Winkeliers van Assen proberen het gat te dichten

de stem van nederland | Op een reis door Nederland peilt Trouw in aanloop naar de verkiezingen de stemming. Vandaag in deel twee: in Assen proberen winkeliers te voorkomen dat hun binnenstad op die van Detroit gaat lijken.

Ze bestaan echt: dúúrzame pannekoeken. Het beslag is van biologische 'oergranen' als haver, spelt, boekweit en gerst. En de smaak- en kleurstoffen ontbreken juist. Jan Boer van het Pannenkoekenschip in Assen gooit nog een pollepel in de pan, draait de klodder behendig in het rond, tot er weer een egale schijf ontstaat die langzaam roomkleurig wordt.


Tien jaar geleden was horeca-ondernemer Boer toe aan een nieuw project, zegt hij. "De economische crisis sloeg toe, en omdat er meer mensen zijn die één euro op zak hebben dan mensen die er twéé hebben, zocht ik naar een voordelig restaurantconcept." Een pannekoekenrestaurant moest het worden. Maar mensen zoeken ook meer en meer 'beleving', wist hij. Dus kocht Boer een historische klipper en liet deze helemaal verbouwen, met ronde ruitjes net boven de waterlijn.


Consumenten zijn ook erg bezig met gezond voedsel en duurzaamheid. Boer stapte naar de firma Koopmans en liet dat nieuwe oerbeslag maken. Ook de verbouwing van zijn schip gaf hij een duurzame twist. Dat haalt de warmte en de verkoeling via een warmte-koude-koppeling uit de Assense Vaart en wordt verlicht met led-lampen. Zijn idee van tien jaar terug is een enorm succes. Boer drijft nu het enige pannenkoekenrestaurant van Nederland waarvoor gereserveerd moet worden.


Waren de overheid in Nederland en de politiek die dat apparaat aanstuurt, ook maar wat initiatiefrijker, denkt Boer vaak, zeker in deze tijd met naderende verkiezingen. "Ik heb behoefte aan ondernemende politici, met durf, die werkelijk in contact staan met de samenleving", zegt Boer vanuit de buik van zijn schip. Altijd heeft hij D66 gestemd, maar nu zweeft hij. "Moet je eens kijken wat Trump in de Verenigde Staten teweeg heeft gebracht." Niet dat hij het inhoudelijk met hem eens is, daar is Boer een te zeer sociaal ondernemer voor, met laatst nog een ex-gedetineerde in de keuken en een Syrische vluchteling die hij een kans wil geven. "Maar ik zou wel eens een zakenkabinet willen, zoals oud-Philipstopman Wisse Dekker in de jaren negentig voorstelde."


Had de gemeente Assen tien jaar geleden maar iets van het inzicht van Boer gehad, dan waren de problemen in de binnenstad een stuk minder groot. Wie vanaf het tijdelijke station van Assen naar het centrum loopt, wordt eerst nog verrast door het historische Museumlaantje en de statige schoonheid van de Kloosterkerk en de oude rechtbank. Maar na een kop koffie in Hotel De Jonge (sinds 1874) wordt de gang door de winkelstraten een stuk minder gezellig. Het centrum van de provinciehoofdstad wordt gevormd door een leeg carré dat Koopmansplein heet en waaromheen vanaf de jaren negentig in zichzelf gekeerde winkelcentra zijn gedrapeerd. Ze hebben weinig Drentse namen als Forum, Mercurius en Triade, en verderop is ook nog een Cité ontwikkeld. Wat direct opvalt is de steeds terugkerende leegstand van de oude én nieuwe winkelpanden. Soms zijn de etalages slim bestickerd met vrolijke taferelen, of huisvest een pand een 'kerkelijke pop up-winkel', maar vaker nog kijkt het winkelend publiek in gapende gaten, steeds weer.


Assen is een van de Nederlandse steden met de meeste winkelleegstand (zie kader). Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft de provinciehoofdstad samen met Heerlen en Almelo in 2015 ingedeeld in de laagste categorie 'zwak en perifeer', een etiket dat alleen wordt opgeplakt als leegstand volgens het PBL 'een hardnekkig probleem is en blijft'.


Verkeerde planning


Op de bovenste etage van zijn pand heeft Nico Vanderveen een prachtig uitzicht over de daken van Assen. Na de Bijenkorf in Amsterdam is zijn warenhuis aan het Koopmansplein het grootste van Nederland, én een van de oudste. Zijn betovergrootmoeder verhuisde haar winkeltje uit Nieuwe Pekela in 1897 naar Assen, waar het zou uitgroeien tot dit enorme shop-in-shop-warenhuis, met allerlei samenwerkingsverbanden tussen bedrijven die bij Vanderveen onderdak vinden. Hijzelf ziet zich graag als een dirigent van een orkest waarin de koperblazers én de strijkers belangrijk zijn. Vanderveen is niet alleen bescheiden, maar ook ontzettend positief. Daarom baalt hij ook zo van de leegstand in Assen, en de suggestie die aan dat beeld kleeft. "Die lege winkels lijken te zeggen dat het niet goed gaat met het koopgedrag van de burgers en de creativiteit van de ondernemers in Assen", zegt hij. "Niets is minder waar. De bestedingen vertonen in Assen sinds 1998 een constante lijn. Er is alleen te veel winkelruimte gekomen, waardoor de omzet per vierkante meter sterk is afgenomen." Een kwestie van verkeerde planning.


Volgens Vanderveen was Assen tien jaar geleden nog de snelst groeiende gemeente van Nederland en steeg het aantal inwoners destijds snel van 50.000 naar 67.000, terwijl er nog eens 220.000 in het omliggende verzorgingsgebied wonen. "We werden van servet een tafellaken. Assen bruiste, er werden plannen gemaakt. Voor een Drents Museum, een cultureel kwartier, en er werden winkels gebouwd, véél winkels. In 2013 is Assen uitgeroepen tot derde succesvolle middelgrote binnenstad van Nederland. En we voelden toen dat dit terecht was."


Assen kón ook maar groeien, omdat de toenmalig VVD-minister Sybilla Dekker in 2005 de verantwoordelijkheid voor de ruimtelijke ordening in 2005 bij de gemeenten heeft gelegd en de rijksoverheid zich niet langer om de binnensteden bekommerde. Die gingen allemaal individueel in op de enorme vraag naar vierkante meters door internationale concerns als Mediamarkt en de H&M's, met als gevolg dat er nu landelijk een overaanbod van vier miljoen vierkante meter winkelvloer is. Ook Assen zit zoals veel andere provinciesteden letterlijk te ruim in de jas, zeker nu consumenten ook via internet shoppen.


Het Planbureau waarschuwde in het rapport waarin Assen als 'zwak en perifeer' wordt neergezet voor het ontstaan van 'donut-steden', zonder kern, terwijl die stevige binnensteden niet alleen uit commercieel maar ook cultureel en sociaal oogpunt zo belangrijk zijn. Het centrum is in meerdere opzichten 'de ziel' van de stad, de huiskamer. Zonder die levendige bedrijvigheid wordt een stad juist 'zielloos', in alle opzichten. Kijk maar eens naar het Amerikaanse Detroit, waar het verlaten centrum van de ooit welvarende industriestad een no-go-area is. Dus, gemeentebesturen, koester je centrum en investeer, aldus het PBL.


"De politiek en de overheid die het overaanbod aan winkelruimte hebben laten ontstaan, hadden kunnen ingrijpen en moeten zorgdragen voor een bestendig binnenstadsbeleid", zegt Vanderveen. Hij wil niet loslaten welke partij hij straks kiest, maar vraagt wel meer regie van de politiek in de ruimtelijke en economische planning. "Pas als de overheid duidelijk de lijnen vaststelt van een duurzaam veld, kan ik als spits een eerlijk spel spelen."


In Assen gebeurde juist het tegenovergestelde. Een sterk verdeelde gemeenteraad stemde afgelopen jaar in met de vestiging van een Factory Outlet Centre, het FOC, dat ver buiten het stadscentrum bij het TT-circuit grote kleding- en schoenenwinkels wil neerzetten. Modefabrikanten leveren hun producten direct aan de klant, wat niet alleen goedkoper is maar daardoor krijgen ze ook direct toegang tot klantinformatie waardoor ze sneller kunnen inspelen op trends. En ook de prijs per vierkante meter ligt daar aan de snelweg een stuk lager dan in het centrum.


Vanderveen van het gelijknamige warenhuis was afgelopen jaar een van de grote tegenstanders van deze plannen omdat hij ze als oneerlijke concurrentie ziet. "Er wordt gesproken over een 'outlet', maar daar worden heus geen restpartijen verkocht. Er komt daar een kledingwinkelcentrum tegen gunstige voorwaarden, terwijl we die winkels juist in het centrum nodig hebben." Dit plan leidt volgens Vanderveen tot minder omzet, en méér leegstand. En hij was niet de enige die protesteerde. Niet alleen in Assen, overal in Nederland proberen winkeliers te voorkomen dat provinciesteden op die van Amerika en Frankrijk gaan lijken, met een wildgroei van grote winkels aan de buitenkant van de donut.


Gelukkig voor de winkeliers in de binnenstad van Assen heeft de gemeente afgelopen maand het oude plan schielijk ingetrokken toen bleek dat de Provinciale Staten dit zouden blokkeren. Er wordt nu gewerkt aan een nieuw plan voor een 'recreatieve outlet' met een overdekte ijsbaan en een bowlingbaan bijvoorbeeld, die minder concurrerend is. "We zullen moeten kijken wat dit plan inhoudt", zegt Martin Speelman, die drie jaar geleden in een achterafstraatje de hardloopwinkel Run2Day is begonnen. Hij is als VVD'er niet zozeer tegen, maar vooral vóór. Vooral vóór een actievere opstelling van de Assense winkeliers. Hij werkt momenteel mee aan een gemeentelijk plan om de binnenstad compacter te maken. Via een stedenbouwkundige herverkaveling moet de winkelruimte door de jaren heen herschikt worden, waardoor de ondernemers van buiten het vastgestelde centrum naar binnen trekken. Maar de winkeliers zelf moeten ook aan de gang. "Ik kom uit Westerbork, nou daar is het in de zomer elk weekend feest, gewoon omdat de middenstand een reden verzint."


Jammer


"Dat ontbreekt hier in Assen", vindt ook Ingrid Matien, hoewel zij zelf aan klanten geen gebrek heeft. De bedrijfsleidster van Blom Damesmode heeft altijd PvdA gestemd, maar twijfelt nu nog. Terwijl ze een knaapje terughangt in het rek vertelt ze over de kerstmarkt die met slechts enkele kraampjes nooit het grote Koopmansplein kon vullen. De huren zouden veel te hoog zijn geweest. "Maar ook op de koopzondag zie ik maar een deel van de ondernemers meedoen. Dat is jammer."


Het doel van de middenstand om in Assen met 'Bartje' als beeldmerk en met de slogan 'Alles draait om Assen' een 'surprise&shop'-gemeente te worden, lijkt nog ver weg. Toch moet Assen de kant van de 'beleving' op, vinden Speelman en Matien, aansluitend bij de pannekoekenstrategie van horeca-ondernemer Boer. Dat zullen ondernemers voor een groot deel zelf moeten doen, maar zonder de overheid kunnen ze niet.


Volgende week: in Groningen introduceren wijkbewoners de 'Week van de Groet'.


Zo'n 18 procent van de winkels in Assen heeft geen functie (landelijk 7,5 procent), terwijl dat tien jaar geleden nog maar 5 procent was. Als wordt gerekend met winkeloppervlak, staat zelfs 29 procent van de vierkante meters leeg. Het bureau Locatus vergeleek in 2013 de passantenstromen in de Nederlandse steden door op zaterdag de voorbijgangers in de langste winkelstraat te tellen. Assen kwam uit op slechts 20.700 passanten. Een gemeente als Weert, een derde kleiner, had er met 21.500 passanten méér. Het Nederlandse gemiddelde ligt op 32.000.

Winkeliers: PvdA en VVD

In de detailhandel in Nederland werken ruim 775.000 mensen die jaarlijks 93 miljard euro aan de economie bijdragen. Ze doen dit via 110.000 bedrijven. Uit een steekproef van onderzoeksbureau I&O Research uit november 2016 blijkt dat MKB'ers iets vaker VVD en PvdA stemmen dan gemiddeld. De winkeliers in Assen staan voor een moeilijke keuze als ze de lokale ervaringen landelijk vertalen: de PvdA en de ChristenUnie waren verdeeld over de komst van het Factory Outlet Centre, GroenLinks, SP en CDA tegen, en D66 en VVD waren vóór. Maar het was juist de VVD die de tegenstanders in Provinciale Staten aan een meerderheid hielp.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden