'Wij verzorgen onze ouderen goed'

interview | Als ouderen verhuizen bij weer een sluitend verzorgingshuis, is de woede groot. Even dimmen, zegt hoogleraar ouderenzorg Jan Hamers.

Het stoort de Maastrichtse hoogleraar ouderenzorg Jan Hamers: telkens als het over een exces in de ouderenzorg gaat, lijkt het land te klein. Moeten bewoners van eenverzorgingshuis verhuizen omdat een afdeling sluit, dan 'is het einde van de verzorgingsstaat ingezet'. Moet een ouder echtpaar apart wonen, omdat maar voor één van de twee plek is in een verzorgingshuis, dan is het land te klein. "Je zou bijna denken dat we het in Nederland slecht voor elkaar hebben", zegt Hamers.

Met een paar voorbeelden verdedigt hij de stelling dat we in Nederland best trots mogen zijn op onze ouderenzorg. Alleen over de toenemende zorg aan huis voor ouderen met complexe zorgproblemen maakt hij zich wel zorgen. "Straks zijn we weer terug bij af."

Techniek
Enige tijd geleden was Hamers in het hoogtechnologische Zuid-Korea. Het was het bekende beeld: iedereen zat in de metro met zakcomputers, het openbaar vervoer was uitstekend, alleen maar moderne en nieuwe auto's. Het beeld kantelde toen Hamers werd uitgenodigd om een kijkje te nemen in een gloednieuw verpleeghuis, vlak buiten de hoofdstad Seoul. "De gebouwen waren klein, de mensen zaten in een soort gevangenispakjes, activity suits, noemden ze dat. In een heel klein woonkamertje zaten tien mensen. Moet je kijken", zegt Hamers als hij een foto laat zien. "Vier bedden in een kleine, kale kamer. Zo zag het er bij ons in de jaren zeventig uit. Dit was een nieuw verpleeg-huis, waar ze bijzonder trots op waren."

Nee, dan Nederland, zegt Hamers. Hij kan heel wat positieve verhalen over iPads, camera's en andere ontwikkelingen opnoemen. Om te beginnen: camerasystemen die pas aangaan als een inwoner om hulp roept. Het systeem zou effectiever zijn dan de rode alarmknop die veel ouderen niet omdoen. In Hamers' achtertuin, in verpleeghuis Lückerheide in Kerkrade, experimenteren ze daar mee. Een andere voorbeeld is een experiment met een soort hometrainer in verpleeghuizen in Zuid-Limburg. "Wanneer ouderen daar op fietsen, zien ze op een scherm bewegende beelden van hun geboortegrond. Die zijn eerder gemaakt met een cameraploeg. Zo fietsen ouderen door bekend terrein, en zien ze af en toe een bekende lopen."

Dementiezorg
Uit een groot Europees onderzoek dat Hamers in januari publiceerde in het blad JAMDA blijkt dat Nederland het op dit terrein zo slecht nog niet doet. Voor het onderzoek werden tweeduizend dementerenden en mantelzorgers ondervraagd. De eerste opvallende conclusie: de kwaliteit van leven in het verpleeghuis, waar zestig procent nog in staat werd geacht om dit zelf te beoordelen, wordt net zo hoog ervaren als thuis. Nederland, Engeland en Zweden behoren tot de koplopers. Estland en Spanje scoren slecht. Mantelzorgers die werden ondervraagd gaven aan dat de kwaliteit van leven voor hun partner of ouder in het verpleeghuis hoger is dan thuis. Overal was dat hetzelfde, behalve in Spanje. Daar vonden mantelzorgers de kwaliteit van leven thuis beter.

Dan de kwaliteit van dementiezorg. Op het gebied van pijnbestrijding, doorligwonden, vastbinden en psychofarmaca (medicijngebruik) scoort Nederland rond het gemiddelde. Hamers is wel kritisch over het medicijngebruik. Tegenover een Europees gemiddelde van 70 procent, doet Nederland het met 68 procent van de dementerenden aan de medicijnen, vaak kalmerende middelen, niet goed. Of de situatie in Nederland verbetert of verslechtert, kan Hamers niet beoordelen, omdat dit het eerste onderzoek was. De Universiteit Maastricht onderzoekt nu welke pillen er gebruikt worden, en of dit reden geeft tot zorg.

Mantelzorg
"Nederland scoort, ondanks alle verhalen over te drukke mantelzorgers het laagst op subjectieve belasting. Dat wil zeggen dat de mantelzorgers zich hier het minst overbelast voelen." Maar ook wanneer gekeken wordt naar de objectieve belasting (het aantal uren dat mantelzorgers maken) valt het in Nederland mee. Alleen in Zweden is dat minder. Spaanse en Duitse mantelzorgers draaien veel meer uren. Volgens Hamers gaat het in Nederland goed omdat mantelzorgers hier ondersteund worden. Ze kunnen uitblazen als hun partner of ouder bij de dagbesteding is. "We moeten wel oppassen dat we dat niet wegbezuinigen."

Taaie bureaucratie maken het volgens Hamers soms wel moeilijk voor mantelzorgers. "Ik ken een voorbeeld van een ouder stel waarvan de vrouw hulpbehoevend was, en de man als gevolg het huishouden op een gegeven moment niet meer aankon. De vrouw kreeg iemand toegewezen die haar ging douchen. Voor huishoudelijke hulp vond men de echtgenoot nog te goed. Maar die man wilde zijn vrouw juist graag blijven douchen, en zocht hulp voor het huishouden. Dat is niet slim."

Vastbinden
Hamers is ook optimistisch over het terugdringen van vrijheidsbeperkende maatregelen bij dementerende ouderen. Uit recent onderzoek dat hij publiceerde in Tijdschrift voor Gerontologie en Geriatrie blijkt dat de deelnemende zorginstellingen maatregelen als vastbinden drastisch reduceerden. Hoewel er geen landelijke cijfers beschikbaar zijn, durft Hamers de stelling wel aan dat het vastbinden fors is afgenomen. "Natuurlijk, er is meer begeleiding nodig als je mensen die een gevaar vormen voor zichzelf en hun omgeving niet vastbindt. Maar één van de redenen waarom mensen werden vastgebonden was angst dat er iets zou gebeuren. Die angst bleek vaak onterecht." Volgens Hamers kon een deel van het probleem opgelost worden met aanpassingen, zoals lagere bedden, extra personeel en techniek. "Dat kost geld maar levert ook wat op. Vastgebonden mensen worden bijvoorbeeld incontinent of depressief. Incontinentiematerialen en medicatie kosten ook veel geld. Belangrijker: als het niet hoeft, wil je het mensen niet aandoen."

Thuiszorg
Hamers is alleen niet gerust over de zorg aan huis. Nu is dat volgens hem in Nederland nog uitstekend geregeld. Maar de overheid wil ouderen langer thuis laten wonen, en ook wordt er fors gesnoeid op de huishoudelijke hulp, dagbesteding en begeleiding. "Je kunt de stelling best verdedigen dat de verzorgingshuizen van twintig jaar geleden niet per se nodig waren. Dat was meer een oudedagsvoorziening. Maar met de mensen die nu in een verzorgingshuis zitten, is vaak wat aan de hand. Die zitten daar echt niet omdat ze zweetvoeten hebben. Ik durf niet te zeggen hoe het zal uitpakken als we tegen deze mensen gaan zeggen: u mag hier niet meer wonen. In landen als Spanje is het bijvoorbeeld gebruikelijk dat mensen thuis wonen. Maar uit onderzoek weten we dat de mensen daar niet gelukkig van worden."

Hamers is ook bezorgd over de bekwaamheid en belastbaarheid van familieleden die deze zorg op zich moeten nemen. Veel bewijs is er nog niet, maar nu al zijn volgens hem aanwijzingen dat vrijheidsbeperkende maatregelen in de thuissituatie in opmars zijn. "Dat bleek twee jaar geleden bijvoorbeeld uit onderzoeken van het NIVEL en Universiteit Maastricht onder thuiszorgmedewerkers. Sommigen gaven zelfs aan dat ze meewerken aan verzoeken van de familie om de deur op slot te doen, of om mensen met een tafel klem tegen de muur te zetten. Als mensen langer thuis moeten wonen zou je dat best vaker kunnen zien. En dan zijn we weer terug bij af."

In verpleeghuis Valkenheim fietst een bewoner vanuit zijn rolstoel virtueel door de straten van Valkenburg de Cauberg op.

Wie is Jan Hamers?
Jan Hamers is hoogleraar ouderenzorg aan de Universiteit Maastricht en voorzitter van de Academische Werkplaats Ouderenzorg Zuid-Limburg. In de werkplaats werken medewerkers van verschillende zorgorganisaties aan de vernieuwing en verbetering van de thuis- en verpleeghuiszorg. Voor de opzet en werkwijze van deze samenwerkingsconstructie bestaat in het buitenland veel interesse.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden