'Wilde' natuur aan de Waal

De ekotripper, die vandaag zijn laatste woorden in deze krant schrijft, heeft ruim anderhalf jaar rondgelopen in de groene wereld. Tussen mensen die hartstochtelijk het kleine beetje natuur koesteren dat ons land rijk is, die bosuilen menen te horen wanneer er een motor over de snelweg scheert, en hazen, konijnen en zangvogels spotten terwijl ze uitkijken over een industrieterrein waarboven vliegtuigen opstijgen.

Hoe schaarser iets wordt, des te heftiger je het liefhebt en beschermt - zoiets zal het zijn. We moesten dan ook enigszins gniffelen toen er een persbericht in onze mailbox zat van het Natuurmuseum in Nijmegen, met een uitnodiging voor hun tentoonstelling 'Wildernis aan de Waal'. Wildernis. In Nederland. Ja hoor, sure.

Nieuwsgierig en vals als we zijn, doken we toch de auto in en togen we over kilometers asfalt, diverse ringwegen en langs talloze industrieterreinen naar Nijmegen, waar de interactieve tentoonstelling over en met wilde dieren in het rivierengebied vandaag moet concurreren met de Nijmeegse Vierdaagse-feesten en een kermis. Achter de balie schrikken twee receptionistes van de ekotripper op als was die zelf een wilde wolf die hen kwam aanvallen.

Er blijkt nog geen volk over de vloer te zijn. De expositie, vooral leuk voor kinderen, bestaat uit opgezette aalscholvers, haviken, visarenden, buizerds, ooievaren en een edelhert. De vogels komen allemaal in de regio voor, het hert niet.

"Maar dat willen we wel graag", voegt programmamaakster en pr-dame Tessa Buck toe. Ze legt uit dat de zandbank waarlangs we zijn gereden toen we Nijmegen binnenkwamen, de aanleg van een 'nevengeul' betreft, die de Waal meer ruimte moet geven. Er komt een eiland waarlangs de Waal aan twee kanten zal stromen, en dat geheel moet de kans op overstroming van de stad verkleinen. De lokale natuurlobby ruikt kansen en maakt zich hard dat het eiland niet volgebouwd gaat worden, maar dat er ook ruimte komt voor natuur. Wie weet met herten.

Dat hele plan gaat aan het gezin Alfing uit Arnhem voorbij. Moeder komt met haar twee kinderen Nick en Laurie binnen en het gezin gaat meteen ruiken en voelen. Je kunt hier namelijk ook de natuur ruiken (op een knop drukken en dan wordt er met otterpoep en bevergeil geparfumeerd) en voelen, door je hand in een soort grabbelton te steken en een voorwerp te voelen en te raden wat het is.

De Alfings zijn echte natuurliefhebbers en gaan vaak wandelen in de bossen. Recreëren in het groen, als was het een Walt Disney-pretpark met bomen en beestjes. Leuk hoor, maar wildernis...?

Nick en Laurie doen de test om te ontdekken hoe wild ze zelf zijn - onderdeel van de expositie. Wat trek je aan als je de natuur in gaat (niks, naakt en op blote voeten of geheel in outdoor kleding), wat doe je als je naar de wc moet (wild plassen of de boel ophouden) en hoe reageer je als er een Gallowayrund op je afkomt? Negen van dat soort vragen.

De kinderen blijken echte 'wildebrassen' te zijn, in tegenstelling tot hun moeder; die is een 'milde wilde'. Zij komt vooral voor haar rust in de natuur, en dan zit je niet te wachten op een treffen met wild rund.

Tessa Buck van het Natuurmuseum geeft toe dat je eindeloos kunt debatteren over wat je onder wilde natuur verstaat en wat niet; helemaal geen of slechts een geringe culturele ingreep aangaande de grillen van moeder natuur? En hoe natuurlijk zal het eiland in de Waal straks worden, ook al zijn daar straks otters en bevers, wanneer dat door mensen kunstmatig is aangelegd?

Ach, wat maakt het uit. Ieder beetje groen is mooi meegenomen. Maar laten we niet doen of we midden in de wildernis leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden