Woede is geen teken van kracht

wrok | interview | Vroeger vond ze woede een nuttige emotie. Maar daar denkt de Amerikaanse filosoof Martha Nussbaum nu heel anders over.

Na een week toeren door Nederland, lijkt Martha Nussbaum nog niets van haar energie verloren te hebben. Haar handdruk is stevig, haar stem is minstens zo krachtig en komt met gemak uit boven de liftmuziek in de lounge van een Amsterdams hotel. "Nederlanders begrijpen hoe relevant filosofie is", zegt ze bij wijze van terugblik.

De waardering lijkt wederzijds, want waar de topfitte zeventigjarige ook te spreken kwam, in Utrecht, Nijmegen of Amsterdam, overal trok ze volle zalen. Nu was Nussbaum hier al langer populair, maar haar nieuwe boek 'Woede en vergeving' klinkt wel bijzonder actueel. Als er één emotie is waarover dezer dagen gepiekerd wordt - zowel in het Amerika van Donald Trump als in het Nederland van Geert Wilders en Denk, dan is het wel woede. Het volk is boos op de elite, bevolkingsgroepen drijven uit elkaar en iedereen lijkt een almaar korter lontje te krijgen. "Op dit moment grijpen veel mensen naar woede als substituut voor verdriet", analyseert Nussbaum. "Als iemand doodgaat in het ziekenhuis zijn ze niet droevig maar zeggen ze: 'Ik klaag de dokter aan!'"

En daar gaat het mis, denkt ze. Woede leidt tot wrok, tot het idee dat we de ander iets betaald moeten zetten. Het gevolg is dat we elkaar vastzetten in vechtscheidingen en in andere vernederende sociale en politieke rituelen, waarmee je geen stap verder komt.

U beweert dat de Amerikaanse cultuur, die we in Europa ook binnenkrijgen, woede cultiveert. Waar ziet u dat in terug?

"Bij de mentaliteit die mannen wordt aangepraat. Het begint al bij baby's. Daar is onderzoek naar gedaan: als proefpersonen denken een jongensbaby in handen te hebben en zo'n baby begint te huilen zeggen ze: 'hij is boos!' Als ze denken dat het een meisje is, zeggen ze: 'ach, dat arme kind, ze is bang!'" Nussbaum laat haar stem nu dramatisch dalen: "Bóós zijn is dus dé manier is om te bewijzen dat je een echte jongen bent. En dat blijft zo als jongens ouder worden. Onze grootste helden zijn American football-spelers. Hun coaches worden beter betaald dan wetenschappers of bestuurders. En dus willen jongens ook zo zijn: stoer, kwaad."

Wacht even: sporters zijn misschien wel stoer, maar toch niet kwaad?

"Hoe ze echt zijn weet ik niet, maar ze worden wel neergezet als angry: als iemand je iets aandoet, dan sla je terug! Een klassiek voorbeeld is boksen, waar je elkaar verschrikkelijk toetakelt, wat dan wordt gezien als iets mannelijks. Die moraal sijpelt naar buiten. Huiselijk geweld en seksueel geweld werden nog heel kort geleden goedgepraat met het argument: zo zijn mannen nu eenmaal. Dat zijn heel slechte voorbeelden voor kinderen, maar ze leren bijna geen andere kennen. Ze zien dat ook op de televisie: je pakt je wapen, je schiet de bad guy dood en dan is alles weer oké."

Een van de wraaklustigste figuren uit uw eigen boek is een vrouw, de Medea uit de Griekse oudheid. Ze wordt zó boos over de ontrouw van haar man, dat ze hun beider kinderen doodt. Ik kan me herinneren dat Medea onder feministen populair was, want boos zijn leek dé manier om verandering af te dwingen.

"Ik geloof inderdaad dat veel feministen zo denken. Zelf heb ik dat ook een tijd gedaan, maar nu geloof ik dat ik me daarin ernstig vergiste. Als je aangerand bent, als je bedrogen wordt, dan word je boos, dat is logisch en terecht, maar het is geen reden iets slechts terug te doen. En dat is wel waar woede bijna altijd toe leidt: dat je de boosdoener een lesje wilt leren. Maar als je iets schandalig vindt, zou je juist moeten zorgen dat het níet meer gebeurt. Medea deed dat niet, ze deed iets verschrikkelijks. En alleen maar om haar ex pijn te doen! Helaas komt het ook nog vaak voor dat vrouwen hun man de scheiding betaald willen zetten, bijvoorbeeld door een slechte bezoekregeling af te dwingen, of door ze te beschuldigen van seksueel misbruik. Maar zo kom je niet verder, je blijft gevangen in een rondedans van beschuldigingen, die ook zonder dat er geweld aan te pas komt funest uitpakt voor de kinderen. Het is totaal niet constructief."

Toch lijkt woede me de enige manier om je zelfrespect op peil te houden, als je voortdurend beledigd of vernederd wordt.

"Het benoemen van onrecht is altijd goed, maar dat is denk ik ook genóeg om je zelfrespect te herstellen. Het is zo makkelijk om het te laten overlopen in vergelding. Daarom noem ik in mijn boek ook Mahatma Gandhi, Martin Luther King en Nelson Mandela. Allemaal leidden ze een protestbeweging die voortkwam uit volkomen terechte woede, maar ze wisten die in de hand te houden.

"Toen het ANC in Zuid-Afrika eenmaal gewonnen had, wilde de zwarte bevolking een eigen rugbyteam, om het gehate blanke team een lesje te leren. Mandela zorgde ervoor dat zwart en wit sámen een team vormden. Hij hoefde zijn voormalige vijand geen lesje leren, hij wilde met een schone lei beginnen."

Je hebt dus halve heiligen nodig om vergelding tegen te houden. Hoe realistisch is dat? Kun je een theorie bouwen op zulke uitzonderlijke figuren?

"Ik denk het wel. Want de invloed van een geweldige leider als Martin Luther King verdwijnt niet. Integendeel: Obama heeft het standbeeld van King naar het Witte Huis gehaald en zijn invloed op de Afro-Amerikaanse kerken is nog altijd enorm. Toen Dylann Roof vorig jaar juni in South Carolina negen mensen doodschoot, reageerde de Afro-Amerikaanse gemeente ongelooflijk vergevingsgezind. Dat is zeker te danken aan de invloed van King. Maar toen hij nog leefde, vonden veel mensen hem verschrikkelijk. Mijn vader noemde hem een communist, de vader van een Afro-Amerikaanse collega noemde hem óók een communist. Nu hebben we in de VS een Martin Luther King-dag, de enige dag dat mijn universiteit in Chicago sluit. Dan luisteren we de hele dag naar zijn redevoeringen. Zo zie je dat we vaak pas ná iemands dood begrijpen wat die heeft betekend. Denk aan Jezus, die is al tweeduizend jaar dood en toch heeft hij nog enorm veel invloed."

De drie voorbeelden die u noemt, Gandhi, Martin Luther King en Nelson Mandela, zijn allemaal man. Ik begrijp dat dit ook een manier kan zijn om mannen een alternatief model van kracht te bieden, maar waren er geen vrouwen te vinden?

"Wat ik wilde laten zien, was een geslaagde, grote beweging tegen onrecht, en dóór het seksisme hebben vrouwen zo'n beweging nooit mogen leiden."

De suffragettes, die rond 1900 in Engeland streden voor het vrouwenkiesrecht?

"Die waren vrij gewelddadig."

Zelfs als dat zo was, laat het zien dat zo'n houding succesvol kan zijn.

"Maar ze hadden misschien geen succes omdát ze gewelddadig waren. Ik zocht leiders die de keuze hadden om woede om te buigen tot iets constructiefs en die daarover ook wat hebben geschreven. Zulke leiders heb ik onder vrouwen niet gevonden. Hoeveel vrouwen hebben een bevrijdingsbeweging geleid? De enige die bij mij opkomt is Jeanne d'Arc, maar die had volgens mij geen flauw benul wat ze deed."

Hoe reageren Amerikanen op u als vrouw? De overwinning van Trump laat zien dat uw landgenoten weinig op hebben met goedgesitueerde vrouwen die hun vertellen dat er geen reden is om boos te zijn.

"Mannen vinden het meestal vreselijk als een vrouw hun vertelt wat ze moeten doen, zeker als dat op kalme toon gebeurt! Maar ik denk echt dat we het moeten hebben over emoties, over het bevorderen van de juiste emoties. En goede voorbeelden zijn er ook in de Amerikaanse cultuur. En dan bedoel ik niet alleen Barack Obama, die denk ik over twintig jaar pas op waarde geschat zal worden, maar Abraham Lincoln. In zijn rede na de verschrikkelijke slag bij Gettysburg gaf hij uiting aan zijn verdriet, maar nooit aan de behoefte terug te slaan. Hij riep op tot barmhartigheid voor iedereen. Dat wil ik laten zien: dat zulke zelfbeheersing juist krachtig is."

Martha Nussbaum: 'Woede en vergeving. Wrok, ruimhartigheid, gerechtigheid'. (Anger and Forgiveness) Vert. Peter Diderich en Bep Fontijn. Ambo/Anthos, Amsterdam; 359 blz. 29,99 euro.

Wie is Martha Nussbaum?

Martha Nussbaum (1947) groeide op in een welgesteld, snobistisch milieu. Haar vader, advocaat George Craven, stimuleerde haar lust tot argumenteren. Tijdens haar studie, eerst literatuur, later filosofie, ontmoette ze de joodse Alan Nussbaum, met wie ze trouwde en van wie ze op 25-jarige leeftijd een dochter kreeg, Rachel. Hoewel ze in 1987 van hem scheidde, werd Nussbaum later joods: in 2008 werd ze bat mitswa. Haar doorbraak als filosoof bereikte ze in 1986 met 'The Fragility of Goodness', waarin ze kwetsbaarheid een ondergewaardeerd aspect noemt van het Goede. Nussbaum staat bekend als kenner van de oudheid en als voorvechter van lezen als methode om empathie te ontwikkelen. Dat is ook de strekking van haar in Nederland goed verkochte boek 'Niet voor de winst'. Van haar meer dan dertig boeken op het gebied van democratie, politiek, feminisme en ethiek zijn vele in het Nederlands vertaald. Nussbaum is hoogleraar rechtsfilosofie en ethiek in Chicago, en werkt veel samen met Indiase denkers. Met econoom Amartya Sen ontwikkelde ze de capabilities approach - die niet alleen financiële armoede in kaart brengt, maar ook gebrek aan mogelijkheden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden