'Wiskunde is een beetje prutsen'

Een paar middagen flink rekenen en hij zat in Japan. Meilof Veeningen (17) vertegenwoordigde samen met vijf anderen in juli Nederland op de Internationale Wiskunde Olympiade in Tokio, te midden van knappe koppen uit 83 andere landen. ,,We hebben het verschrikkelijk slecht gedaan.''

Niet dat Veeningen van tevoren veel hoop had. Na de eerste voorronde, waarbij hij zesde werd, volgden trainingskampen in jeugdherbergen (,,Je ontbijt, doet wat wiskunde, dan lunch je, en ga je weer aan de wiskunde'') en enkele bezoekjes aan de universiteit Eindhoven, waar hij met studenten opgaven oefende. Ondanks die voorbereiding wist hij dat Japan halen al een prestatie was, en dat Aziaten en Oost-Europeanen op de internationale olympiade niet te kloppen zouden zijn. Bulgarije won uiteindelijk.

Veeningen had van de zes opgaven niet één helemaal goed. ,,Geen man overboord, hoor'', zegt hij, ,,al vroeg ik me af of dit nou was waarvoor ik helemaal naar Tokio was gekomen. Maar zo moet je het benaderen, als je vier punten haalt.'' Het maximaal haalbare aantal was 42 punten. De hoogste Nederlandse score was negen. Wie één van de zes vraagstukken goed oplost, verdient een eervolle vermelding.

Eén opgave was misschien nog te doen geweest, als hij de avond voor de toets beter had opgelet. Er circuleerden stellingen die ze tijdens het examen mochten gebruiken, maar de Leeuwarder ging een boek lezen. Achteraf tot zijn spijt, want De Rechte van Wallace was hem bij de meetkundeopgave van pas gekomen.

Nu heeft hij twee uur verprutst met het eigenhandig formuleren van die stelling. Hij bedacht dus ter plekke zélf een stelling? ,,Eh, ja, daar komt het wel op neer.'' Niet dat dat zo briljant is, relativeert hij bescheiden, het was vooral 'dom' dat hij eroverheen had gekeken. ,,In die tijd had ik een beetje kunnen prutsen, en die opgave opgelost.'' Dat is wiskunde volgens Veeningen: een beetje prutsen. Hij kraakt in zijn vrije tijd niet voor de gein wiskundige raadsels, maar weten hoe het zit, iets heel moeilijks oplossen, dat is geweldig.

En als dat je in Japan brengt, graag. De enorme metrostations waren 'indrukwekkend', het eten van 'rare dingetjes die je nooit eerder gezien hebt' aardig. En, o ja, de Japanse organisatie had een excursie geregeld. Daar gingen ze. Tien bussen vol jonge genietjes. Naar Disneyland Tokio. ,,Ben je in Japan, ga je naar een pretpark! En dan ook nog eens een kopie van Parijs!''

Verder hield hij zich bezig met getaltheorie, polynomen ('Daar kun je allemaal leuke dingen mee doen'), mix, vierde-, vijfde- en zesdegraadsvergelijkingen, meetkunde. Niet de gebruikelijke middelbare-schoolwiskunde. Hij had dan ook een tien voor zijn examen. ,,Dat schrijf ik even neer. Maar ik ben niet de enige die dat vindt, hoor. Het was echt heel makkelijk.''

Koren op de molen van critici als Henk Kuiken, die begin dit jaar in Trouw een kritisch essay schreef over het wiskundeonderwijs in Nederland: ,,Iemand met een groot wiskundetalent verveelt zich kapot bij die infantiele sommetjes die daar onder leiding van niet-academisch gevormde leraren worden gemaakt, zelfs in de examenklas.'' Dat de beste Nederlandse leerlingen internationaal worden weggevaagd, zou alarmbellen moeten doen rinkelen, vindt Kuiken, die nuanceerde dat op de internationale olympiade 'bijna geen enkele Nederlandse wiskundehoogleraar binnen de gestelde tijd een perfecte score zou behalen'.

Hij is geen onderwijsspecialist. Maar Veeningen beaamt dat wiskundig begrip deels puur training is. ,,Veel zien, veel oefenen, structuren doorkrijgen, daar gaat het om.'' Daarom brengt China kinderen van negen de basisprincipes bij. Dat levert knappe koppen op, maar is niet Veeningens ideaal. Hij zag in Tokio een Chinees die op één punt een gouden medaille misliep wanhopig door het dorp dolen. Natuurlijk, ook hij zou harder werken als zijn beurs ervan afhing. ,,Een beetje druk, dat mag best.'' Zolang die druk maar gelijkelijk verdeeld is. Hij had er weinig voor gevoeld extra werk te doen, omdat hij nu toevallig zo slim is. ,,Ja, dat zou goed zijn voor het niveau. Maar als mijn leraar zou zeggen: 'Zou je niet eens een extra boekje doorwerken', nou, nee.'' Het profijt dat talenten daar persoonlijk van hebben, is voor een scholier 'te zeer lange-termijndenken'.

En toch. Als hij zijn studies wiskunde en informatica, waaraan hij dadelijk begint, kon ruilen voor nog een keer olympiade, dan zou zijn eergevoel sterker spelen. ,,Als ik sommige oplossingen zie, denk ik: die kan ik met wat meer inspanning zelf verzinnen. En volgend jaar gaan ze naar Griekenland.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden