Column

Wordt Rutte de tweede Colijn of de eerste Rutte?

Beeld anp

De liberale premier Rutte spiegelde zich bij het aantreden van zijn tweede kabinet aan illustere voorgangers als Cort van der Linden, Drees en Lubbers. Zij waren in moeilijke tijden in staat gebleken verschillen te overbruggen. Maar nu al dreigt Rutte, door strikt de hand te houden aan de drie-procentsnorm voor het overheidstekort, een tweede Colijn te worden, de gereformeerde premier die de economische crisis in de jaren dertig verergerde door halsstarrig vast te houden aan een straf bezuinigingsbeleid.

Colijn deed dat met steun van de liberalen en de vrijzinnig-democratische minister van financiën Oud. De kritiek kwam van de socialisten, die meenden dat de combinatie van bezuinigingen op de overheidsuitgaven en lastenverhogingen voor de burgers fnuikend was. De gulden moest volgens SDAP-voorman Albarda blijven rollen, wilde het kabinet de economie weer op gang helpen.

De waarschuwing die de nieuwe vicepresident van de Raad van State, Piet Hein Donner, deze week liet horen komt daar dicht bij in de buurt. Donner meent, samen met de andere uilen van Kneuterdijk, dat het kabinet bij de nodige bezuinigingen op de uitgaven niet ongestraft de lasten kan blijven verhogen. Anders dreigt allerlei narigheid, niet alleen voor de economie maar ook voor de maatschappelijke vrede.

Politieke moeilijkheidsgraad
De kern van de jaarlijkse boodschap was dat mensen moeten weten waar ze aan toe zijn, zodat ze niet meer geld gaan oppotten dan nodig is, maar tegelijk voorbereid zijn op een lager niveau van publieke voorzieningen. 'Zonder tijdig inzicht zal men zich overvallen en bedrogen voelen.' Het kabinet moet volgens de uilen niet kalmer aan doen met de bezuinigingen, maar wel veel duidelijker maken dat de crisis, anders dan we gewend waren, geen tijdelijke is. Door de verschuiving van de economische macht in de wereld is verlaging van de welvaart onvermijdelijk.

Het advies laat zien hoe groot de politieke moeilijkheidsgraad voor Rutte en zijn kabinet is. Het is gemakkelijk opgeschreven, maar niet gemakkelijk uitvoerbaar, zeker niet in nog altijd politiek labiele omstandigheden. Drees toonde zich een mannetjesputter in de naoorlogse jaren, toen het land in puin lag en opnieuw moest worden opgebouwd. Maar hij steunde op een brede basis in het parlement en kon perspectief bieden. De RVD verzorgde in die jaren een radioprogramma met de veelzeggende titel 'We zijn er nog niet, maar we komen er wel'.

Cort van der Linden loodste de natie door, liever gezegd langs de Eerste Wereldoorlog en maakte van de omstandigheden gebruik door als 'stille tovenaar' een einde te maken aan twee verscheurende nationale twisten, de Schoolstrijd en de strijd voor het algemeen kiesrecht. Maar nu is er, zoals ook Donner beschrijft, sprake van een ongekende situatie, niet te vergelijken met de crisis in de jaren tachtig die Lubbers met politiek vernuft en een consequent no-nonsensebeleid kon tackelen, gesteund door een parlementaire meerderheid.

Gezag van Drees
Dit kabinet moet door het ontbreken van een meerderheid in de senaat feitelijk opereren als een minderheidskabinet, dus steeds op zoek naar steun buiten de coalitie. Dat vraagt van Rutte de eigenschappen die Van der Linden inzette, vooral het vermogen partijen via stille diplomatie bij elkaar te brengen. Dat is nu wat lastiger dan een eeuw geleden. Als de premier ver van huis een biertje drinkt met FNV-voorzitter Heerts is er al gauw iemand met een smartphone in de buurt die de ontmoeting vastlegt en met de wereld deelt.

Het gezag waarover Drees kon beschikken, mede dankzij de noodwet voor een ouderdomsvoorziening die hij als minister van sociale zaken meteen na de oorlog invoerde, werkt in deze tijd niet meer. De filosoof De Tocqueville beschreef in het begin van de 19de eeuw al het fenomeen dat zich voordoet in een democratische samenleving waarin iedereen gelijk is: niemand neemt nog iets aan van zijn buurman, maar iedereen heeft wel een oeverloos vertrouwen in het oordeel van 'alleman', dat wil zeggen de opinie van de meerderheid. Daaruit is wellicht de weer aanzwellende roep om een referendum te verklaren.

Mann ohne Eigenschaften
Heeft Donner kennelijk begrepen dat de les die Colijn heeft nagelaten geen goede is, dat geldt al evenzeer voor de liberale oud-leiders Wiegel, Nijpels en Bolkestein. Zij gaven hun partijgenoot in het Torentje (hij wel!) het advies de drie-procentsnorm voor het overheidstekort niet heilig te verklaren. 'Je moet de economie niet kapotbezuinigen', zei Wiegel. Niemand zal hem ongelijk geven, maar hoe verhoudt zich een soepeler omgang met deze norm tot de afspraak met de Europese partners, waar ook Donner en zijn uilen strikt de hand aan willen houden? Ga er maar aan staan als premier.

Beantwoordt Rutte zozeer aan het populaire, maar oppervlakkige beeld van 'Mann ohne Eigenschaften' dat alle kritiek langs hem afglijdt? Dat is niet aannemelijk, maar het maakt niet uit. Hij zal in deze nieuwe situatie zijn eigen weg moeten vinden en kan zelfs geschiedenis schrijven als hij successen boekt, te beginnen met een sociaal akkoord - als het even kan vóór de inhuldiging van de koning op 30 april. Intussen kan hij zich troosten met het woord van Helmut Kohl dat kritiek 'het dagelijks brood van een politicus' is. Kohl had ook geen last van de politieke metaalmoeheid die Bolkestein nu al bij Rutte begint te bespeuren; hij hield het als bondskanselier zestien jaar vol.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden