'Wij moeten honderd jaar wielertraditie inhalen'

Titelhoudster Marianne Vos mag in het Tsjechische Tabor rekenen op veel concurrentie. Ze weet wel waarom: „Het veldrijden is populair geworden onder meisjes en vrouwen.”

Marianne Vos hoopt zondag in het Tsjechische Tabor haar wereldtitel veldrijden te prolongeren. De alleskunner uit Babyloniënbroek moet daar niet alleen afrekenen met de ijzige omstandigheden, maar ook met een half dozijn andere titelkandidaten. „De Duitse Hanka Kupfernagel, Katie Compton uit de VS en de Tsjechische Katerina Nash zijn goed in vorm. Net als Daphny van den Brand en Sanne van Paassen.” En dan behoedzaam: „Er zijn meerdere vrouwen die zomaar wereldkampioen kunnen worden.” Dat zij vorige weekeinde de laatste wereldbekerwedstrijd won, in Hoogerheide, zegt haar niet zo veel. Het parcours in Nederland was modderig. De omloop in Tsjechië is steenhard bevroren. Vos: „Alles moet goed lopen in dat Tsjechische ijspaleis.”

Vos veert overeind als haar gevraagd wordt waarom er ineens zoveel vrouwen in aanmerking komen voor de regenboogtrui. Voorheen ging de titelstrijd hooguit tussen twee, soms drie vrouwen. Nu zes. Vos: „Het veldrijden is het afgelopen decennium enorm populair geworden onder meisjes en vrouwen. Maar daarvoor hebben wij wel flink moeten lobbyen bij de wielerbonden.”

De UCI voegde aan het WK van 2000 in Sint-Michielsgestel, een vrouwencategorie toe. De eerste winnaar was Kupfernagel, voor de Britse Louise Robinson en Van den Brand (3de). Vier jaar later volgde een eigen wereldbekercompetitie. Aan de internationale vrouwenkalender is inmiddels ook de GvA-trofee toegevoegd, een reeks van lucratieve veldritten in België.

Vos en andere toprensters kunnen net als hun mannelijke collega's tegenwoordig rekenen op startgeld. „Dat was tot voor kort wel anders”, aldus de tweevoudig wereldkampioene in het veld. Toch is de vergoeding die Vos krijgt voor het rijden van een cross, een schijntje bij wat bijvoorbeeld Sven Nys toucheert. De Belg vangt voor een gemiddelde veldrit ruim 5000 euro. Over dat soort bedragen kan de 22-jarige Vos alleen maar dromen. Zich bijzonder druk maken over het grote gat tussen wat renners en rensters verdienen, doet de sportvrouw van het jaar niet. Dat in andere sporten, zoals tennis, vrouwen bijna net zoveel verdienen als mannen, zegt haar niet zoveel. Daarvoor staat het professionele vrouwenwielrennen nog te veel in de kinderschoenen. „Wielrennen is van oudsher een mannensport. Wij moeten hier honderd jaar wielertraditie inhalen. Het begin is er, weet je. En dat is al heel wat.”

Van een dergelijke erfenis hebben nieuwe wielerlanden als de VS en Canada nauwelijks last. Het is niet voor niets dat juist daar gecombineerde mannen- en vrouwenploegen rondrijden. Vos juicht het toe dat het Amerikaanse Team HTC-Columbia en Cervélo Testteam, de fabrieksploeg van een Canadese racefietsenfabrikant, lak hebben aan Europese wieleropvattingen.

„Omdat beide ploegen over een groot budget beschikken voor verzorging, materiaal, trainingfaciliteiten en begeleiding, trekken zij het niveau van de vrouwen omhoog.” De Rabobank is wel eens benaderd om iets soortgelijk op poten te zetten, bevestigt Vos. De bank liet echter weten dat daar nu niet de prioriteit ligt, zegt de vrouw die al drie jaar lang onafgebroken de UCI-ranking aanvoert.

De geringe belangstelling bij sponsoren ondervond Vos aan den lijve nadat het inmiddels failliete DSB vorig jaar een punt zette achter de samenwerking. Een paar weken terug pas kon Vos een nieuwe geldschieter presenteren, Nederland Bloeit, de promotiecampagne van landbouworganisatie LTO. Dat sponsors moeilijk zijn te strikken, heeft volgens Vos te maken met de schaarse media-aandacht. Gezien haar prestaties niet helemaal fair, zegt ze. Maar Vos hoor je niet klagen. Tot een paar jaar terug werd geen enkele veldrit bij de vrouwen zelfs maar in samenvatting op tv uitgezonden. Tegenwoordig een paar minuten. „Wij maken de achterstand omgetwijfeld goed. Ik weet alleen niet of ik het tijdens mijn sportieve carrière zal meemaken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden