WOII in de cinema

Er zijn 23 Nederlandse films over de Tweede Wereldoorlog gemaakt. Over de echte vijand gaan ze eigenlijk niet. Je ziet meestal wel Duitsers in uniform langskomen, maar voor het verhaal doen ze er niet echt toe. De Nederlanders vechten tegen zichzelf. In de Duitse cinema bleef de beerput lang gesloten, maar intussen zijn films mogelijk vanuit elk denkbaar perspectief.

’Als iedereen in het verzet ging, dan waren die rotmoffen al lang vertrokken’, zegt een man in de sigarenwinkel van Ducker, in de eerste scene van ’Als twee druppels water’ van Fons Rademakers (1963), een van de eerste en beste Nederlandse oorlogsfilms. ’Niet iedereen kan een held zijn’, antwoordt Ducker (Lex Schooren), met lichte zucht. Ducker zelf niet in ieder geval. Hij oogt kwetsbaar; een bleek, mager moederskindje, geen ’soldaat van oranje’.

Maar Ducker grijpt wel zijn kans. Diezelfde avond komt dubbelganger Dorbeck (zwart haar in plaats van blond) aan een Engelse parachute uit de lucht vallen. Aangespoord door dit vastberadener alter ego zal de verwarde Ducker achtereenvolgens een landverrader neerschieten, een hoge Duitser vergiftigen en zijn tirannieke en overspelige vrouw vermoorden. Het laatste kan je nauwelijks meer verzet tegen de nazi’s noemen, maar daar gaat de film dan ook over. Onze held Ducker heeft geen grip op de gebeurtenissen. Wat goed is in de ene situatie, is fout in de andere. Wat is een held eigenlijk?

Rademakers’ sombere, ambigue Hermans-verfilming zette in 1963 de toon voor alle belangrijke Nederlandse oorlogsfilms die volgden.

Het verzet heeft de oorlog niet gewonnen en dat wordt ons oorlogsfilm na oorlogsfilm indirect duidelijk gemaakt. Over de echte vijand gaan de Nederlandse oorlogsfilms niet. Je ziet de Duitsers in de meeste films in een paar scenes voorbijkomen in hun uniformen. Vaak zijn ze dronken en maken lelijke grappen over vrouwen of joden, ze knijpen iemand in haar borst, of ze slaan een voorbijganger met geweerkolf tegen de grond. Maar voor het verhaal doen ze er niet echt toe. De Nederlanders vechten tegen zichzelf.

’Die man moest omgelegd. Ja of ja?’ zo overschreeuwt Cor Takes (Johnny Kraaikamp) alle twijfels in ’De Aanslag’. Hij praat jaren na dato tegen Anton Steenwijk (Derek de Lint) die door represailles na Takes’ aanslag zijn vader, moeder, en broer verloor.

’Dit is geen wraakactie, dit is een strafmaatregel’, zo beargumenteert de verzetsgroep in ’Pastorale 1943’, het besluit tot de executie van drogist Poerstamper. Alleen, de arme Poerstamper is wel NSB’er, maar geen verrader. Hij wordt ten onrechte doodgeschoten door de voortsukkelende antihelden.

’Het meisje met het rode haar’ en haar KP-minnaar hebben in de film van Ben Verbong uit 1981 allang van hogerhand binnen het verzet de opdracht gekregen om geen verraders meer dood te schieten, om verdere represailles te voorkomen. Maar, als waren ze Bonnie en Clyde, ze kunnen niet meer stoppen. Na een mislukte aanslag op een SD’er wordt eerst hij gepakt en gedood, daarna zij, als ze zijn dood gaat wreken.

Vanaf ’De Overval’ in 1962 tot aan ’Oorlogswinter’ in 2008 zijn er in Nederland 23 films gemaakt over de Tweede Wereldoorlog. Een aantal ging over de jodenvervolging: zoals ’Het bittere kruid’, ’Charlotte’, ’In de schaduw van de overwinning’ en ’Leedvermaak’. De meeste oorlogsfilms gingen over het verzet. Dat leverde de aantrekkelijkste filmscenario’s op. Naar ’Als twee druppels water’ gingen een half miljoen mensen, naar ’Soldaat van Oranje’ anderhalf miljoen mensen, naar ’Zwartboek’ meer dan een miljoen en naar ’Oorlogswinter’ ruim 800.000. Er zijn dus niet eens zo heel veel oorlogsfilms, maar ze trokken wel veel bezoekers.

Als je op deze speelfilms afgaat, mag je concluderen dat de represailles van de Duitsers de Nederlanders hun belangrijkste oorlogstrauma opleverden. En dat het reiken naar het goede gepaard ging met ernstige fouten en decennia van knagende twijfel. Ironisch genoeg is ’Soldaat van oranje’ van enfant terrible Paul Verhoeven nog de meest ondubbelzinnige film in dit rijtje, met een verzetsheld die, zoals gebruikelijk bij Verhoeven, gretig en grijpgraag is, maar ook dapper én slim. En het is er een die overwint. Met Wilhelmina herself landt soldaat Rutger in 1945 blij grijnzend op bevrijd Nederlands grondgebied. Met de veelbesproken en fel onder vuur gekomen, niet altijd even geloofwaardige ’grijstinten’ in zijn recentere ’Zwartboek’ reageerde Verhoeven dan ook vooral op zijn eigen gezichtsbepalende film uit de jaren zeventig. Op de andere Nederlandse oorlogsfilms hoefde hij niet te reageren: die waren altijd al grijs genoeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden