recensie

Wij zijn. Laat Swaab dat ervan maken

Beeld TRN Archive

Hersenwetenschapper Dick Swaab laat vragen onbeantwoord in 'Ons creatieve brein', vindt recensent Willem Schoonen.

'Wij zijn ons brein', het vorige boek van Dick Swaab uit 2010, werd een bestseller. Honderdduizenden exemplaren gingen er over de toonbank, avonden werd erover gedebatteerd. Maar het oogstte ook veel kritiek, van collega-hersenwetenschappers, en vooral van filosofen. Het was mooi geweest als Swaab in 'Ons creatieve brein', dat nu is verschenen, was ingegaan op die kritische vragen. Maar dat doet hij nauwelijks. In het vervolg op zijn bestseller maakt hij de zaken alleen maar erger.

Swaab wil in het boek laten zien dat hersenwetenschappers niet alleen maar onder het schedeldak zitten te kijken, maar zich zeer bewust zijn van de wisselwerking tussen brein en omgeving: "Dit boek geeft vele voorbeelden van de interactie tussen de hersenen en onze culturele en werkomgeving. Maar weer is het uitsluitend ons creatieve brein waarmee we ons beroep verder ontwikkelen, waar verf en steen tot kunst worden, de trillingen tot muziek en informatie, waar wetenschappelijke inzichten ontstaan en nieuwe behandelingen worden ontwikkeld. Het is dus niet meer dan logisch ons brein centraal te stellen."

Slipjesgooiende meiden
Hierop volgt een schier eindeloze reeks van hoofdstukjes over de meest uiteenlopende onderwerpen, van moreel gedrag, jaloezie en geloof tot muziek, beeldende kunst, misdaad, straf en allerlei hersenaandoeningen. En veel van die hoofdstukjes zijn nagenoeg leeg. Het gaat van Swaabs kleinzoon, via de hond van zijn vrouw, naar slipjesgooiende meiden bij een popconcert.

Voor het niveau zou de borreltafel zich schamen. Ter illustratie: het hoofdstuk over culturele invloeden op het brein bevat een paragraaf over spiritualiteit en geloof, die als volgt begint: "We hebben allemaal een bepaalde mate van spiritualiteit, en daarmee een ontvankelijkheid voor religie. Die ontvankelijkheid is voor 50 procent genetisch bepaald, zoals blijkt uit tweelingonderzoek. Dit wordt berekend uit het verschil tussen een- en twee-eiige tweelingen. Dean Hamer heeft een gen gevonden waarin kleine variaties de mate van spiritualiteit bepalen. Chinees onderzoek laat zien dat er ook kleine genetische variaties zijn (polymorfismen) in de serotoninereceptor die samengaan met een grotere kans om verliefd te worden of alleenstaand te blijven. In een onderzoek bij tweelingen is gevonden dat een genvariant van de vasopressinereceptor bij mannen de kans verhoogt op een slecht huwelijk."

Wartaal
Dit is wartaal. In 'Wij zijn ons brein' besteedde Swaab 32 pagina's aan 'neurotheologie', zoekend naar een antwoord op de vraag waarom zoveel mensen religieus zijn. Uit dat hoofdstuk zijn hele zinnen geplukt die in de hier aangehaalde paragraaf ordeloos op het papier zijn gesmeten. Jammer, want daarmee is dit nieuwe boek een af te raden aankoop, en komt het debat dat oplaaide na 'Wij zijn ons brein' geen stap verder.

De discussie ging onder meer over de vraag of de vrije wil bestaat. Het gaat terug tot de jaren tachtig toen een Amerikaanse neurofysioloog, Benjamin Libet, ging meten wat er gebeurde in de hersenen van mensen die op een moment naar keuze op een knop moesten drukken. Die metingen wezen uit dat de neuronen al signalen aan het versturen waren voor de proefpersoon besloot op die knop te drukken. De hersenen leken die beslissing te nemen, niet de mens. Swaab herhaalt de conclusie die hij eerder uit onderzoek als dit trok: "Het brein maakt onbewust beslissingen die later tot het bewustzijn doordringen. Dat laat geen ruimte voor het bestaan van een vrije wil."

Nu is in de filosofie al sinds die experimenten van Libet een serieus debat gaande over wat daar nu precies werd aangetoond. Kun je uit de neurale activiteit die daar wordt gemeten de conclusie trekken dat de hersenen een beslissing hebben genomen, of is dat filosofische onzin? En hoe definieer je precies 'vrije wil'?

Labelen
Dat debat onder filosofen laat Swaab koud, en hun kritiek deert hem niet: "Accepteren dat de vrije wil een mythe is, wordt determinisme genoemd. Filosofen zijn dol op het labelen van mensen, en ik word door hen dan ook meestal een naturalist, neuroreductionist of neurodeterminist genoemd. Dat klopt. (...) Een neurodeterminist zou iemand zijn die denkt dat het alleen het brein is dat ons gedrag bepaalt. Ook dat is correct."

De vragen die Swaabs critici hebben opgeworpen sinds zijn vorige boek klinken soms als een mop: Van wie is de uitspraak: 'Wij zijn ons brein'? Van Dick Swaab of van zijn hersenen? (Van Swaab natuurlijk, want hersenen kunnen niet praten).

Er komt van de hersenwetenschapper geen bevredigend antwoord. Integendeel. Neem een van de veelbesproken gevolgtrekkingen uit de stelling die Swaab propageert: als de hersenen aan mijn roer zitten en niet ik, dan kan ik niet verantwoordelijk worden gehouden voor mijn daden en dus ook niet voor mijn misdaden. Daarover zegt Swaab in dit nieuwe boek: "Als je mensen verantwoordelijk stelt voor hun daden op basis van het bestaan van een vrije wil, dan is die basis inderdaad niet wetenschappelijk. Maar er is wel een andere goede reden om mensen op hun verantwoordelijkheid aan te spreken, namelijk de schade die ze toebrengen aan de maatschappij waarin ze leven."

Achterhaald dualisme
Maar wie of wat wordt hier nu op zijn verantwoordelijkheid aangesproken: de mens of zijn brein? Een onzinnige vraag, volgens Swaab: "Er wordt vaak een kunstmatige tegenstelling gemaakt: wie is er verantwoordelijk voor mijn daden, ik of mijn brein? Dat is echter een achterhaald dualisme. We zijn ons brein, of het brein nu normaal functioneert, dement, psychotisch of extreem asociaal is. Het heeft dus ook geen zin als de dader zegt dat hij het slachtoffer neerschoot voor hij wist wat er gebeurde, want het is nog steeds zijn brein dat die voor onze maatschappij schadelijke beslissing nam."

Het probleem lijkt hier te verdwijnen in het niets, maar daarmee ook iedere logica. De stelling 'de vrije wil bestaat niet' volgt op de veronderstelling dat niet ik beschik, maar mijn hersenen. In die veronderstelling zijn dat dus twee verschillende dingen. Als Swaab nu zegt dat die een en hetzelfde zijn, waarom zou de vrije wil dan niet bestaan? Ik heb die niet misschien, maar mijn hersenen dan toch zeker? En één zijn we toch. Als Swaab het dualisme van persoon en hersenen nu toch zo drastisch opruimt, zou bij de volgende, 44ste druk de titel van zijn eerste boek, 'Wij zijn ons brein', moeten worden aangepast: Wij zijn.

Dick Swaab: Ons creatieve brein
Atlas Contact; 560 blz. € 29,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden