Wij willen de Nederlandse identiteit niet afschaffen

De kritiek op het WRR-rapport is onterecht. Hameren op ’identiteit’ werkt niet, vragen om ’identificatie’ wel.

Er is veel commentaar geleverd op ’Identificatie met Nederland’, het nieuwste rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Ons rapport zou onwetenschappelijk, normatief en politiek zijn. Volgens historicus Frank Ankersmit (Letter en Geest, 29 september) zijn de centrale begrippen onhelder en is onduidelijk welk probleem ten grondslag ligt aan het rapport.

’Identificatie met Nederland’ is ontstaan uit zorgen over segregatie op scholen, over achterstand en discriminatie op de arbeidsmarkt, over intimiderend en overlastgevend gedrag op straat. We maakten ons ook zorgen over het soms weinig verheffende publieke debat over geloofszaken of de vrije meningsuiting.

Uit cijfers blijkt dat in Nederland mensen van verschillende achtergronden elkaar steeds meer mijden. Soms is zelfs sprake van terugtrekgedrag en van gewelddadige radicalisering. Door deze ontwikkelingen voelen veel mensen – hier geboren of hier naar toe gekomen – zich in Nederland niet meer thuis.

Er is daarom sprake van een samenlevingsprobleem. De behoefte aan gemeenschap in Nederland is groot, terwijl diezelfde gemeenschap door Europeanisering, globalisering, individualisering en migratie onder druk is komen te staan.

Er is dus niet, zoals Ankersmit het voorstelt, simpelweg een probleem met de multiculturele samenleving dat vanzelf goed komt als ’buitenlanders’ zich maar aanpassen. De problemen van integratie en nationale samenhang los je niet op door er een Nederlandse vlag over te draperen.

De WRR bepleit een omslag van identiteit naar identificatie. Dat heeft een reden: nationale identiteit is in de sociaal-wetenschappelijke, historische en politicologische theorievorming een omstreden begrip. De bekende historicus Kossmann vond dat al. Hij bepleitte daarom een omtrekkende beweging: ’Loop er liever met aandacht omheen, bekijk het van alle kanten maar stap er niet in, behandel het kortom als een enorme kwal op het strand’.

Processen van identificatie zijn precies dat: verschillende manieren om nationale identiteit te benaderen. Volgens Ankersmit is identificatie altijd identificatie met iets. ’Alles wat het WRR-rapport met het begrip ’identiteit’ buiten de deur dacht te zetten, komt daarom via de achterdeur van de ’identificatie’ automatisch weer binnen’. Voor de WRR is dat geen probleem.

In tegenstelling tot wat in de media is gesuggereerd, bepleiten wij géén afschaffing van de nationale identiteit. Zoiets zou even onzinnig zijn als de afschaffing van de multiculturele samenleving. Maar zodra er beleid gemaakt moet worden, biedt ’identificatie’ veel meer concrete mogelijkheden om de band met Nederland te versterken, mogelijkheden die bij het denken over ‘de nationale identiteit’ verborgen blijven.

’Identificatie met Nederland’ is dus een toekomstgerichte vertaling van het steeds meervoudiger karakter van het begrip ’nationale identiteit’.

In het rapport onderscheiden we drie samenhangende manieren van identificatie. Bij functionele identificatie worden etnische scheidslijnen gerelativeerd. In plaats daarvan richt de aandacht zich op gedeelde belangen of taken: samen werken, samen studeren of samen uitgaan. In deze redenering is segregatie ook een probleem van identificatie, evenals de veiligheid in buurten.

Bij normatieve identificatie gaat over aanpassing aan en van de Nederlandse juridische en sociale normen. Over de normen van de democratische rechtsstaat is geen discussie mogelijk. Maar binnen de kaders van die rechtstaat moet er zo af en toe aan heersende normen getornd kunnen worden. Nederland is in normatieve zin niet ’af’, maar voortdurend in ontwikkeling. In het verleden hebben katholieken, arbeiders, vrouwen en homoseksuelen de Nederlandse normen ter discussie gesteld, er is geen reden om het normatieve debat nu voor gesloten te verklaren. De Nederlandse democratie en rechtstaat kunnen een nieuwe ronde prima aan.

Emotionele identificatie – je thuis voelen – , betekent, ten slotte, dat mensen zich verbonden gaan voelen met Nederland en de Nederlanders.

Emotionele identificatie is een belangrijke dimensie van de gemeenschap die je Nederland kan noemen. De WRR en zijn critici verschillen niet van mening over het belang van deze dimensie, maar wel over het gewicht ervan. Emotionele identificatie is niet altijd het allerbelangrijkste. Het is ook niet altijd een noodzakelijke voorwaarde voor de andere twee vormen van identificatie.

Onduidelijk is ook welke wetenschappelijke bronnen dit primaat van de emotionele identificatie ondersteunen. Een dergelijke hiërarchie gaat bovendien voorbij aan het belang dat samen werken en naar school gaan of samen de buurt opknappen heeft voor emotionele verbondenheid, evenals aan de morele waarde die mensen hechten aan gedeelde normen.

Wij zien niet zoveel heil in een directe oproep tot loyaliteit aan Nederland. Eerder helpt het om met overheidsbeleid de functionele en normatieve identificatie te ondersteunen. Dat zou wel eens tot sterkere emotionele identificatie met Nederland kunnen leiden dan zo’n directe oproep tot loyaliteit.

Op de omslag van het rapport staat een foto van een wirwar van kustlijnen. Dat illustreert volgens Frank Ankersmit de verwarring van de auteurs. In werkelijkheid representeren deze kustlijnen een historisch thema: verandering én continuïteit. Een oplettende lezer had er de veranderde contouren van Nederland in kunnen ontwaren. De bijbehorende jaartallen staan op diverse plekken in het rapport vermeld. Het illustreert dat zelfs de meest fysieke pijler van de Nederlandse nationaliteit – het land waarop wij leven– zich voortdurend ontwikkelt. Omdat Nederland en zijn bewoners zullen blijven veranderen, zou het debat moeten gaan over identificatie. Om de verbinding met Nederland heel praktisch te versterken.

Pauline Meurs is lid van de WRR. Dennis Broeders, Monique Kremer en Erik Schrijvers zijn wetenschappelijk medewerkers.

iHet stuk van Frank Ankersmit is nog na te lezen op www.trouw.nl/discussie

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden