WK skiën/Maier: Held met harakiri-neigingen

AMSTERDAM - Twee jaar geleden was Herman Maier een vrijwel onbeschreven blad. 'Niet goed bij zijn hoofd', werd geschamperd als metselaar Herman dagdroomde van sportroem. Nu is 'Herminator' een beschermde merknaam waar omheen een ware cultus is ontstaan.

Maier is voorbestemd de komende twee weken tijdens de WK skiën in het Amerikaanse Vail de rol van superster over te nemen van de als slalomspecialist gestopte playboy Alberto Tomba. De Italiaan Tomba bereikte deze status pas na het behalen van een lange reeks successen te hebben gecombineerd met een flamboyante levensstijl. Maier is in korte tijd zelfs voor Amerikanen een begrip geworden, ofschoon hij tijdens de WK 'slechts' debutant is.

Ook bij de Oostenrijker zijn het niet alleen de pure, haast revolutionaire skikwaliteiten die hem een exceptionele status hebben gegeven. Die vergaarde Maier vooral door zijn huiveringwekkende val tijdens de afdaling van de Olympische Winterspelen in Nagano. De favoriet maakte met een snelheid van meer dan honderd kilometer per uur een halsbrekende vlucht over tientallen meters, stond op uit zijn vermeende sneeuwgraf en won twee Olympische titels.

John Garney, voorzitter van het WK-organisatiecomité prijst zich gelukkig met Maier. “Deze val was het beste dat hem kon overkomen. Als Maier in Nagano alleen twee gouden medailles had gewonnen, was hij een van de goede Oostenrijkse skiërs gebleven. Maar in Amerika verder onbekend. Slechts succes hebben, verveelt. Zó te vallen en succes hebben, dat is wat de Amerikanen willen.”

Daar komt het sprookjesachtige carrièreverloop bij. Zoals zoveel jongens droomde de zoon van een skischoolhouder van sportglorie. Als wielrenner, voetballer, tennisser of skier, dat maakte hem niet uit. Als driejarige stond Maier reeds op skies, maar tot zijn achttiende bleef dat nu zo machtige lijf - hij wordt na Arnold Schwarzenegger Oostenrijks tweede spierexportproduct genoemd - achter in groei.

Met 1,60 meter en 45 kilo werd hij niet toegelaten tot wereldbekerwedstrijden; de skiër moest zelfs afzien van slalomtraining omdat zijn knieën niet bestand waren tegen de klappen tegen de poortjes. “Nog altijd doen mijn knieën bij bepaalde klappen pijn, maar ik heb zo'n sterk steunapparaat ontwikkeld, dat ik de klappen kan dempen.” Hij paart dan ook 1,81 meter lengte aan 85 kilo gewicht.

Maier vulde in de winter zijn tijd als gediplomeerd skileraar en besteeg in de zomer de steiger als metselaar. Om zich in de avonduren sportief af te peigeren. Niet alleen mijmerde hij tijdens het zware werk over sport, hij legde daarin ook al een topsportmentaliteit aan de dag. “Het werk als metselaar heeft me vanaf het begin plezier gedaan. Ik keek nooit op de klok en werkte zo lang als men me nodig had. Het heeft echt lang geduurd voordat ik wist wat een overuur was, of een overurentoeslag.”

Op een dag in 1995 meldde de eerzuchtige man zich bij zijn baas af met de mededeling dat hij nog eenmaal zijn geluk in het skiën wilde beproeven. Als een komeet sloeg de 'Machine' twee jaar later in de skiwereld in. Hij werd de eerste Oostenrijker sinds 28 jaar die zich de algemene wereldbeker toeeigende. Het seizoen daarop herhaalde hij die prestatie en schreef hij in Nagano geschiedenis met zijn crash en daaropvolgende victories.

De hometrainer die hij overal mee heen zeult, is Maiers handelsmerk geworden. Daarop kweekte hij benen als boomstammen waarmee hij alleen al de concurrentie fysiek ver overtreft. Samen met een ongeëvenaarde dynamiek en lenigheid was dat een garantie voor zijn huidige speciale status. En het leverde al veel wantrouwen op, hetgeen nog eens werd gevoed door het gegeven dat zijn, inmiddels ontslagen, Oostenrijkse sportarts een voormalig (?) dope-verstrekker uit de DDR was.

Volgens Karl Frehsner, vooraanstaand trainer van de Oostenrijkse bond, is de einzelgünger binnen de Oostenrijkse équipe zo eerzuchtig en verbeten door de jarenlange afwijzingen. Zelf meent de ster ook dat harde training en een lichamelijk zwaar beroep niet de enige factoren voor succes kunnen zijn geweest. “Ik heb de wereld van beneden gekend voordat ik boven kwam. Er zijn waarschijnlijk niet veel sporters die op de weg naar boven jaren achtereen tegenslagen hebben moeten incasseren. Ik ben er een van.”

Eenmaal boven was het wennen, zeker in de maanden na Nagano. Toen over de held met harakiri-neigingen twee boeken en vijf CD's verschenen die de winkeletalages in zijn woonplaats Flachau domineren. Aanvragen voor sponsorcontracten vullen vier ordners. Maier tekende slechts zes overeenkomsten die hem jaarlijks een inkomen van circa negen miljoen gulden garanderen, ongeveer het 150-voudige van het bedrag waarvoor hij zich twee jaar geleden bij bedrijven aanbood.

Omdat skiën hoofdzaak is heeft Herman Maier het in goede banen leiden van zijn zaken in handen van nauw betrokkenen gelegd. Moeder beheert de financiën van het 'familiebedrijf'; de merchandising wordt geregeld door een broer en enkele kameraden; manager werd Peter Schrocksnadel, voorzitter van de Oostenrijkse skibond.

Gezien de resultaten in dit seizoen, rust de geest van Maier op een zelfde sterk fundament als het lichaam. Maar ook dat moet wennen aan een nieuwe status. “In de zomer heb ik tijdelijk motivatieproblemen gehad en me afgevraagd wat ik hier allemaal mee moet. Maar zodra ik eenmaal aan de start sta, zijn zulke gedachten verdwenen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden