'Wij zijn hier, omdat jullie daar waren'

Het Amsterdamse Oosterpark krijgt het Nationaal Monument Slavernijverleden. Minister Van Boxtel benoemde 26 'ambassadeurs' die het belang van het monument moeten uitdragen. Hollandse handelaren verscheepten duizenden slaven van Afrika naar Suriname, de Antillen en Aruba. Nederland was een van de laatste landen die de slavernij afschafte op 1 juli 1863.

Gilbert Wawoe, lid van de Raad van State (Straatsraad van het koninkrijk, voor de Nederlandse Antillen) en een van de ambassadeurs voor het Nationaal Monument Slavernijverleden:

,,Het lijkt een Surinaamse aangelegenheid vindt u? Dat is te verklaren. In Nederland bestaat al lange tijd een Landelijk platform slavernijverleden dat wel achttien organisaties vertegenwoordigt. Daarin één Ghanese en één Antilliaanse vereniging. De rest van de achterban is Surinaams. Het slavernijverleden speelt een grotere rol in het leven van de (Creoolse) Surinamers dan in dat van de Antillianen. Naar Suriname werden 200000 slaven verscheept, naar de Antillen en Aruba 90000.

In Suriname wordt de afschaffing van de slavernij jaarlijks gevierd. Keti kotie is een nationale feestdag. Op de Antillen gebeurt op die dag helemaal niks. üls we iets vieren, dan is het in kleine kring. Er zijn ieder jaar mensen die op 17 augustus een herdenkingsplechtigheid organiseren op Het Rif, waar sinds enige jaren een monument staat ter nagedachtenis aan de slavenopstand.

Ik vind het trouwens wel mooi dat de slavenopstand wordt herdacht -een actie die van de slaven zelf uitging, een teken van verzet tegen een mensonwaardige situatie. Afschaffing van de slavernij gebeurde door de Nederlandse regering en Nederland was een van de laatste landen die de stap maakte.

Anders dan in Suriname zijn de verschillende bevolkingsgroepen op de Antillen inmiddels veel meer met elkaar vermengd. Dat gebeurt op eilanden. En we hebben één landstaal -papiamentu- die door de meeste blanken en de meeste zwarten wordt gesproken. Afgebakende bevolkingsgroepen zijn nauwelijks meer te herkennen. We zijn één happy family op een klein eiland. De slavernij maakt deel uit van onze geschiedenis, maar is geen big issue. De meeste mensen hebben niet alleen slavenbloed, maar ook bloed van de heersers en alle andere import.

Het monument in Nederland is een erkenning van een periode in de geschiedenis die voor veel mensen bepalend was. Voor wat ze nu zijn, en voor wáár ze nu zijn. Velen van ons worden geconfronteerd met de vraag: Wat doe je hier? Er is een rechtvaardiging voor. Afstammelingen van de Afrikanen zijn ooit gehaald door de Nederlandse staat. We are here, because you were there.''

Bezoekers van het Oosterpark in Amsterdam:

,,Flauwekul!'', roept een mevrouw in grijze jas in onvervalst Amsterdams op de vraag wat ze vindt van een slavernijmonument. Haar zwarte poedeltje trekt intussen ongeduldig aan de lijn. Het is guur in het Oosterpark. ,,Het is te lang geleden. Niet in het verleden blijven leven!''

Het echtpaar Bouwmans komt innig gearmd aanlopen bij het beeldje van de Bokkerijder. Hij komt uit Noord, zij uit de Spaarndammerbuurt. Nu wonen ze al veertig jaar op de kop van het Oosterpark, waar ze in de zomer veel wandelen. ,,Voor mij hoeft het niet'', zegt mevrouw Bouwmans. ,,Waarom zou er nou een monument moeten komen voor de slavernij?'', valt haar man haar bij. ,,Daar hebben wij niets mee te maken. En wij zijn al ouden van dagen.'' Zij weer: ,,We moeten niet meer terugkijken. We moeten vooruitkijken!''

Clara Hevenson loopt met de kinderwagen het park in. Het is een van haar laatste rondjes. Over een paar dagen keert ze terug naar het Duitse Rijnland. Ze kan niet aarden in het 'calvinistische Nederland'. ,,Ik vind het allemaal heel lang geleden'', zegt ze over het slavernijmonument. ,,Datzelfde vind ik van al die oorlogsmonumenten waar je hier over struikelt. Het is meer dan vijftig jaar geleden en het is nog steeds Duitsland, Duitsland, Duitsland. Het maakt ook uit of Nederland intussen schuld heeft bekend aan de slavenhandel. Niet? Dan zou je het kunnen doen. Maar niet te groot. Dit is wel een park. Hier kom je om je te ontspannen.''

,,Als de Surinamers het willen, vind ik het geen probleem'', zegt mevrouw Bakker. Ze ziet er deftig uit in haar bontjas. ,,Ikzelf vind het wel iets uit het verleden, hoor. De slavernij is al lang voorbij. We hebben genoeg aan de problemen van deze tijd.''

Cynthia McLeod, auteur van historische romans over de slaventijd in Suriname:

,,Surinamers en Antillianen hoef je er echt niet met een monument aan te herinneren dat er slavernij was. Dat monument is voor de Hollanders. Het is ook nodig want Nederlanders weten absoluut weinig van dat stukje uit hun geschiedenis. Maar ik vraag me af of een monument voldoende is. Ik vind dat het een aanzet moet zijn tot meer verdieping in dat aspect van de Nederlandse geschiedenis. Laat het op scholen uitgebreid aan bod komen.

De nazaten van de slaven hebben niets aan zo'n monument. Ik ben ook bang dat Nederland denkt: We plaatsen een herdenkingsteken en dan zijn we klaar met de slaventijd. Ik vind dat er iets substantiëlers moet gebeuren. In de eerste plaats een excuus. Liefst in Suriname en op de Antillen zelf. Gewoon, dat iemand namens de regering zegt dat ze spijt hebben van die periode. Dát zou geweldig veel indruk maken.

Veel nazaten van de slaven hebben zich ontwikkeld, hebben iets bereikt in het leven. Maar er zijn er nog zoveel in Suriname en op de Antillen die, omdat ze zwart waren, geen kansen kregen. Generaties lang. Ze zijn arm, onontwikkeld en slecht behuisd. Weet je wat ik voor Suriname zou willen? Een sociaal woningbouwproject. Goedkope huurwoningen voor de arme Creoolse moeders die in verschrikkelijke omstandigheden leven. Eenduizendste van die vijftien miljard aan belastingmeevallers zou al genoeg zijn. Dat zou een prachtig gebaar zijn.''

Rabin Baldewsingh, lid van de Haagse gemeenteraad voor de PvdA, Hindostaan, geboren in Suriname:

,,Het heeft me altijd gestoord dat de slavernij in de Nederlandse geschiedschrijving zo summier aan de orde komt. Aan de Leidse Universiteit heb ik cursussen vaderlandse geschiedenis gevolgd. Aan de slavernij besteedden ze anderhalve pagina. De geschiedenis van de 300000 Surinamers in Nederland is ook Nederlandse geschiedenis. Mijn geschiedenis is ook jouw geschiedenis''.

,,Ik vind het daarom goed dat er een nationaal monument komt. Dat wil ik benadrukken. Maar ik vind het jammer dat de Hindostaanse, Javaanse en Chinese contractarbeiders zijn uitgesloten, vooral omdat het een nationaal monument is, want dat zou iedereen moeten betreffen die te maken heeft gehad met slavernij.''

,,In 1863 is de slavernij afgeschaft, in 1873 kwam de eerste contractarbeider uit India aan in Suriname. Van 1873 tot 1916 zijn 34000 Hindostanen met schepen naar Suriname vervoerd. Ze vervingen op de plantages de slaven, die er niet langer wilden werken. De omstandigheden waren sinds de afschaffing van de slavernij niet verbeterd. Er werden nog steeds straffen uitgedeeld. Natuurlijk, de contractarbeiders kregen geld, hoe weinig dat ook mag zijn geweest. En ze zijn niet gedwongen om naar Suriname te komen. Maar de ontberingen waren dezelfde en daarom beschouw ik mijn grootvader als een Hindostaanse slaaf.''

,,Van mij hoeft er voor de contractarbeiders niet een apart monument te komen. Wel moet ook de geschiedenis van de contractarbeiders worden vastgelegd, bijvoorbeeld in een documentatie-instituut. Misschien ligt er een taak weggelegd voor Den Haag, met zijn bijna 50000 Hindostaanse inwoners.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden