'Wij moslims moeten wat doen, want men is bang van ons'

null Beeld EPA
Beeld EPA

Als niemand iets doet, is Algerije over tien jaar een islamitische staat, vreest romanschrijver en columnist Kamel Daoud. Donderdag zijn de verkiezingen. 'De islamisten wachten rustig af.'

Alex Tieleman

Kamel Daoud drentelt onrustig met een Frans 1664-biertje in de hand door de moderne keuken van zijn appartement in de Algerijnse kuststad Oran. Uitgerekend vandaag wordt onverwacht een enorme tempelvormige barbecue bezorgd waarmee de schrijver zijn vrouw wil verrassen omdat zij een jaar geleden getrouwd zijn. Tegelijkertijd schurkt hij tegen de deadline aan voor een stuk in The New York Times en moet hij ook nog de laatste correcties voor zijn nieuwe roman aanbrengen.

Het boek in wording is de opvolger van 'Moussa of de dood van een Arabier', waarmee Daoud de prestigieuze Prix Goncourt voor het beste debuut won. Het boek is een postkoloniale afrekening vol religiekritiek over de onbekende Arabier die schijnbaar achteloos door een Fransman wordt neergeschoten in Albert Camus' wereldberoemde 'De vreemdeling'.

Met het succes van zijn roman was de reputatie van Daoud - tevens een verwoed columnschrijver - als bijtende maatschappij- en islamcriticus definitief gevestigd, zowel in Algerije als daarbuiten. Vooral zijn scherpe analyse over de achtergronden van de aanrandingen in Keulen en de man-vrouwverhoudingen onder Noord-Afrikanen en zijn kritiek op de halfhartige houding van het Westen tegenover Saudi-Arabië veroorzaakten veel reuring. Daoud kreeg een fatwa aan zijn broek en moest noodgedwongen bewaakt worden door de Algerijnse regering, die hem eigenlijk ook liever kwijt dan rijk is.

Daoud is pessimistisch gestemd over toekomst van Algerije. Daar kunnen de parlementsverkiezingen van donderdag weinig aan veranderen. Vanwege de toenemende macht van de islamisten die hij ziet, vreest Daoud zelfs binnen een paar jaar zijn biezen te moeten pakken. De barbecue die vandaag op zijn binnenplaats in de brandend zon in elkaar wordt gezet, is daarom naast een leuk cadeau ook vooral een bevestiging dat Daoud in Algerije in het nauw zit; te veel vertier buiten de deur is link, dan maar liever thuis barbecuen.

U schrijft liever in het Frans dan in het Arabisch.

"Conservatieven eigenen zich het Arabisch toe omdat het de taal van God zou zijn. Het is een taal zonder verbeeldingskracht. Als ik als kind in het Frans las dan ging het over seks, vrijheid en reizen naar andere landen. Het is voor mij de taal van het voorstellingsvermogen. Door het Frans heb ik een andere wereld leren kennen. Daar gaat mijn volgende boek ook over."

Hoe zou u de huidige politieke situatie in Algerije omschrijven?

"Algerije is een land dat gesticht is op de funderingsmythe van de onafhankelijkheidsoorlog die plaatsvond tussen 1954 en 1962. Dat is nog steeds het narratief van het regime van vandaag de dag. Zij beloven stabiliteit en veiligheid, en dat verkiezen de mensen nu blijkbaar boven meer democratie."

Wat is de rol van de islam in de Algerijnse samenleving?

"Dit land heeft een moslimmeerderheid. Maar hier was geen politieke islam tot eind jaren tachtig. Het socialisme ging ten onder en het enige houvast was religie. Toen duidelijk werd dat niemand de burgeroorlog kon winnen werd er een deal gesloten: de regering gaat over het oliegeld en de maatschappij is voor de islamisten. Zo bepalen zij via sociale controle wat voor kleren vrouwen mogen dragen op het strand en worden bankjes doormidden gezaagd om intimiteit in de publieke ruimte te voorkomen."

Denkt u dat islamisten in Algerije ook politiek de macht kunnen grijpen?

"De islamisten wachten nu rustig af. Zij beheren de private media en sponsoren islamitische boeken met geld uit Saudi-Arabië. Dat land stuurt ook hun predikers naar ons toe. Het regime is tevreden want zo wordt de maatschappij onder controle gehouden. Beide hopen uiteindelijk aan het langste eind te trekken. Maar het regime is zwak en als niemand wat doet hebben wij hier over tien jaar een islamitische staat. Dat geloof ik echt."

Is er een uitweg uit deze patstelling?

"Ik hoop dat er iemand opstaat die de deal tussen de regering en de islamisten doorbreekt en ons land vooruithelpt. Een gemeenschap kan iemand voortbrengen die voor verandering zorgt. Of juist niet natuurlijk. Een dictatuur ontstaat ook omdat een groot deel van de bevolking dat wil. Kijk naar Turkije."

Hoe kijkt u eigenlijk naar het islam- debat in Europa?

"Jullie denken: wij zijn democraten, wij laten de islamisten in vrijheid met ons samenleven. Dat is een grote politieke illusie. Nu heeft iedereen het over de bomaanslagen van IS. Maar wij hebben dat al lang meegemaakt. Zij waren hier al tijdens de burgeroorlog (1991-2002). Ik heb als journalist zelf de lijken op straat in Oran gezien. Destructie was alomtegenwoordig. Vrienden van mij zijn daarbij omgekomen."

In Europa gaat het veel over de islam, niet per se over islamisten.

"Het is geen moslim die een aanslag pleegt. Het is een extremist die in de naam van de islam een aanslag pleegt. Dat is een verschil. Het probleem is enerzijds dat er weinig kennis over de islam is in Europa. Anderzijds spreken moslims zich niet uit. Want niet jullie, maar wij zijn het probleem. Wij de moslims, de Arabieren. Wij moeten wat doen, want men is bang van ons. Wij moeten het woord nemen en de publieke ruimte opeisen. Maar de moslims in Europa blijven stil en doen de deur achter zich dicht."

Ziet u een uitweg uit het gepolariseerde islamdebat in Europa?

"Er is nu te weinig kennis over de islam. Scholen in Frankrijk zouden theologen moeten binnenhalen om religie te onderwijzen. Er moet een debat ontstaan over de islam door een islamitische intellectuele elite die islamisten en andere imbecielen van repliek kan dienen. Maar het Westen moet ook niet hypocriet zijn door handel te blijven drijven met Saudi-Arabië. Jullie hebben zelf meegeholpen om het islamisme te verspreiden. Maar dat ligt bij jullie politieke elite blijkbaar gevoelig."

Hoe is uw veiligheidssituatie in Algerije nu?

"Voor de islamisten blijf ik de vijand. Zij voeren een harde mediacampagne tegen mij. Ik ben voorzichtig en ga weinig en onregelmatig uit voor mijn eigen veiligheid. Met de regering heb ik een moeilijke, haast schizofrene verhouding. Ik krijg nooit publieke steun, maar achter mijn rug om vragen zij om een handtekening. Ze weten ook wel dat ik niet de vijand ben. Maar zij hebben niet de moed om dit in het openbaar te zeggen."

Hoeveel bewegingsruimte heeft u om uw verhaal te doen?

"Sommigen omhelzen mij op straat. Anderen zien mij liever dood. Ik sta op een zwarte lijst van de publieke radio en tv en kan geen lezingen voor een groot publiek geven. Gelukkig kan ik mijn werk kwijt bij grote media in het buitenland. Dat is mijn kracht. Het regime ziet liever dat ik een banneling word. Maar als Algerijn in Parijs heb je jezelf gediskwalificeerd. Dan ben je toch degene die is weggegaan."

U wilt een uitgesproken rol blijven spelen in het publieke debat?

"Dat is wat zin aan mijn leven geeft. Toch kan ik mij indenken dat ik binnen een paar jaar moet vertrekken. Ik heb weleens gezegd dat ik het alleen zou doen als ik mijn hele leven van hier mee zou kunnen nemen. Maar ja, een visum voor zeshonderd man? (lacht) Mensen vinden dat ik moedig ben door te blijven. Maar ik heb juist nog steeds te weinig moed om weg te gaan."

Kamel Daoud

Kamel Daoud (Mostaganem, 1970) was werkzaam als verslaggever, columnist en hoofdredacteur voor Quotidien d'Oran. In 2013 verscheen zijn debuutroman 'Moussa of de dood van een Arabier' in het Frans. Tegenwoordig is hij columnist voor Le Point en levert hij onder meer bijdrages aan The New York Times. Onlangs verscheen een bundel van zijn columns en de publicatie van een nieuw fictiewerk staat op stapel. Zijn Algerijnse uitgever Barzakh Editions kreeg in 2010 de Grote Prins Claus Prijs.

De macht van FLN-president Bouteflika

Morgen stemt Algerije voor een nieuw parlement. Verwacht wordt dat de regerende coalitie van het Front de Libération Nationale (FLN) op een overwinning afkoerst. En hoewel de regering in het kielzog van protesten tijdens de zogenoemde Arabische Lente hervormingen doorvoerde om het parlement meer macht te geven, blijft een groot deel van de macht bij FLN-president Abdelaziz Bouteflika. Gematigde islamitische partijen zitten in oppositie, maar zij hebben weinig kan op electoraal succes. De belangrijkste, Mouvement de la Société pour la Paix (MSP) boycotte met andere oppositiepartijen de vorige parlementsverkiezingen in 2012. Toen maakten slechts 43 procent van de 21 miljoen stemgerechtigden de stembusgang wat uitmondde in een ruime overwinning van de FLN-coalitie. Een opvallende vernieuwing bij de laatste verkiezingen was een vrouwenquotum van dertig procent. Persbureau AP meldde echter onlangs dat de partijen nu grote moeite hebben om genoeg vrouwen te vinden die een carrière in het 462 zetels tellende parlement ambiëren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden