze gezicht van Yeong-hye te pakken, haar graatmagere lichaam flink door elkaar te rammelen en haar dan weer op het bed te smijten."

'De vegetariër' is een roman die je bij de keel grijpt; een angstaanjagend verhaal over de eenling die ten onder gaat in een maatschappij waarin alles draait om verwachtingspatronen en sociaal aanvaardbaar gedrag.

Han Kang: De vegetariër. Vert. Monique Eggermont. Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam; 222 blz. euro 19,99

Van de Zuid-Koreaanse Han Kang (1970) zijn twee boeken in het Engels vertaald, waaronder het nu ook hier verschenen 'De vegetariër".

Yeong-hye gedraagt zich steeds onaangepaster, totdat ze helemaal niet meer wil eten

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden