Wilders’ geestverwanten deserteren

Je kunt tegen het optreden van Geert Wilders allerlei bezwaren inbrengen, maar consequent gedrag kan hem niet worden ontzegd. Al jaren geleden kondigde hij samen met Ayaan Hirsi Ali een ’liberale djihad’ tegen de islam aan en wat hij nu laat zien, heeft van deze heilige oorlog alle kenmerken.

Je zou verwachten dat de leden van de voormalige lijfgarde van Ayaan zich enthousiast achter Wilders opstellen. Publicisten als Leon de Winter, Sylvain Ephimenco en vooral Afshin Ellian hebben naar het voorbeeld van Hirsi Ali jarenlang gefulmineerd tegen het gevaar van de islam in het algemeen en tegen het gedrag van de moslims in ons land in het bijzonder, maar nu Wilders de kat de bel aanbindt, blijken ze zich openlijk van hem te distantiëren.

Heel uitdrukkelijk gebeurt dat door Ephimenco in Opinio van vorige week. In een uitvoerige open brief aan Wilders doet hij hem allerlei scherpe verwijten en kondigt hij aan dat Wilders ’de rest van de weg alleen, of beter gezegd, samen met uw snel radicaliserende kiezers zal moeten afleggen’. Hij verwijst daarbij naar de column van Ellian in NRC Handelsblad die zich eveneens kritisch over Wilders uitliet en hem ’in snel tempo in de richting van extreem-rechts’ zag bewegen.

Hier is geen touw aan vast te knopen. Wat Wilders momenteel zegt en doet ligt volledig in het verlengde van wat door Hirsi Ali en haar bewonderaars sinds jaar en dag wordt beweerd. Zelfs mijn zeer onvolledige knipselarchief bevat daarvan een overvloed aan bewijzen. Laat ik een paar voorbeelden geven.

Wilders spreekt, inderdaad uiterst denigrerend, over de profeet Mohammed als over een ’ultieme viezerik’. Maar zei Hirsi Ali inhoudelijk iets anders toen ze de profeet een ’perverse man’ en een ’pedofiel’ noemde? En ging Ellian niet nog een stap verder toen hij schreef over ’de bordelen en gruwelkamers van Mohammed’ en zich in deze krant afvroeg: ’Wat moet ik met zo’n gewelddadige Allah die een pornografische wereld met tweeënzeventig maagden bestiert?’

Wilders gaf onlangs Nederlandse moslims de raad de helft uit de Koran te scheuren en weg te gooien. Ephimenco vindt dat verschrikkelijk en gaat omstandig uitleggen dat voor moslims ’elke vierkante centimeter van elke bladzijde van de Koran heilig is’. Maar Ellian zou Wilders groot gelijk moeten geven. Hij noemde het boek nog maar een half jaar geleden ’een rechtstreekse inspiratiebron voor daders van talloze misdrijven die wereldwijd worden begaan’. Eerder vroeg hij zich af of de Koran niet moest worden verboden. Trouwens – andere quote – ’als je de Koran leest, krijg je soms het idee dat het islamitische paradijs het midden houdt tussen een groenteboer en een bordeel’.

Derde en laatste voorbeeld. Wilders zegt islamitische bewindslieden niet te vertrouwen omdat ze een dubbele loyaliteit hebben. Ellian zei het ooit heel wat krasser: ’Moslimpolitici zijn niet te vertrouwen, omdat ze in de eerste plaats aan Allah loyaal zijn. Moslimpolitici spreken met een dubbele tong: wanneer ze de macht nog niet in handen hebben, zijn ze democraat en beloven van alles, maar zodra ze de macht hebben veroverd, voeren ze uit wat Allah hun heeft ingefluisterd: tirannie, moord en marteling. Deze gouden regel geldt dan ook voor alle moslimpolitici in Europa’.

Boven Ellians column, een van de meest overspannen teksten die hij heeft afgescheiden, stond de kop ’Islamitisch kannibalisme’, een uiterst wonderlijke uitdrukking die nergens wordt gestaafd maar waarvan hij zo verrukt was dat hij ze ook gebruikte in de ondertitel van zijn bundel ’Brieven van een Pers’.

Wat ik wil zeggen: indien Wilders momenteel uit alle macht provocerend bezig is, dan borduurt hij voort op de provocaties van de genoemde publicisten, die er dan ook wijs aan zouden doen over hem te zwijgen. Ze hebben hem jarenlang gesouffleerd. Hij is hun discipel. Hij voegt de daad bij het woord, beter gezegd: bij de vele woorden die in naam van de vrijheid van meningsuiting de moslims zijn toegevoegd.

Ik kan mij voorstellen dat deze publicisten zich ergeren aan de ruige stijl van Wilders maar het is helaas te laat voor een terugtrekkende beweging. Ze zouden er beter aan doen zich af te vragen of ze zich aan Wilders’ veldtocht niet medeplichtig hebben gemaakt.

Het morele aspect van verbaal radicalisme is nergens treffender verwoord dan in Georg Büchners beroemde drama ’Dantons Tod’. Samen met zijn medestanders wacht Danton op zijn executie. Ze hebben de revolutie gepredikt, met felheid en overtuiging, maar ze moeten nu vaststellen dat wat zij beoogden is uitgelopen op een bloedige terreur.

Een van hen spreekt Danton daarover aan: ’Blickt um euch, das Alles habt ihr gesprochen. (...) Geht einmal euren Phrasen nach, bis zu dem Punkt wo sie verkörpert werden’.

Een leerzame tekst die ik graag doorgeef. Kijk om je heen en vraag je eens af waarop je uitdagende fraseologie is uitgelopen, tot op het punt van de huidige parlementaire verloedering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden