Yannick Nézet-Séguin over zijn vertrek: Ik verlaat het gezin, maar blijf in de familie

Beeld Werry Crone

Yannick Nézet-Séguin (42) begint morgen aan zijn laatste seizoen als chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Ook al vroegen de musici hem met klem te blijven.

Eind maart van dit jaar ziet het er steeds beter uit voor Feyenoord. Het zo lang begeerde landskampioenschap ligt binnen handbereik. Om de club een hart onder de riem te steken, besluit het Rotterdams Philharmonisch Orkest een symfonische versie op te nemen van het clublied 'Hand in hand kameraden'. De Canadese chef-dirigent Yannick Nézet-Séguin toont zich sportief, trekt een Feyenoord-shirt aan - nummer 7 - en leidt zijn orkest op opwindende wijze door het lied. Op het veelbekeken YouTube-filmpje is te zien hoe Yannicks ogen glimmen, hoe zijn passie gemeend is. Rotterdam is in die ruim tien jaar toch ook een beetje zijn stad geworden.

Tekst loopt verder na video.

Voorafgaand aan die jolige uitspatting heerst er bij de artiesteningang van de Rotterdamse Doelen op de vroege zondagmiddag een prettig opgewonden drukte. Er is een concert op handen en de musici van het Rotterdams Philharmonisch Orkest druppelen binnen, instrument al dan niet in de hand. Het orkest is net terug van een succesvolle Europese tournee.

Het tourneeprogramma wordt later deze middag nogmaals aan het eigen Rotterdamse publiek gepresenteerd. Het is tevens de laatste keer dat de geliefde maestro dit seizoen voor het orkest zal staan, en de enige mogelijkheid om Nézet-Séguin wat uitgebreider van gezicht tot gezicht te spreken over het volgende seizoen, zijn laatste als Rotterdamse chef-dirigent.

Tekst loopt verder na foto.

Beeld Werry Crone

Dat zo'n gesprek een half jaar vóór het begin van dat finale seizoen moet plaatsvinden, zegt iets over de overvolle agenda van de Canadees, die niet alleen chef-dirigent is van het Rotterdams Philharmonisch, maar ook van The Philadelphia Orchestra en het Orchestre Métropolitain du Grand Montréal. In 2016 werd hij bovendien benoemd tot muzikaal leider van de Metropolitan Opera (de Met) in New York. Daar zal hij overigens vanwege die overvolle agenda pas in 2020 officieel aantreden.

In diezelfde agenda, waarin ook nog tal van gastdirecties bij andere toporkesten staan, was in de maanden tussen eind maart en eind september, aan de vooravond van zijn laatste seizoen, gewoonweg geen enkel moment meer vrij om even rustig tegenover elkaar te gaan zitten en te praten over de tien jaren in Rotterdam en het naderende afscheid. En dat rustig tegenover elkaar zitten, dat wilde de dirigent graag, omdat hij voor zijn gevoel niet alleen afscheid neemt van zijn orkest en publiek, maar ook van de mensen die hem al die jaren professioneel volgden. De joviale en welgemeende 'hug' aan het eind van het gesprek - vanwege het lengteverschil is de uitvoering ietwat onhandig - hoort daar wat hem betreft bij.

Tekst loopt verder na video

Beeld Werry Crone

Gemoedelijk

In de prettige drukte in de Doelen duikt de kleine Nézet-Séguin ineens op. Een onopvallende musicus tussen de musici. Rugzak om, T-shirt aan, gemoedelijk links en rechts groetend en praatjes makend. Als hij zijn gesprekspartner ontwaart, steekt hij zijn hand omhoog, vraagt hoe het gaat en begint meteen over de afgelopen tournee te praten.

"Dit is zo belangrijk voor een orkest. Merk je het niet aan de opgewonden stemming nu? We hebben ons laatste concert net in het Parijse Théâtre du Champs-Élysées gespeeld. Het is een van de zalen waar wij de laatste jaren een residentie hebben. En je merkt dat het in Parijs na verloop van tijd gaat rondzingen dat dat orkest uit Rotterdam eigenlijk erg de moeite waard is. Voor dit laatste optreden stonden lange rijen voor de kassa's. Het was compleet uitverkocht, en dat in een stad als Parijs waar het aanbod groot is."

Slechts enkele dagen na dit gesprek reist Nézet-Séguin door naar New York, waar hij voor het eerst in de hoedanigheid van toekomstige muziekdirecteur van de Met een opera dirigeert. En hoewel hij al vele malen eerder in de Met te bewonderen was, weet hij deze eerste keer als music director designate meer ogen op zich gericht dan ooit tevoren. Het succes is enorm, bij publiek en pers. Én bij de musici - als hun toekomstig leider voor het doek applaus komt halen, werpen zij hem vanuit de bak rozen toe. Yannick is er zichtbaar verrast en geroerd door.

Visie

Geliefd dus daar. Net als in Rotterdam, waar hij door toenmalig directeur Jan Raes gescout werd als opvolger van Valery Gergjev. Het waren grote schoenen die Nézet-Séguin te vullen had. Zijn opvallende debuut in Rotterdam was in 2005, drie jaar later dirigeerde hij er als chef-dirigent. Men sloot de Canadees meteen in het hart. Zijn uitvoeringen waren ook zo anders dan die van de Rus. Terdege voorbereid, met een spannende én sluitende visie van de muziek die hij onder handen nam.

Het is voor Nézet-Séguin lastig zijn gevoelens bij het naderende afscheid onder woorden te brengen. "Aan de ene kant denk ik: 'Oh, tien jaar - zo lang al!' Maar aan de andere kant voelt het juist weer heel kort. En dan zijn we nu ineens aan een compleet nieuw hoofdstuk toe, en dat klinkt zo definitief. Al het werk dat we samen verzet hebben! Daar kunnen we nu de vruchten van plukken, want het orkest is in betere vorm dan ooit. In het begin voelde het wel aan alsof je een beest moest temmen. Niet iedereen heeft de kwaliteiten of de persoonlijkheid om dat te durven. Er kleeft ook een enorm risico aan, want dat beest kan behoorlijk bijten.

Maar ik moet zeggen dat het me, ondanks het vele werk, is meegevallen. Ik vind dat het orkest veel zachter, kwetsbaarder en gevoeliger is geworden. Gevoelig was het eigenlijk altijd al, maar het kon soms nogal heftig reageren op bepaalde sferen. Nu voelt het orkest zich niet zo snel meer beoordeeld of gewogen. Dat zijn de buiten-muzikale eigenschappen. In muzikaal-technische zin heeft het orkest een breder palet gekregen in dynamiek en kleur. Er zit een schoonheid in de klank, ook als het heel luid is. We hebben een mooie mix van ervaren musici en jonge honden, dat is cruciaal voor de gezondheid van een orkest."

Tekst loopt verder na foto

Beeld Werry Crone

Koele omgangsvormen

De Canadees herinnert zich nog goed hoe het in 2005 begon, toen hij als 30-jarige, onbekende dirigent naar Rotterdam kwam. "Na mijn eerste repetitie heb ik mijn manager opgebeld. 'Ik denk dat ze me niet mogen', zei ik tegen hem. Wist ik veel van de wat afstandelijke, koele omgangsvormen die bij de Nederlandse cultuur horen? Ik hoorde die eerste keer een enorm geluid en vond het moeilijk om de musici perfect samen te laten spelen. Ze reageerden goed op de expressiviteit van de muziek, maar naar mijn gevoel zaten er behoorlijk wat persoonlijkheden, individuen in het orkest. Nog steeds wel, maar nu kunnen ze meer naar elkaar luisteren. Op de tweede repetitiedag was het al anders en mijn intuïtief gevoel dat er een groot hart in dit orkest zat, bleek te kloppen. Het gevoel dat we voor elkaar bestemd waren en dat we elkaar op het juiste moment hadden leren kennen, is meer dan uitgekomen. En ik ben van nature optimistisch. Vroeger als kind lachte ik altijd al. Ze noemden mij 'Sunshine' - echt waar."

Een jaar na die verhelderende repetitie en het succesvolle concert dat erop volgde was er ineens die buzz, herinnert de dirigent zich, weken voordat Jan Raes de nieuwe chef bekend ging maken.

"Ik heb nooit gedacht, echt nooit, dat ik de posities die ik nu bekleed zou kunnen krijgen. Bij geen van de orkesten. Chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch? Dat was veel en veel te groot voor mij. Ik heb me ook nooit opgesteld als een serieuze kandidaat, gewoonweg omdat ik het niet zag aankomen. Er waren op dat moment twee andere Europese orkesten die belangstelling voor mij hadden, maar ik voelde dat mijn hart toen al in Rotterdam lag. Maar man, man - ik, een broekie nog, stapte in Gergjevs schoenen! Een echte maestro. Ik voelde me zo'n andere dirigent. Toen ik eenmaal benoemd was, had ik een droom. Ik wilde van het orkest een glimmende diamant maken. Een diamant was het al, maar een ruwe. Hoe het orkest nu is, overtreft al mijn verwachtingen.

"Orkestleden hebben me gevraagd, met klem zelfs, of ik niet langer bij hen wilde blijven. Dat had gekund, maar dan was ik hier in Rotterdam voor mijn gevoel veel te weinig aanwezig geweest. In een paar eerdere seizoenen was dat helaas ook al zo en daar voelde ik me rot over. Ik vind dat de orkestleden hier iemand verdienen die er vaker voor ze kan zijn. Ik ga me in Montréal, Philadelphia en New York nu meer concentreren op een continent. Je kunt niet de hele tijd over de wereld blijven vliegen. Destijds draaide het in mijn leven allemaal om naar Europa komen, nu juist om Europa verlaten. Het voelt als een slim besluit."

Zo groot, zo complex

"Ik heb in Philadelphia net mijn contract verlengd tot 2025, en over drie jaar begin ik echt in New York. Of ik net als mijn voorganger James Levine vier decennia bij de Met zal blijven? Tegenwoordig is dan het politiek-correcte antwoord: 'Die tijden zijn voorbij'. Maar waarom niet? Een deel van mij denkt dat het best kan. De Met is zo groot, zo complex. Misschien is het wel verstandig om lang te blijven. Als ik er straks begin, dan weet ik alle opera- titels al die ik er tot in 2028 zal dirigeren, inclusief de data. Dat lijkt eng, maar je moet het hier voelen." De dirigent legt zijn hand op zijn hart.

"En ja, er zijn grote problemen bij de Met wat betreft publiek. Leegloop. Je moet er wel elke avond vierduizend stoelen zien te vullen. Het is tijd voor nieuwe, slimme ideeën. Dan heb ik het over casting, over repertoire, over aanwezigheid in de stad en de wijk, over educatie. Eigenlijk zou ik er nu al willen zijn. Ik ben 42 en ben al door heel wat crises heen gegaan. Ik durf het aan. Zonder het vaste publiek te vergeten, moeten we de jongeren geïnteresseerd zien te krijgen. Hen uitdagen, en hen ervan overtuigen dat iets wat lang duurt en misschien wat moeilijker is dan een filmpje op YouTube ook heel waardevol kan zijn. We moeten meer inzetten op het feit dat een concert of een opera een echt evenement is. En je hoeft er echt vooraf niet veel van te weten om het te kunnen waarderen, dat is een grote misvatting. Vergeet niet de fysieke reactie, het sportieve element dat je kunt voelen bij een onversterkte stem die zo hoog en zo luid kan zingen. Wat wij doen is eigenlijk specialer dan wat al die dj's doen."

Ondanks alle uitdagingen op een ander continent benadrukt Nézet-Séguin nog maar eens dat hij in Rotterdam op zijn minst eens per jaar blijft terugkomen. En eerst volgt nog dat laatste seizoen, waarin stevig wordt uitgepakt met grote symfonische werken als de Achtste van Mahler, Messiaens 'Turangalîla'-symfonie en in juni een groots jubileumconcert - Yannicks laatste als chef - waarmee tegelijk het 100-jarig bestaan van het orkest gevierd wordt.

"Ik ga dus niet echt weg, ik verander gewoon van rol. Zie het maar zoals wanneer kinderen het huis uit gaan. Ze verlaten het gezin, maar ze blijven in de familie."

Tekst loopt verder na foto.

Beeld Werry Crone

Start laatste seizoen Yannick

Yannick Nézet-Séguin opent zijn laatste seizoen bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest morgen, vrijdag en zondag met het Vioolconcert van Britten (soliste Janine Jansen) en Beethovens Derde symfonie. Voorafgaand aan de concerten is de documentaire 'Yannick' van Christiaan van Schermbeek te zien. Op 1 oktober is het concert een benefietvoorstelling voor Amnesty International.

Voor alle concerten in dit seizoen zie de website  van het Rotterdams Philharmonisch Orkest.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden