Zacht veren op verglijdende klanken

Bavo-kathedraal, Leidsevaart, Haarlem: vandaag 11 uur Livre d'Orgue; 13 uur: Méditations Sainte Trinité; 15 uur: Livre du Saint-Sacrement.

Toch wekte de Nederlandse organist Willem Tanke vorige week zaterdag de stellige indruk dat hij zijn inzicht in Messiaens componeren persoonlijk bij de maître had verdiept. Net zoals Reinbert de Leeuw het geluk had om orkestwerk van Messiaen onder diens toeziend oog te repeteren en te doorgronden.

Zo overtuigend droeg Tanke op het Willibrord-orgel in de r.-k. kathedrale basiliek Sint Bavo de muziek van Messiaen voor. Hij speelde àlle composities voor orgel, elf nummers, in totaal ruim zeven uur muziek. Om organisatorische redenen moest het in Haarlem op twee zaterdagen, telkens drie concerten van één tot anderhalf uur.

Vandaag volgt de tweede helft met de veeleisendste stukken. De afsluiting is zelfs een uitputtingsslag van bijna twee uur: het 'Livre du Saint-Sacrement'. Het is een achttien-delig mystiek geladen bezinning op het geconsacreerde brood in relatie tot gebeurtenissen in het leven van Jezus. Lichamelijk is het nog wel te doen, legt Tanke uit, minder inspannend dan bijvoorbeeld pianospelen. Maar geestelijk is de aanslag enorm vanwege de concentratie die Messiaens muziek vergt.

Vanmorgen moet die om 11 uur al in topvorm zijn voor het 'Livre d'Orgue'. “Zonder twijfel zijn meest ontoegankelijke orgelwerk. Er is geen spoor van tonaliteit in aanwezig en de vorm van de afzonderlijke delen is moeilijk te begrijpen”, zo noteerde de concertgever in de programmatoelichting (een helder geschreven boekje met waardevolle aanwijzingen voor de Messiaen-luisteraar).

Met 'Livre d'Orgue' meldde de 26-jarige Tanke zich in 1985 bij Messiaen, toen hij hem een bandje toestuurde van een uitvoering in het kader van zijn eindexamen aan het Utrechts Conservatorium. “Ik kreeg een brief terug van zijn vrouw, Yvonne Loriod, waarin zij mij bedankte en schreef dat Messiaen druk bezig was met zijn opera 'Saint François d'Assise'. Dankzij die brief kreeg ik een Nederlands stipendium om verder te studeren, wat ik deed bij Almuth Rössler en Jennifer Bate, twee organistes die gespecialiseerd zijn in Messiaens muziek.”

De nu 35-jarige Tanke noemt zijn leraar Jan Welmers echter als degene die hem gedurende acht jaar begeleidde en vormde in de eigentijdse orgelmuziek, onder meer van Messiaen. Hij schudt lachend ontkennend het hoofd, als ik mijn vermoeden uitspreek dat hij al als jongetje net zo met Messiaen bezig was als leeftijdgenootjes met voetbalsterren. Want hoe bouwt iemand zo'n volmaakte rust en zekerheid op om deze technisch en inhoudelijk zware eigentijdse composities compleet te leren beheersen?

Hij geeft toe: belangstelling voor 'gekke' muziek heeft hij altijd gehad. Met vriendjes op school luisterde hij bijvoorbeeld naar Stockhausen. Op een eindexamenfeestje werd 'Aus den sieben Tage' gedraaid. Omdat de pastoor in zijn geboorte- en woonplaats Hengelo om een organist verlegen zat en Tanke piano speelde, stapte hij ook op het orgel over, leerde de naam Messiaen kennen en diens muziek van platen, om tevens afgeschrikt te worden toen hij de partituren zag.

“Op het conservatorium dacht ik: 't is misschien wel mogelijk, als je maar hard werkt. Het is de virtuositeit, de veelheid aan noten, die Messiaen zo moeilijk maakt. Daar heb je een goede techniek voor nodig. 't Is me niet makkelijk afgegaan om het allemaal in de vingers te krijgen. Het concentratie-vermogen spreekt ook mee, maar ik geef toe, dat geldt voor iedere muziek van niveau. Misschien het soms langzame tempo dat Messiaen vraagt; dat moet je goed kunnen aanvoelen.”

'Extrêmement lent, tendre, serein' noteerde Messiaen bij de tweede sectie uit 'Combat de la mort en de la vie', het vierde deel uit 'Les corps glorieux' (1939). Traag voortschrijdende melodieën en harmonieën, in feite dunne muziek, die direct zonder betekenis zou zijn indien zij sneller, zonder de vereiste spanning zou worden gespeeld. Muziek ook met een boeiende uitwerking op luisteraars. In de Haarlemse kathedraal hoorde het merendeel van de naar schatting tweehonderd aanwezigen heel geconcentreerd toe, in meditatieve verzinking half voorover gebogen zittend. De banen van gezeefd zonlicht die door de zuiderramen vielen, vormden met de klankkleuren in de gewelven een audiovisuele combinatie met transcendente kantjes.

Zelf omschrijft Tanke het gevoel dat hij krijgt bij het spelen van langzame passages als “het veren op een zachtverend matras, of het gevoel dat je op de grond loopt met grote lichte stappen, een soort moonwalk. Het is vreemd: je moet fysiek precies het tegenovergestelde doen van wat de muziek vereist; je moet toetsen neerwaarts drukken, terwijl de muziek dient op te stijgen. Als je die tegenspraak kunt oplossen, geeft dat een goed gevoel.” De klankkwaliteiten en registratiemogelijkheden van het door Adema gebouwde Willibrord-orgel voerden Tanke logischerwijze naar Haarlem. “In Nederland het meest geschikte instrument”, luidt zijn oordeel. “Het is gemaakt in de lijn van de Cavaillé Coll-orgels, waarvan Messiaen er zelf een bespeelde in de Parijse Trinité-kerk. Op de klank daarvan maakte Messiaen zijn registratie-voorschriften. In Haarlem kun je die vrij goed overbrengen.”

De suggestie om zo'n integrale te geven op het gerestaureerde Maarschalkerweerd-orgel in het Amsterdams Concertgebouw vindt Tanke interessant, maar hij zou de mogelijkheden eerst moeten uitproberen, ook in verband met de zaalakoestiek. Het orgel in de Dom van Utrecht prijst hij om de geweldige klankschoonheid, maar het ligt minder voor de hand “want je kunt er niet zo goed de klankkleuren nabootsen die Messiaen verlangt.”

Onderscheid tussen het orgelwerk en symfonisch oeuvre van Messiaen maakt Tanke niet. “Ik beschouw hem in de eerste plaats als componist. De orgelkunst mag zich gelukkig prijzen dat zo'n belangrijk organist ook zo'n belangrijk componist is geweest. Want daarom doe ik deze integrale: omdat ieder stuk betekenis heeft; ze zijn allemaal van hoog niveau. De ontwikkeling tussen 1926, zijn eerste orgelwerk als achttienjarige, en 1984 weerspiegelt zo mooi Messiaens compositorisch leven. Dat prikkelt mij tot deze complete uitvoering. Ik weet geen andere componist bij wie ik dit zou doen. Widor? Neen, ik niet.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden