Review

Yoka van Brummelen in het spoor van Lili Green

Yoka van Brummelen, Lili Green (1885-1977), Uitg. IT & FB, ¿ 32,50

Yoka van Brummelen (1945) weegt haar woorden nauwkeurig af. Ze schuwt pathos niet en illustreert haar betoog met theatrale gebaren, als een volleerd actrice en doorleefde danseres. Drie jaar lang heeft zij zich in het leven van Alice Sally Mary (Lili) Green verdiept. Afgelopen maand richtte zij voor deze in Suriname opgegroeide en in Den Haag gestorven danspioniere een monument op, in de vorm van een expositie, voorstelling en boek (Lili Green 1885-1977). De laatste week van oktober waren expositie en voorstelling in de Amsterdamse stadsschouwburg te zien.

“Wat ik in Lili Green steeds meer ging bewonderen is dat grenzeloze zoeken, het niet willen opgeven, die nieuwsgierigheid en humor die voor overleven nodig is. Als danspioniere is zij een symbool geworden. In haar lange leven, ze werd 92, moet deze vrouw vele identiteitscrises hebben gehad. Naast overeenkomsten merkte ik natuurlijk ook verschillen tussen ons. Lili geloofde bijvoorbeeld in zwarte en witte magie. Mijn poging om haar tot leven te brengen, leerde mij vooral dat in de Nederlandse moderne dans de geschiedenis zich in essentie heeft herhaald. Toen ik mij in de jaren '60 blindelings in de moderne dans stortte wilde ik ook de autonomie van dans bewijzen. Het was toen een sport om alle bewegingen van het keurslijf van klassiek ballet te bevrijden. Ik voelde me een soort roepende in de woestijn, wist ook niets van de voorgeschiedenis die de moderne dans al had meegemaakt. Pas later besefte ik dat en heb ik dat zoveel mogelijk willen inhalen. Die tijd dat moderne dans zich wilde ontkoppelen van klassiek ballet is voorbij. Er is opnieuw een huwelijk gesloten tussen beide stromingen. Ik ontdekte dat ook Lili Green zich al in de jaren '20 bezighield met de raakvlakken van diverse dansstijlen. In 1905, toen zij voor concertpianiste studeerde, raakte zij geïnspireerd door een optreden van Isadora Duncan. Vijf jaar later zag zij ook Anna Pavlova. Haar hele leven heeft zij tussen de vrije dans à la Duncan en de technische begaafdheid van Pavlova gelaveerd.”

Drie jaar lang liet Yoka van Brummelen zich op sleeptouw nemen door het spaarzame archiefmateriaal dat haar voorgangster na liet. Stad en land reisde zij af. Die research was het gevolg van Yoka's besluit om haar eigen bakens te verzetten. Na ruim een kwart eeuw moderne dans, als danseres, docente, artistiek leidster, wilde zij de macht van het woord ervaren. Dus wendde zij zich voor haar omscholing tot de schrijversvakschool Colofon.

“Ik heb altijd al geschreven, meestal korte essays over de Amerikaanse voorvechtsters van de moderne dans. Ik wilde fictie gaan schrijven, maar begreep dat ik eerst mijn techniek moest verbeteren.” Toen zij in de documentatie-afdeling van het Theater Instituut wat foto's en programma's van Lili Green op het spoor kwam, ging Yoka over de geschiedenis van de theaterdans in Nederland lezen. “Wat mij direct aansprak was het feit dat Lili nog voor de eeuwwisseling in Suriname, op de cacaoplantage van haar vader was opgegroeid. Voor haar opleiding werd ze op haar 14e, dus in 1899 naar Nederland gestuurd. Kort daarna was haar familie geruïneerd, door de krulloten-ziekte in de cacaoplanten.”

“Toen ik aan dit project begon voelde ik me misvormd geraakt door al mijn bestuurlijke functies in de danswereld. Ik werd doodziek van al het vergaderjargon. Na alle praktijk wilde ik een geestelijker leven leiden. Met dans heb ik zo'n beetje alles gehad; ik wilde weer zelf gaan verbeelden. Er liggen nu al vier boeken op de plank, maar met mijn in woorden gezette beeldenreeks van Lili Green wilde ik me zelf presenteren. Aan haar wilde ik een hommage brengen, want dat verdient ze zeker. Haar leven blijkt een aaneenschakeling van conflicten te zijn geweest, enerzijds door haar non-conformistische lesbische levenshouding en anderzijds door haar dienstbaarheid naar haar dominante moeder, haar minnares en haar medium dans.”

“Bij aanvang van dit project had ik dat beslist niet voorzien, maar heerlijk was het wel om via Lili ook weer als danseres-actrice op de planken terug te keren.”

“Ik ben geen historica, intellectuele wetenschapper of journalist. Met mijn eigen ervaringen heb ik me in haar verplaatst. Ik gaf mijzelf opdracht, op basis van het door haar aangedragen materiaal, vragen te beantwoorden die zij zelf destijds niet kon beantwoorden. Ik merkte hoe ze haar handicaps gebruikte, met haar beperkingen omsprong.”

“Vrouw-dans-erotiek is een heftig thema dat ik altijd al wilde behandelen. Lili heeft al vroeg en heel consequent voor haar homoseksuele levensstijl gekozen; in 'A conflict', een toneelstuk dat ze hierover schreef, noemde ze dat een dubbele natuur, die gedoemd is te laten lijden. Als je afwijkt van de norm, zoals zij deed, heb je een lijdend bestaan voor de boeg. 'There is nothing but the stillness of the singing in my room' schreef ze. Ik heb me altijd willen aanpassen, maar dat lukte me niet. Wat ik zo van haar bewonder is dat ze nooit is gezwicht. Ik wel. Met name door haar dominante moeder en door haar familieomstandigheden kon ze weigeren pro forma te trouwen. De vroege dood van haar vader in 1905 gaf haar ook de mogelijkheid danseres te worden. Toen ik ging praten met mensen die haar hadden gekend en met haar enig overgebleven neef bleken mijn fantasieën over haar te kloppen, ook al waren de spaarzame documenten door de tijd aangetast. Voor mij werd zij het centrum van een kleine kring.”

“Eerst heb ik de bronnen geordend en daarna ben ik gaan vervlechten. Die beeldenreeks heb ik niet uit mijn duim gezogen, hoor. Juist omdat zij een pioniere was, er zo alleen voor stond hechtte zij grote waarde aan theorie. Ze was in 1929 de eerste Nederlandse danseres die ook haar onderzoek publiceerde, in haar studie 'Einfuhrung in das Wesen unserer Gesten und Bewegungen'. Dat was een Duitse en door etnomusicologe Henriëtte van Lennep bewerkte vertaling van haar Dans en Plastiek-methode.”

“Haar ideeën zag zij in de jaren '30 vooral door Kurt Jooss in praktijk gebracht. Tezelfdertijd werd zij door andere dansleidsters, zoals Yvonne Georgi en Sonia Gaskell in Nederland gepasseerd. Toch maken haar manuscripten, haar libretti, gedichten en noteblocs duidelijk dat haar ideeën nauw aansluiten met waar we nu mee bezig zijn. Ze had het ook over inhoudingsvermogen en de noodzaak om achter de spieren te blijven. Inmiddels weten we zoveel meer over spiergebruik, graviteit, ruimtelijkheid, dynamiek, coördinatie of het doorgaan van beweging. Een exacte reconstructie van haar dans is even onmogelijk als zinloos. Maar het onophoudelijk zoeken waardoor zij zich staande hield, is in feite mijn jaren-'60 verhaal, dus de tijd dat je je zo persoonlijk mogelijk in je kunst moest uiten. Tussen de dansgeneratie van nu en die van toen is ook een kloof ontstaan. Tegenwoordig wordt veel meer met een hardvochtig acrobatisch effect gewerkt. De enorme technische ontwikkeling van de laatste 20 jaar maakt ook voor mij dat ik geen aansluiting meer vind in het zoeken naar een eigen dansgevoeligheid. Ook daarom was het leuk om dit project te doen, om bij mijn eigen bron te blijven. Uiteindelijk gaat dit boek via Lili over de kwaliteit van leven.”

Vanonder haar onafscheidelijke hoed kijkt Yoka me parmantig aan. “Van de erven Green heb ik toestemming gekregen dit erfstuk ook buiten het toneel te dragen.” Ze spreidt haar lange handen en wrijft over het zilver-zwarte sieraad aan haar ringvinger alsof het de Bouwmeester-ring is. “Lili kreeg dit van een bewonderaarster, een Weense actrice. Kijk, hij past me precies . . . zie je wel.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden