’Wij zijn Partij voor de Duurzaamheid’

(Trouw)

Niet haar Partij voor de Dieren maar de gevestigde partijen bedrijven one-issue politiek, meent fractievoorzitter Marianne Thieme. De partij congresseert dit weekeinde.

Een bijdrage van bijna een uur leverde Esther Ouwehand, Tweede Kamerlid voor de Partij voor de Dieren (PvdD), vorige week tijdens het debat over de ’voetbalwet’. Ze ageerde tegen de grote preventieve bevoegdheden van de overheid om veiligheid te waarborgen.

Bewakingscamera’s, identificatieplicht, preventief fouilleren, samenscholingsverboden, aftappen van telefoongesprekken: de PvdD wordt er niet blij van. „Vooral de hysterische aanpak waarmee groepen gestigmatiseerd worden, baart ons zorgen”, verklaart fractievoorzitter Marianne Thieme de uitgebreide deelname aan dit debat.

Omdat dierenactivisme ook vaak in een kwaad daglicht gezet wordt, besloot de fractie stevig uit te pakken. „Wij vinden activisme een groot goed voor de samenleving, zolang je je blijft begeven binnen de grenzen van de wet. Activisme mag geen vies woord worden. Straks mag je niet meer anders denken zonder als extremist bestempeld te worden.”

De PvdD komt er na tweeënhalf jaar politiek bedrijven steeds vaker aan toe om haar bredere visie te verkondigen, en het grote belang van de partij voor het voetlicht te brengen. „Een overstijgend belang dat de zittende politiek degradeert tot one-issue politiek”, aldus Thieme. „Maar de traditionele politieke partijen denken vrijwel alleen aan de belangen van de westerse mens en zijn geld. Wij kijken naar de hele leefomgeving. We hadden ook Partij voor de Duurzaamheid kunnen heten, maar met dieren maak je het concreet. Dierenwelzijn staat niet los van het goed omgaan met mens en milieu; het hoort bij elkaar. Als je nadenkt over belangen buiten je eigen soort, komt het besef vanzelf dat je niet altijd jezelf voorop moet stellen.”

Zijn de dieren dan eigenlijk niet meer dan een electorale hefboom? Een volmondig ’nee’ volgt. „We zijn met de partij begonnen vanuit vier dierenorganisaties omdat het eerste kabinet-Balkenende een ramp voor dieren was. Dierenrechten zullen altijd onze corebusiness zijn. Het is zeker geen lokkertje.”

Het stelt Thieme teleur dat geen andere partij eerder voor dieren is opgekomen. „Ook voor GroenLinks zijn groene onderwerpen slechts bijzaak. Ze weten al twintig jaar dat de veehouderij de grootste milieuvervuiler is, maar hebben daar nooit een serieus punt van gemaakt. In steden waar ze in het college zitten, is nog steeds weinig veranderd. GroenLinks zit gevangen in het denken dat politiek compromissen sluiten is.”

Thieme wil bij voldoende gekwalificeerde kandidaten ook meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen, maar ziet besturen nog niet voor zich. „We zijn een getuigenispartij en dat wil ik voorlopig zo houden. Wij blijven staan waar we voor staan. Wij willen het maatschappelijk debat in de politieke arena zelf voeren. Ik vind niet dat deze andere, expressieve vorm van politiek bedrijven oneigenlijk is.”

De PvdD onderscheidt zich ook door niet jaloers te zijn op diervriendelijke voorstellen van andere partijen, zegt Thieme. Zo maakt het Kamerlid Dion Graus van de Partij Voor de Vrijheid (PVV) zich geregeld druk over het welzijn van huisdieren. Maar hij maalt niet om de bio-industrie of dierenproeven. Thieme: „De PVV is zeer selectief in de benadering van dierenwelzijn, maar soms helpt Graus diervriendelijke moties aan een meerderheid; prima. Dat de PVV het klimaatprobleem echter ontkent, is bespottelijk en zorgelijk.”

Op dat vlak zijn ze nog erger dan het CDA, stelt Thieme. „Het CDA erkent gelukkig het klimaatprobleem, alleen denken zij ten onrechte dat de markt het zal oplossen. Het gaat in het parlement bijna alleen over mensen en geld.” Het CDA en de VVD zijn de partijen waarmee de PvdD de meeste moeite heeft.

„Het CDA weet niet wat rentmeesterschap betekent. Voor hen betekent het vooral oogsten en overheersen in plaats van zorgen voor. Dat wij een antiboerenpartij zouden zijn, is echter een misvatting. Dat er voortdurend veehouders moeten stoppen met hun bedrijf komt echt niet door onze twee zetels, maar is het gevolg van CDA-beleid. Ik zou willen dat boeren daar eens bij stilstaan.”

Thieme voelt het meest verwantschap met D66. Electorale last lijken ze niet van elkaar te hebben, want beide partijen groeien ontzettend snel. Thieme: „Ik hoop dat we na de volgende verkiezingen in de Kamer niet alleen een vinger kunnen opsteken, maar ook af en toe een vuist kunnen maken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden