Interview

Wij zijn geen stemvee van het kabinet

Senaatsvoorzitter Ankie Broekers-Knol: 'Vorig jaar hebben we als Eerste Kamer welgeteld één wet afgewezen.'Beeld Werry Crone

De Eerste Kamer maakt een onstuimige tijd door. Nu het politiek spannend wordt, merkt voorzitter Ankie Broekers-Knol hoe vertekend het beeld van haar werk is.

Wil je Ankie Broekers-Knol op de kast krijgen, zeg dan dat de Eerste Kamer een sta-in-de-weg is. Dat het land onregeerbaar is geworden nu het kabinet een minderheid heeft in de senaat. Dan wordt de 67-jarige VVD'er fel en legt ze nog eens zeer nadrukkelijk uit hoe consciëntieus haar collega's en zij wetteksten uitpluizen. Of die nu van een politieke vriend of vijand komen.

Het moet behoorlijk ontnuchterend zijn geweest toen ze dik een jaar geleden haar partijgenoot Fred de Graaf opvolgde. Broekers-Knol herinnert zich nog goed hoe politiek commentator Ferry Mingelen op de dag van haar verkiezing op de buis verscheen en moest erkennen dat hij niet wist wie de nieuwe Kamervoorzitter was. Op een Ferry Mingelen-toon speelt ze na: "Ankie, Ankie, ja, wie is Ankie?" Om enigszins verontwaardigd te vervolgen: "Niemand wist wie ik was!" Haar collega's reageerden ook teleurgesteld, vertelt Broekers. "Ze zeiden: je hebt hartstikke goede inbrengen gehad over justitie dit en dat, over Europa, noem maar op, toezeggingen gekregen. Daar weet kennelijk niemand iets van."

Er ging nog een lampje branden bij haar collega's. Broekers vervolgt, weer met een toneelstemmetje: "Als ze het van jou niet weten, weten ze het van mij ook niet. Wordt er eigenlijk wel gekeken naar wat we hier doen?"

In een gesprek van ruim een uur met de Kamervoorzitter die al sinds 2001 senator is, komt die frustratie steeds terug. Heeft de buitenwereld wel door wat er allemaal wordt gedaan in de senaat? In de media lijkt het of senatoren aan de leiband van de Tweede Kamer liggen. "Het zijn allemaal speculaties over hoe het hier gaat. Niemand leest kennelijk de schriftelijke vragen. Niemand leest ze!"

Broekers hoeft niet bang te zijn dat ze in het kabinet niet is opgevallen. In de jaarlijkse brief over de planning schreef ze de minister-president op nogal dwingende toon dat de senaat alleen wetsvoorstellen die voor half oktober binnenkomen dit jaar behandelt. Ook heeft ze er "met kracht op aangedrongen" dat de Miljoenennota vóór Prinsjesdag naar de Kamers gaat, zodat de begrotingsbehandelingen op tijd kunnen beginnen. Anders wordt het weer haastwerk voor de Kamer die zo graag zorgvuldig werkt. Ze kreeg haar zin.

Ook bij het spannendste debat van vorig jaar speelde Broekers een opvallende rol. Minister Blok van Wonen was bij de hervatting van het debat over de verhuurdersheffing, vlak voor Kerst, niet op de afgesproken tijd terug. Hij was naar later bleek nog aan het onderhandelen met de partijtoppen van VVD en PvdA om PvdA-senator Adri Duivesteijn mee te krijgen. Broekers sommeerde hem direct te komen. Zo niet, dan zou ze het debat schorsen tot na het kerstreces. Blok was net op tijd terug. Ze hoefde niet af te hameren.

De coalitie heeft nogal wat akkoorden gesloten met oppositiepartijen om verzekerd te zijn van een meerderheid in de Eerste Kamer. Is het kabinet niet te bang? Moet het eigenlijk niet gewoon wetsvoorstellen naar de senaat sturen en het daar goed verdedigen zonder al zeker te zijn van een meerderheid?
"Ik kan me uit efficiencyoverwegingen voorstellen dat het fijn is om alvast een politieke meerderheid voor een wet te hebben. Maar eigenlijk moeten die akkoorden naar mijn mening tot stand komen in de Tweede Kamer, in een debat. Daar kunnen fracties zeggen hoever ze willen gaan, amendementen indienen. Dat is zuiverder dan de manier waarop akkoorden nu worden gesloten.

"Maar dan moeten woordvoerders van de oppositie meer flexibiliteit hebben ten opzichte van hun verkiezingsprogramma. Ze moeten water bij de wijn kunnen doen. En regeringspartijen moeten wat flexibeler omgaan met het regeerakkoord. De akkoorden zijn ook het resultaat van een beetje geven en nemen. Doe dat dan in een open debat. Dan kan de burger mee kijken."

Aan die akkoorden was een meerderheid van de senatoren politiek gebonden. Wordt de Eerste Kamer daarmee niet veel politieker dan de bedoeling is?
"Ik weet niet of er senatoren bij die onderhandelingen betrokken waren. Dat heeft zich onttrokken aan mijn blik. Maar wetten worden hier niet blindelings aangenomen. Ook als een bewindspersoon van mijn eigen politieke kleur iets heel belangrijk vindt, kijken de Kamerleden of het allemaal echt klopt.

Alleen de Eerste Kamer krijgt wetsvoorstellen in de laatste versie voor ogen. Dat geldt voor geen enkele andere club in het staatsbestel. Een oorspronkelijke wet kan wel goed zijn, maar door alle aanpassingen komen er haken en ogen aan. Daar kijken wij naar: klopt het of klopt het niet?

Wij zijn er niet op uit wetsvoorstellen naar de prullenbak te verwijzen. Soms nemen we ook genoegen met de toezegging van een minister dat er een reparatiewet komt als het voorstel niet helemaal deugt, of dat er een evaluatie komt."

Tof Thissen, senator van GroenLinks, maakte zich in 2012 kwaad over het Kunduz-akkoord dat regeringspartijen CDA en VVD destijds sloten met een deel van de oppositie. Hij voelde zich verplicht voor te stemmen, maar was het op onderdelen niet eens met het akkoord. Dat zal met al die akkoorden toch steeds vaker zo zijn?
"Maar dat heeft niks te maken met dat akkoord. Ook in mijn eigen fractie zijn er soms heftige discussies. Het goede van mijn fractie is - en dat geldt denk ik ook voor andere fracties - dat we bereid zijn naar argumenten te luisteren waardoor we uiteindelijk met een voorstel kunnen instemmen waarmee we het misschien aanvankelijk niet zo eens waren.

"Maar als we mordicus tegen zijn, dan stemmen we tegen. In 2003 stemde ik tegen de Tabakswet terwijl ik van mijn leven nog nooit gerookt heb. Omdat het rookverbod in kleine cafés volgens mij niet uitvoerbaar en handhaafbaar was. Ik zal niet zeggen dat ik gelijk heb gekregen maar... eigenlijk wel."

U stelt dat de akkoorden niets veranderen aan de werkwijze van de Eerste Kamer. Maar de beeldvorming is anders. Het lijkt of de senaat onder het juk van de Tweede Kamer opereert. Hoe kijkt u daarnaar?
"U suggereert dat de meerderheid hier in de senaat zich laat gebruiken als stemvee. Dat lees je ook in de kranten. Maar was het verhaal anders geweest als de regering hier een meerderheid had gehad? Nee. Als VVD en PvdA in de senaat een meerderheid hadden, waren we ook geen stemvee van het kabinet. Het is als altijd: we zijn wel gebonden aan het verkiezingsprogramma, niet aan het regeerakkoord.

"Komt hier een wetsvoorstel binnen, dan ga je speurneuzen. Het maakt niet uit of dat van mijn partij is of niet. Dat zit niet in mijn achterhoofd."

Toch is de toon in de jaarverslagen van de Eerste Kamer veranderd. Pas in de laatste verslagen staat dat er ook politieke afwegingen worden gemaakt.
"Maar er is natuurlijk ook een politieke afweging. We zijn geen club van neutralo's of zo. Zo kijk ik met een liberale blik naar wetsvoorstellen. Ik vind de vrijheid van het individu belangrijk, die moet voor een groot deel zelf zijn rol in de maatschappij bepalen. Als je meer socialistische opvattingen hebt, vind je dat het beter zou zijn als de overheid zaken regelt. Ik zeg het nu even heel zwart-wit. Je hebt een bepaalde invalshoek vanuit je politieke overtuiging. Ik heb niet ervaren dat de senaat politieker is dan eerder. Dat is beeldvorming."

Maar u heeft wel last van de beeldvorming. Er gaan immers stemmen op om de Eerste Kamer maar af te schaffen, nu deze Kamer steeds politieker opereert.
"Dan zeg ik tegen iedereen: kijk nu naar de feiten. Kijk nog eens goed naar wat we hier doen. Lees nu eens wat we doen. Heel vaak hebben we bij de voorbereiding van de behandeling van een wetsvoorstel in tegenstelling tot de Tweede Kamer nog een tweede schriftelijke vragenronde. Daar zijn nogal eens kluitje-in-het-riet-antwoorden bij: dat is zo want dat is zo. Dat willen wij concreter. We putten ons uit in alle mogelijke rottige vragen om ervoor te zorgen dat wetten goed zijn. Dat rechters, en natuurlijk burgers, weten wat de minister heeft bedoeld, wat de wetsgeschiedenis is. De Tweede Kamer heeft een meer politieke inslag. Terwijl wij erop uit zijn om alles wat vaag is, uitgelegd te krijgen."

Zelfs uw partijgenoot Halbe Zijlstra heeft gezegd dat de Eerste Kamer maar moet worden afgeschaft.
"Hij was toen in een bepaalde flow. Het was natuurlijk ook best lastig, hoe het ervoor stond. Luister eens, hij leest ook niet onze schriftelijke vragen. Hij weet ook niet hoe wij hier werken. Ik heb het er met hem over gehad. Hou daar nou eens over op, heb ik tegen hem gezegd. Dan zegt hij ja, ja, ja, hmm. Ieder heeft z'n rol, zal ik maar zeggen."

Misschien liet hij juist zijn liberale hart wel spreken. Is het niet ideaal als de Tweede Kamer het eerste en het laatste woord over wetsvoorstellen heeft? Die Kamer is tenslotte rechtstreeks gekozen, de Eerste Kamer indirect.
"U heeft toch wel begrepen wat wij nu eigenlijk doen? Wat ik heb uitgelegd? Er kijkt helemaal niemand anders met een frisse blik naar het eindproduct dan wij. Wie moet je het dan wel laten doen, als dat geen indirect gekozen politici mogen zijn? Het departement? Opnieuw naar de Raad van State? Dat kan niet."

In Duitsland is er een constitutioneel hof dat de wetten toetst.
"Het Bundesverfassungsgericht. Maar dat komt vooral doordat Duitsland net als de Verenigde Staten een federale staat is. Nederland is een eenheidsstaat."

Er komt toch een staatscommissie om te bekijken wat er met de Eerste Kamer moet gebeuren.
"Het is altijd goed om de boel nog eens tegen het licht te houden. Maar of het beter kan is nog maar de vraag. We moeten ons wel goed afvragen wat het probleem is. In elk geval niet dat wij veel wetten afwijzen. Dat is ook weer perceptie. Vorig jaar hebben we welgeteld één wet afgewezen."

U heeft voorgesteld terug te keren naar het systeem waarbij een senator een termijn van zes jaar heeft en om de drie jaar de helft van de senaat wordt vernieuwd.
"Ik zeg niet dat dit dé oplossing is, maar het is niet zo'n gek idee. Nu kan het voorkomen dat de verkiezingen voor Tweede en Eerste Kamer zo dicht op elkaar zitten dat de politieke samenstelling bijna hetzelfde wordt. Dat kun je voorkomen door steeds de helft te vervangen. Als de samenstelling van de Eerste Kamer altijd anders is dan de Tweede Kamer, dwing je het kabinet met wetsvoorstellen te komen die zo goed in elkaar zitten dat ze op draagvlak kunnen rekenen van partijen met verschillende achtergronden. Een wetsvoorstel dat goed in elkaar zit en met goede argumenten wordt gebracht, dat moet het hier altijd kunnen halen."

Wie is Ankie Broekers?

Ankie Broekers-Knol (67) is ruim dertien jaar senator voor de VVD en sinds 2013 senaatsvoorzitter. Na het gymnasium-a rondde ze een studie Nederlands recht af. Tijdens haar studie was ze lid van Minerva. Ze heeft lang op de juridische faculteit van de Leidse Universiteit gewerkt, op diverse posities. Ook was ze elf jaar lang gemeenteraadslid in Bloemendaal.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden