Wilt u het eeuwige leven?

Van harte gefeliciteerd met uw veertigste verjaardag! Namens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) mag ik u gelukwensen met het feit dat u op een tiende van uw leven bent aangekomen. U kunt vierhonderd jaar oud worden als u meedoet aan ons project aanzienlijke levensverlenging (AVL).

Jurist en filosoof Martin Buijsen (1963) is als hoog-leraar Recht & Gezondheidszorg verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

U kent het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu al van het vaccinatieprogramma waardoor infectieziekten bij kinderen nauwelijks nog dodelijke slachtoffers maken. U weet ook dat u een oproep van het instituut kunt krijgen voor het bevolkingsonderzoek naar borstkanker, waardoor elk jaar 775 vrouwen minder aan deze vreselijke ziekte overlijden.

Nu ligt er die brief van het RIVM met de oproep om mee te doen aan een ander programma, AVL, de aanzienlijke levensverlenging. In de bijgeleverde brochure staat wat u kunt verwachten: een evidence-based gentherapie die veroudering vertraagt of zelfs stopt. De folder belooft dat u daardoor geen last zult hebben van 'kwalen die komen met het vorderen van de jaren'. Dan volgt een angstaanjagende lijst ouderdomsgebreken: diabetes, hart- en vaatziekten, kanker, dementie, spierafbraak, osteoporose, slecht horen en zien.

De brochure stelt u, jarige, tientallen, ja, honderden jaren leven in goede gezondheid in het vooruitzicht. Voelt u ervoor? De brochure ronkt door: "U krijgt alle tijd om van het leven te genieten! Misschien wilt u een nieuwe weg inslaan, een andere carrière beginnen. Al die reizen die u nog zou willen maken, die mensen die u nog wilt ontmoeten, boeken die u nog wilt lezen... Als u tot uw veertigste van het leven genoten hebt, dan kunt u dat een paar eeuwen blijven doen."

Tot zover de - fictieve - brochure van het RIVM. Tegen de erin aangeboden levensverlenging, het eerste stadium van eeuwig leven, zijn zeker bezwaren in te brengen. Als het de kosten niet zijn, of de angst dat de gentherapie toch niet zo veilig is, dan zou u principieel bezwaar kunnen hebben tegen dit manipuleren van de menselijke natuur, handelen dat de orde der dingen verstoort. Wellicht hebt u religieuze bedenkingen - we zijn immers uit stof gekomen om op Gods tijd tot stof weer te keren.

Voor- en tegenstanders van wat in de biomedische ethiek considerable life extension (oftewel aanzienlijke levensverlenging, AVL) genoemd wordt, getuigen uiteindelijk van wezenlijk verschillende perspectieven op het menselijke bestaan. AVL is een vraagstuk dat raakt aan de zin van het leven. De morele bezwaren tegen biomedisch-wetenschappelijk onderzoek naar levensverlenging zijn vaak intuïtief, en krijgen uitdrukking in aan religie ontleende beeldspraak. Toch zijn die bezwaren ook in wereldser termen te vatten. Maar zijn ze ook redelijk?

De argumenten van de voorstanders lijken alvast voor zich te spreken. Wereldwijd komen dagelijks gemiddeld 150.000 mensen te overlijden. Twee derde van deze sterfgevallen, 100.000 doden per dag dus, heeft oorzaken die nauwelijks de dood tot gevolg hebben van mensen jonger dan veertig jaar. Die 100.000 doden vormen een veelvoud van het aantal doden door oorzaken waarvoor de samenleving miljarden euro's uittrekt om ze weg te nemen. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie en het Internationale Rode Kruis sterven er per dag 3400 mensen in het verkeer, 3300 mensen aan aids, 1400 aan malaria, 150 door oorlogshandelingen en 30 door natuurrampen. Veroudering is met stip doodsoorzaak nummer één.

Mensen sterven niet aan ouderdom, maar aan ouderdomsschade: aan de kwalen die met veroudering komen. Bestrijding van malaria en aids redt levens, maar het tegengaan of voorkomen van die ouderdomskwalen redt nog veel meer mensenlevens. Ik vind het hoogst irrationeel om niet in te zetten op het bestrijden van veroudering.

Volgens de Britse biogerontoloog Aubrey de Grey is er grote kans dat de wetenschap binnen 25 à 30 jaar met een omvattend en effectief pakket aan levensverlengende (gen-)therapieën op de proppen komt. Een ontwikkeling die De Grey bijzonder zou verwelkomen: "Ouder worden is echt barbaars. Men zou het moeten verbieden. Ik heb geen behoefte aan enig ethisch argument. Ik heb geen enkel argument nodig. Mensen laten sterven is slecht."

Een zonderlinge uitspraak? Zij is zonder enige ironie gedaan en uiteindelijk gestoeld op een levensvisie die velen van ons - zo niet de meesten - huldigen, namelijk dat de waarde van onze levens bepaald wordt door ons subjectief gevoelde welbevinden. Wat is een mensenleven tenslotte meer dan een reeks van ervaringen? En zolang die ervaringen positief gewaardeerd worden, is dat leven goed en is continuering wenselijk. Een mensenleven heeft zin zo lang als het door degene die het leidt als positief ervaren wordt. AVL is dan goed omdat het de mogelijkheid creëert van méér positieve ervaringen in de levens van mensen, een eigenschap die AVL welbeschouwd gemeen heeft met elke effectieve medische interventie.

Maar wat zouden de gevolgen zijn van AVL voor de verhoudingen binnen gezinnen en families, en tussen de generaties, voor de zorg, de werkgelegenheid, onze pensioenvoorzieningen, voor de samenleving als geheel? Zal AVL niet onvermijdelijk de vernietiging van sociale structuren tot gevolg hebben?

Mensen maken deel uit van sociale verbanden. De waarde van onze levens wordt bepaald door datgene wat ons als het ware 'van buiten' gegeven is, benadrukken de tegenstanders van AVL, door de natuur en door de generaties die ons zijn voorgegaan. Een mensenleven is een verhaal, met een begin, een midden en een eind. AVL zou dat verhaal verstoren. Iedere levensfase (jeugd, volwassenheid en ouderdom) heeft een eigen waarde, die correspondeert met verwachtingen die binnen de gemeenschap heersen.

De ontwikkeling van kind naar ouder en grootouder, om ten slotte plaats te maken voor de nieuwe generaties, geeft structuur aan de levens van mensen, houdt tradities levend en gemeenschappen vitaal. AVL ondermijnt de morele basis van ons bestaan. De waarde van ons leven, voeren de tegenstanders ervan aan, is gelegen in onze bijdrage aan het grotere geheel: het voortbrengen van nageslacht en het doorgeven van de normen en waarden die onze ouders ons hebben bijgebracht; sterven, en onze kinderen onze plaats te gunnen.

Een beperkte duur stelt mensen in staat het verhaal van hun leven zo goed mogelijk uit te leven. De Amerikaanse arts, ethicus en schrijver Leon Kass, verklaard tegenstander van AVL, spreekt zelfs van de verdiensten van de sterfelijkheid. Zonder beperking van de duur zijn belangstelling en betrokkenheid allesbehalve vanzelfsprekend. Zou een voetballer wiens levensduur verdubbeld is met evenveel spelvreugde twee maal zoveel wedstrijden spelen? Hoeveel ouders die kinderen hebben grootgebracht, zullen - hoe groot ook de voldoening - opnieuw aan zo'n klus willen beginnen als de laatste eenmaal het huis verlaten heeft?

Evenmin vanzelfsprekend zijn ernst en aspiratie. Zouden wij het leven werkelijk serieus en met passie kunnen leven wanneer de duur niet beperkt zou zijn? Voor onze ondernemingen is het besef dat onze tijd beperkt is juist van wezenlijk belang. Om de dagen te kunnen laten tellen moeten ze te tellen zijn. En zou het zonder beperking van de duur werkelijk mogelijk zijn om in morele zin een voortreffelijk leven te leiden? Edelmoedigheid veronderstelt sterfelijkheid. De opofferingsbereidheid van soldaten op het slagveld kan alleen maar onder sterfelijken worden aangetroffen. De onsterfelijke heeft immers geen doodsangst te overwinnen.

Heeft Kass gelijk? Is een beperkte levensduur zo bezien niet juist een zegen? AVL maakt mensen niet onsterfelijk. Mensen wier levensduur verlengd is zijn nog altijd kwetsbaar. Ongelukken, oorlogshandelingen, natuurrampen, risicovolle lifestyle-keuzen en ziekten zullen nog steeds de dood tot gevolg kunnen hebben. Omdat AVL 'slechts' langer leven, en langer gezond leven beoogt, valt niet goed in te zien waarom morele uitmuntendheid minder goed mogelijk zou zijn. Mensen die langer leven hebben in ieder geval meer tijd om goede daden te verrichten. En me dunkt dat een soldaat die een verdubbelde levensduur tegemoet mag zien, heel wat meer te verliezen heeft wanneer hij op het slagveld zijn leven voor anderen in de waagschaal stelt.

En die sense of urgency? Is het echt niet voorstelbaar dat dit leven onuitputtelijke bronnen van ernst en aspiratie kent? Vriendschap bijvoorbeeld. Of liefde... En ten slotte: waarom zouden mensen over langere perioden geen belangstelling en betrokkenheid kunnen opbrengen voor uiteenlopende ondernemingen? Mensen met verlengde levens kunnen toch telkens wat nieuws proberen...

Rond 1860 lag de gemiddelde levensverwachting in Nederland op 37 jaar. De huidige levensverwachting ligt rond de 80 jaar. In de loop van de laatste eeuwen is de levensverwachting spectaculair toegenomen. Sociale verhoudingen hebben zich gewijzigd maar vernietiging van sociale structuren is uitgebleven. Waarom zou dat wel gebeuren bij een verdere sterke stijging van de levensverwachting? En als de levensverwachting eenmaal in die mate is gestegen, zal er echt niet terugverlangd worden naar de tijd toen we nog maar 80 jaar konden worden. Terugverlangen naar de levensverwachting van 1860 is tenslotte ook absurd.

Voor overbevolking vrees ik niet. Bij een hogere levensverwachting neemt de economische behoefte aan 'nieuwe' mensen domweg af. Levensverwachting en het aantal nakomelingen hangen samen: bij een hogere levensverwachting daalt het kindertal. Sommigen begrijpen voorplanting vanuit de diepgewortelde behoefte tot transcenderen: door nakomelingen leef je voort en overwin je de dood, maar ook dan geldt: de behoefte eraan neemt af als je ouder denkt te worden. En mocht de AVL toch leiden tot overbevolking, dan moeten we de voorwaarden aanpassen.

Misschien komt een afgewogen oordeel over AVL als nieuwe, omstreden medische technologie met het inzicht dat de perspectieven van de voor- en tegenstanders uiteindelijk niet onverenigbaar zijn. Mensen zijn individuen maar maken tevens deel uit van gemeenschappen. Onze levens hebben zowel objectieve als subjectieve waarde. Veel is ons immers gegeven, maar veel ook wordt door ons gemaakt. Een mensenleven is een reeks van ervaringen, maar is en blijft altijd ook een verhaal met een begin, een midden en een eind.

AVL kan de morele basis van ons bestaan wegnemen, maar dat hoeft helemaal niet. AVL is goed, maar kán slecht zijn. Wat als AVL bijvoorbeeld gemonopoliseerd zou worden door een heerszuchtige elite? Nieuwe medische technologieën voeden de illusie van onkwetsbaarheid en zijn zeer verleidelijke machtsmiddelen. Solidariteit - in de zin van verbondenheid met anderen ingegeven door het besef dat fragiliteit nu eenmaal met het leven gegeven is, en van de bereidheid om elkaars bestaansrisico's over te nemen - kan eroderen. Maar ook met AVL blijft een mensenleven kwetsbaar en fragiel.

Nieuwe medische technologieën, gentechnologie (het sleutelen aan erfelijk materiaal) in het bijzonder, doen velen huiveren. Dat is niet altijd terecht. AVL is inderdaad verbeteren, en niet zozeer genezen. Maar vaccineren is dat evenmin. Mocht u tijd van leven hebben en zo'n RIVM-brief op uw deurmat aantreffen, dan zou u de uitnodiging serieus moeten overwegen. Met zo'n aanbod is weinig mis.

Dit essay is een bewerking van Martin Buijsens lezing, gehouden voor het Thijmgenootschap, de vereniging voor wetenschap en levensbeschouwing.

Was getekend, ..................

RIVM

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden