Willem Aantjes overleden

Willem Aantjes in 1979 Beeld anp
Willem Aantjes in 1979Beeld anp

Willem Aantjes is vanochtend op 92-jarige leeftijd overleden. De CDA-politicus leidde vanaf 1971 de fractie van de Anti Revolutionaire Partij (ARP) en na de fusie tot het CDA stond hij aan het hoofd van de fractie van die partij. Hij was bijna twintig jaar lid van de Tweede Kamer.

De CDA'er verdween in 1978 uit de politiek door toedoen van Lou de Jong, directeur van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie. Die vertelde dat hij zich in de Tweede Wereldoorlog had aangemeld bij de Duitse Waffen SS. De lezing van Aantjes zelf was genuanceerder en werd later door onderzoek bevestigd. Aantjes was lid geweest van de Germaanse SS en de omstandigheden waren anders dan De Jong meldde, maar het kwaad was geschied.

De kwestie was een deuk in de reputatie en de lange staat van dienst van Aantjes. Gedenkwaardig was bijvoorbeeld het uitspreken van de zogenoemde Bergrede bij het eerste congres van het CDA in 1975. Daarin formuleerde hij zijn definitie van christen-democratische politiek. Tijdens het kabinet Van Agt-Wiegel moest hij opstandige fractieleden, die liever met de PvdA wilden regeren, binnenboord houden. Na zijn aftreden liet het CDA hem vallen. Maar hij bleef zonder rancune lid van de partij en mengde zich de laatste decennia ook weer in politieke discussies. Zijn relatie met het CDA kwam ook weer in het reine.

Hoe een eigenlijk onbetekenende jeugdzonde zijn leven verwoestte

Als wij stilstaan bij de dood van Willem Aantjes kunnen we niet anders dan vooral terug te denken aan de catastrofe in zijn leven aangericht door de ontdekking van zijn lidmaatschap van de Germaansche SS op het laatst van de oorlog. Een eigenlijk onbetekenende jeugdzonde heeft Aantjes' carrière gebroken, zijn leven verwoest.

Een jeugdzonde was het trouwens niet eens. Dat lidmaatschap was geenszins bedoeld om de nazi-ideologie te omhelzen; het diende alleen als vehikel, het enige dat in de gegeven omstandigheden beschikbaar was, om deze zeer tijdelijke rekruut uit een ongewenst verblijf in Duitsland weer naar Nederland terug te brengen. Een paspoort eigenlijk, dat een vodje papier werd zodra het zijn dienst had gedaan.

Buitenproportionele rel
Was dit direct na de oorlog bekend geworden, dan was er misschien wel enig rumoer ontstaan maar dat had niet lang geduurd. Heel wat lieden die zich wél kwalijk hadden gedragen zijn ongemoeid gebleven. Hoe kan het dan dat Aantjes' jeugdfoutje na de ontdekking ervan in 1978 zo'n buitenproportionele rel heeft opgeleverd en voor hemzelf zulke tragische gevolgen heeft gehad?

De eerst verantwoordelijke hiervoor is natuurlijk Loe de Jong, die, zich opwerpend als onze nationale scherprechter en niet in toom gehouden door het slappe handje van het kabinet Van Agt, de toon heeft gezet door de media te mobiliseren en Aantjes aan het kruis te nagelen, niet als lid van de Germaansche maar van de Waffen SS.

Een schandelijke vergissing die de oorlogshistoricus pas veel later en met veel moeite een geprevelde rectificatie zou ontlokken. De vaderlandse media (maar niet alle) lieten zich door een ontketende De Jong meeslepen; zij dansten mee in een bruut volksgericht.

Reputatie
En Aantjes was hooggeplaatst. Hij had een grote reputatie gekregen sinds hij in 1971 leider van de Anti-Revolutionaire Tweede Kamerfractie was geworden onder het kabinet van zijn partijgenoot Biesheuvel.

Met de grote man als premier viel er niet aan te denken dat Aantjes en zijn fractie grote stoutmoedige sprongen zouden kunnen maken. Maar het kabinet bezweek door onderlinge verdeeldheid en de uitslag van de verkiezingen (1972) maakte voortzetting van de centrumrechtse samenwerking onmogelijk.

Omschakeling naar centrumlinks lag getalsmatig voor de hand, maar stuitte op een dure eed die de PvdA en haar satellieten hadden gezworen: nooit, maar dan ook nooit zouden ze meer met de centrumpartijen (KVP, ARP en CHU) in een coalitie samenwerken. Het stond pat: met rechts kon het niet, met links mocht het niet.

null Beeld anp
Beeld anp

Diepe verdeeldheid
In die gepolariseerde omstandigheden is de beruchte formatie van het kabinet Den Uyl begonnen. De barensnood waarmee het ter wereld is gebracht, is in tal van geschriften bestudeerd en beschreven. De grootste spanningen en complicaties concentreerden zich in de AR-fractie: de oude Biesheuvelgezinde garde (met Biesheuvel zelf nog als fractieleider) botste hard met jongere, veelal nieuwe Kamerleden die centrumrechts wilden verruilen voor centrumlinks. De getalsverhouding was 8 rechts tegen 6 links.

Eerst verdween Biesheuvel zelf als Kamerlid, hij mocht het Kamerlidmaatschap niet langer met het ministerschap combineren. Daarna stierf Tjebbe Walburg, een Friese Biesheuvel-adept. Beide vacante Kamerzetels vielen toe aan linksgezinde kandidaten. 8-6 werd 6-8.
De AR-fractie besloot na een woelige vergadering het kabinet Den Uyl te gedogen. Ook de KVP-fractie ging akkoord (maar niet die van de CHU) en nadat links zijn banvloek tegen de middenpartijen min of meer had ingeslikt, kon Den Uyl beginnen.

Halverwege deze voor de ARP smartelijke periode heeft Aantjes van Biesheuvel het stokje overgenomen en het is van dat moment af (maart 1973) dat hij een hoofdrol in de Nederlandse politiek ging vervullen. Voortdurend zou hij aan hevige spanningen blootstaan. In de fractie moest hij het hoofd bieden aan diepe verdeeldheid en af en toe harde persoonlijke botsingen. Er was ook groeiende opstandigheid binnen de partij die de omslag naar links niet begreep en het afscheid van de bijzonder geliefde Biesheuvel als persoonlijk verraad beschouwde.

Aantjes heeft zich manhaftig ingezet om het AR-volk ertoe te brengen de electorale feiten onder ogen te zien en daaruit de onafwendbare conclusies te trekken. Hij zou zijn aanhang diep tevreden hebben gesteld als hij zich net als de CHU met een kort en krachtig gebaar uit de formatieperikelen had teruggetrokken en het aan de KVP had overgelaten om met Den Uyl een of ander arrangement te zoeken. De KVP had dat best gewild. De CHU had die keus al gemaakt, waarom de ARP dan niet? Maar Aantjes vond dat het AR-staatsrecht hem gebood constructief te zijn en zijn verantwoordelijkheid te nemen. Een trek die hem blijvend zou kenmerken: hij versmaadde de makkelijke en goedkope successen en koos consequent voor het glibberigste, steilste en smalste pad dat beschikbaar was.

Onvermoeibaar
Onvervaard ging hij na de formatie de confrontatie aan met zijn bokkige, wantrouwende partijgenoten. Een helse rondgang langs de provinciale partijorganen zou het begin worden van een onafgebroken campagne die hij de ganse kabinetsperiode zou volhouden om tegenover een onwillige aanhang zijn keuzes uit te leggen en te verdedigen.

Die inspanning was niet overbodig. Het kabinet Den Uyl adverteerde met zijn linkse signatuur. De PvdA en haar satellieten meenden het aan hun aanhang verplicht te zijn het beeld te beheersen. De KVP en ARP hadden in hun nadagen (de oprichting van het CDA was nakend) meer moeite zich met het beleid te identificeren. Maar Aantjes was onvermoeibaar.

Alles wat hij in zich had zette hij in: zijn vernuft, zijn zeer grote verbale vermogens, zijn scherpe tong. Hij steeg boven zichzelf uit. Gaandeweg oogstte hij enig succes. Bij de met links sympathiserende pers verwierf hij veel goodwill en bij de minder met links sympathiserende aanhangers van zijn eigen partij groeide respect en zelfs bewondering voor zijn formidabele inzet.

Ter verdediging van zijn optreden benadrukte hij aanvankelijk vooral staatsrechtelijke argumenten, maar weldra ging hij ook inhoudelijke motieven gebruiken. Op den duur groeide hij uit tot een consequent verdediger van de centrumlinkse samenwerking. Voor wie wist dat hij ooit als vertegenwoordiger van werkgevers was binnengehaald, kwam deze draai onverwacht. Het lijkt erop dat hij die richting pas is ingeslagen tijdens de gigantische inspanning die hij zich heeft moeten getroosten om zijn partij met het kabinet Den Uyl te verzoenen: al pratend en argumenterend moet hij zich ervan hebben overtuigd dat het land deze coalitie nodig had. Dit werd zijn 'nieuwe koers': samenwerking met links bood kansen op een beleid dat in kwalitatief en ethisch opzicht van hogere orde zou zijn dan wat men tot dusverre had gezien.

Aantjes begon te pleiten voor bescherming van het kwetsbare en voor solidariteit met de zwakkeren. Erg concreet werd hij daarbij niet. Al te duidelijke wensen zouden het beleid van het vorige kabinet (immers dat van Biesheuvel) in een ongunstig licht hebben geplaatst en dat kon aan de AR-aanhang niet worden verkocht. Intussen bereikte Aantjes in zijn preken hoge toppen van welsprekendheid, vooral als hij een beroep deed op het hogere. Hij wist een sfeer van wijding te scheppen en een innige toon te treffen die tegenspraak ontmoedigde.

null Beeld anp
Beeld anp

Preken tegen het CDA
Diezelfde kwaliteiten zou Aantjes nodig hebben in de strijd die hij ging voeren bij de vorming van het CDA. Tot begin jaren zeventig was het AR-volk morrend akkoord gegaan met heel kleine stapjes die tot de fusie met KVP en CHU zouden leiden. Telkens moest vooral de KVP braaf gereformeerde staatkundige beginselen nazeggen om de antirevolutionairen op weg naar de eenwording mee te krijgen.

Maar de samenwerking met Den Uyl deed wonderen: toen de AR-broeders doorkregen dat de vorming van het CDA een streep door de linkse rekening zou zijn, moest het CDA er van hen dadelijk komen - dit tot ongerustheid van Aantjes die zijn nieuwe koers, zijn kunststuk, in gevaar zag komen.
Weer ging hij het land in, dit keer om oude, ietwat versleten partijbeginselen ('het ambt van de overheid') op te poetsen in de hoop een vergaan AR-sentiment tot leven te kunnen brengen en zich zo rechtse CDA-krachten van het lijf te houden. Succes had dit niet, de partijgenoten vonden dat hij prachtig preekte, maar het CDA moest doorgaan.

Ten slotte ontketende Aantjes nog een conflict over 'de werking van de grondslag' van de nieuwe partij dat niet door iedereen werd begrepen en vandaag volledig is vergeten.

Befaamde congresrede
Wel is de herinnering levend gebleven aan zijn befaamde congresrede over de Bergrede (Matteüs 5-7), de hongerigen en dorstigen die moesten worden gelaafd en gevoed, de vreemdelingen die moesten worden gehuisvest, de naakten gekleed en de gevangenen bezocht.

De tv zond het uit en kijkers raakten tot tranen ontroerd. Maar vooral de KVP volgde het verhaal totaal niet: hoe kon men denken dat vermaningen tot persoonlijke liefdadigheid konden worden omgezet in richtlijnen voor beleid? Maar voor Aantjes was het persoonlijke politiek en omgekeerd. En de AR-aanhang was het gloeiend met hem eens, maar liet zich het CDA niet meer afnemen.

Juist toen Aantjes zich opmaakte voor een nieuw avontuur stortte zijn politieke bestaan in. Hij was CDA-fractieleider geworden, in alweer een precaire situatie. Den Uyl had een eclatante verkiezingsoverwinning uit handen gegeven en er was een coalitie met de VVD gekomen, dankzij een schamele meerderheid. Binnen de CDA-fractie broeide het ongenoegen van potentiële dissidenten. Aantjes zou al zijn vernuft nodig hebben om het CDA hier heelhuids doorheen te loodsen. Maar de onthulling van zijn oorlogsverleden kapte alles af; hij kon niet anders dan aftreden.

Geruchten over dat verleden hadden lang rondgezongen. Maar die omineuze initialen SS waren een akelige verrassing. En waarom had Aantjes dat verleden zo lang (en naar later bleek zelfs voor zijn familie) verzwegen? Bleek daar niet uit dat hij er zelf ook mee zat?

Aantjes zou later koeltjes zeggen dat indien het lidmaatschap van de Germaansche SS betekenisloos was, ook het verzwijgen ervan zonder betekenis moest worden geacht. Willem de Verzwijger zat zelden om een sofisme verlegen.

null Beeld anp
Beeld anp

Weerstand
Hoe dan ook, een lange tocht in de woestijn begon. Het CDA liet hem vallen. Elke poging om in de politiek terug te komen, in de Kamer, de gemeenteraad van Utrecht of het Europese parlement, werd verijdeld. Aantjes solliciteerde naar een baan als bestuurder van een universiteit, maar werd wegens zijn te hoge leeftijd afgewezen; even later werd iemand benoemd die een stuk ouder was. Er was geheimzinnige weerstand tegen zijn lidmaatschap van de Raad van State en tegen zijn kandidatuur als voorzitter van de Omroepraad.

Het werd ten slotte het voorzitterschap van de Kampeerraad. Hij heeft dat werk jarenlang met plezier gedaan, maar verdroeg ook beschimpingen van lieden die zeiden dat de baan 'wegens zijn kampervaring' geschikt voor hem moest zijn.

Hij heeft zijn lot - de smaadheid van mijn jeugd, zoals hij Jeremia 31:19 kon citeren - als een man gedragen. Naar buiten toe kwam geen klacht over zijn lippen. Stellig zal hij zich zijn gereformeerde bondsverleden uit zijn geboorteplaats Bleskensgraaf hebben herinnerd. In de bevindelijke geloofsbeleving van dat milieu was de verlossing een precaire kwestie. Pas na een smartelijke bekeringsgeschiedenis en door genade kon je misschien uitverkoren worden. Zeker kon je daarvan niet zijn. Als je dacht dat je er was, eigende je je misschien iets toe wat jou niet toebehoorde. Je kon met een ingebeelde hemel naar de hel gaan; erger kon je niet verdoemd zijn.

Aan het tobben en worstelen hierover kwam nooit een eind en dat is lang bij Aantjes blijven horen, ook nadat hij afscheid had genomen van het geloofsmilieu van zijn jeugd. Zijn tragische lot zal hem niet hebben verbaasd. Dat een arme zondaar wordt beproefd - de boetvaardige Aantjes zal niet anders hebben verwacht.

Toch heeft hij zich ook daarvan kunnen bevrijden. Hij keerde zich niet rancuneus af van de politiek, maar bleef lid van het CDA en volgde de ontwikkelingen op het Binnenhof gepassioneerd. De parlementsredactie van deze krant heeft menigmaal geprofiteerd van zijn kennis en inzichten. Tot op hoge leeftijd liet hij in ingezonden stukken van zich horen. Van de kant van de publieke opinie werd een zekere gêne merkbaar: had men zich niet te makkelijk laten meeslepen in de wraakzucht van Loe de Jong?

Ten slotte is het goed met hem gekomen. Hij vond een nieuw persoonlijk geluk en sloot vrede met de wereld. Aan het liberale avondblad vertrouwde hij toe dat je getweeën onder de douche veel pret kon hebben. Aantjes die pret heeft! Het heeft lang geduurd voor het zover was, maar uiteindelijk is dat geluk hem niet ontgaan.

null Beeld anp
Beeld anp
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden