You like my T-shirt?

Ik had zonder gêne naar zijn T-shirt gekeken terwijl we samen wachtten tot de 'hoffelijkheidsklerk' van de supermarkt mijn boodschappen in zakken had gedaan. En zonder schroom was hij het praatje begonnen, een magere man van in de zestig met op zijn borst een mooie uitspraak van Erasmus van Rotterdam, iets over boeken, dat je beter dood kon zijn dan uitgelezen.

“Mijn dochter heeft hem voor me gekocht. Maar ze kan er vast nog wel een krijgen. Ik hoef geen geld. Een avondje kletsen over die sterren die jij bestudeert, dat zou ik wel leuk vinden.”

Natuurlijk kreeg hij mijn adres. In dit land van seriemoordenaars, gangs en overvolle gevangenissen geef je elkaar in de winkel rustig je gegevens. Laat je de auto met het sleuteltje erin bij de parkeerplaats in de bergen staan. Staat je voordeur op een kier bij gebrek aan bel. Is het omdat Boulder anders is, kleinsteeds, progressief?

Get outta here! Er zijn al drie daklozen doodgeknuppeld dit jaar. Maar ook al stemden de Boulderites onlangs nog voor meer politie, die voordeur blijft open.

In het veilige Amerika hebben we het graag over gemeenschapszin. Vertragen auto's nog steeds van verre als een voetganger een teen naar het zebrapad uitsteekt. Waarschuwt een fietser als hij op de stoep een voetganger inhaalt. Gaan tegen kerst de beurzen open voor de minderbedeelden bij het betalen van de gasrekening (armlastige stokers) of bij het huren van een video (kinderziekenhuis).

Zo nu en dan gebeurt er iets dat in het licht van die gemeenschapszin helemaal nergens op slaat. Een skinhead, op de vlucht na een inbraak, schiet een politieman dood. Een ander vermoordt bij een bushalte vanwege zijn kleur een Mauritiaanse vluchteling. Een vrouw die het voor hem opnam kreeg een kogel door de rug - voor het leven verlamd. Dat is schrikken.

Maar daarna komt het geruststellingsmechanisme op gang. Die agent - een VanderJagt trouwens, een family man, wil toch dat werk blijven doen dat hij zo belangrijk vond. De vrouw - een VanVelkinburgh trouwens - verklaarde vanaf haar ziekbed dat ze een volgende keer weer haar mond zou opentrekken. Die mensen zijn het zout in de pap, het bewijs dat de Amerikaanse samenleving nog hartstikke gezond is.

En die moordenaars? Die hadden zich net voordat ze naar hun ideeën ging leven buiten de Amerikaanse samenleving geplaatst.

Alles klopt dus nog. Een buitenstaander hoef je niet te begrijpen. Die is nou eenmaal anders. Maar anderzijds weet je het maar nooit. Ze kunnen zomaar opduiken in je eigen buurt, in het lichaam van een American citizen waar niks mee mis leek.

Zo'n jongen die een paar klasgenoten doodknalt: is hij door anderen opgestookt, was hij lid van een enge sekte? Een gewoon Amerikaans jongetje was hij in ieder geval niet: dat waren wij vroeger namelijk, we namen onze geweren mee naar school zodat we er na schooltijd mee het bos in konden, de bovenmeester bewaarde ze. Bij mij in de staat mocht je een geweer als je twaalf was. Nou, bij míí in de staat mocht je schieten zodra je het geweer kon tillen.

Sommige Amerikanen zeggen eerlijk dat ze buitenstaander zijn geworden. Freemen noemen ze zich. Als je die voor de rechter sleept omdat ze hun belasting niet betalen, verklaren ze die niet-ontvankelijk. Zeggen ze dat ze zelf opperrechter zijn van de Republiek van Texas of zoiets. Anderen zeggen niks, maar laten het merken, door politieke of gewone misdaden. Ze gaan als het zo uitkomt het ongelijke gevecht aan met politie en rechtsstaat en dat is misschien nog wel het meest verontrustende: denken ze soms dat ze een gijzeling en schietpartij kunnen winnen?

In toenemende mate maken ze die mensen hier dood als het daarvoor voldoende uit de hand loopt, dat geeft toch wel een rustiger gevoel. Want ook al zijn het buitenstaanders, naar welk land zou je ze moeten uitzetten?

Van die man met het T-shirt overigens nooit meer iets gehoord. Maar daar ging het ook niet om. We maakten een praatje bij de kassa van de supermarkt. We speelden het spel, en zoals dat hoort liep het prima af. Twee deuren konden die avond gewoon weer op een kier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden