'Wij maken dromen van anderen waar'

Nu De Nederlandse Opera Wagners 'Ring' opnieuw uitvoert, komen ook de technisch razend knappe decors weer uit de opslag. 'We hebben de dirigent een keer bijna opgeblazen.'

'Oh, nee!' Hij zegt het met een glimlach. Maar het was wel het eerste wat Dein Schmidt, productieleider bij De Nederlandse Opera, dacht toen hij hoorde dat de gigantische productie van Wagners 'Der Ring des Nibelungen' toch nog een keer in zijn geheel op de bühne van het Muziektheater zou komen. De Nederlandse Opera (DNO) wilde na de laatste opvoeringen in 2005/2006 de decors van de vier zeer succesvolle opera's vernietigen. Het zou te duur zijn om alles op te slaan. Maar na smeekbeden van velen, besloot DNO alles toch maar te bewaren voor opvoeringen in de nabije toekomst.

Die toekomst is nu, want komende donderdag is de première van 'Das Rheingold', de opera waarmee het in 1997 allemaal begon. Met tussenpozen van steeds een paar maanden komen dan de andere drie opera's aan bod, waarna in januari 2014 de hele cyclus weer twee keer binnen een week wordt opgevoerd.

Schmidt was er als productieleider vanaf het allereerste begin bij. Hij studeerde oorspronkelijk viool aan het conservatorium, en toen dat niet helemaal was wat hij zich ervan had voorgesteld, kwam de vraag van DNO naar een theatertechnicus die noten kon lezen. Zo kwam Schmidt 32 jaar geleden bij de opera terecht, en hij heeft er sindsdien met veel plezier gewerkt.

"Eigenlijk ben ik al in 1995 met 'Der Ring des Nibelungen' begonnen, zonder dat ik toen wist dat het om Wagners monsterproductie ging. In het theater hebben we toen verschillende akoestische tests gedaan met het orkest niet in de bak, maar op het toneel. Later bleken die tests voor de 'Ring' te zijn, omdat in de delen 'Die Walküre' en 'Siegfried' het orkest inderdaad op het toneel zit.

"Toen duidelijk werd dat we de 'Ring' zouden gaan doen, wilde men één productieleider voor alle vier de opera's. Zo iemand is dan verantwoordelijk voor de decors, de kostuums, de rekwisieten, de special effects, maar ook voor het budget dat over alle afdelingen verdeeld moet worden. Omdat er toen in de organisatie van alles veranderde en de technisch directeur net vertrokken was, ben ik naar toenmalig zakelijk directeur Truze Lodder gegaan. Ik wilde een assistent. Zij haalde toen een projectmanager uit de bouw binnen; die is bij ons blijven hangen en is nu directeur van de technische organisatie."

Een projectmanager uit de bouw. Het zegt iets over de omvang en de moeilijkheden van het project. Wat herinnert Schmidt zich nog van het moment toen regisseur Pierre Audi en decorontwerper George Tsypin hun eerste plannen ontvouwden?

"Het is te veel om te zeggen dat er toen een lichte paniek uitbrak, maar we dachten wel: 'Hoe gaan we dit doen?' De ontwerpen van Tsypin kwamen gelukkig vroeg binnen, dus we konden er goed en lang over nadenken. Omdat het om vier opera's ging, dachten wij dat Tsypin met vier maquettes zou komen, maar het waren er maar liefst twaalf. We zijn er toen met een fileermes doorheen gegaan en hebben goed gekeken of het technisch en financieel haalbaar zou zijn. Wat wij echter nooit proberen te vergeten is dat wij hier zijn om de dromen van anderen te verwezenlijken, dus je doet je uiterste best. Onze artistiek directeur Pierre Audi heeft ons wat dat betreft mede opgevoed, die heeft hier echt een standaard gezet. En ja, op den duur ga je als vanzelf meedromen, en draag je je eigen dingen aan.

"Vanaf het begin was het grootste probleem of we alle decors hier in het theater konden opslaan - of alles wel tegelijkertijd in het pand paste. Want dat moet als je de vier opera's binnen een week uitvoert. Om dat mogelijk te maken moesten we al het 'restmateriaal' uit het theater naar onze studio's verhuizen, en toen ging het net. Er bleef één gangpaadje open voor de brandweer. We moesten met zoveel verschillende dingen rekening houden, omdat er ook bezoekers boven het toneel zaten in de zogenaamde adventure seats. Voor die bezoekers, die goed ter been moesten zijn en geen hoogtevrees mochten hebben, zijn er aparte routes door het gebouw en over de bühne. Alleen al voor die bezoekers en hun veiligheid is er een heel draaiboek.

"Het is goed geweest dat we met 'Das Rheingold' zijn begonnen, omdat die productie technisch het meest ingewikkeld is. 'Götterdämmerung' heeft weliswaar een groter decor, maar het staat stil; het decor in 'Das Rheingold' moet ook kunnen bewegen. Toen we dat allemaal opgelost hadden, dacht ik: 'Dan kunnen we de rest ook aan'. Het grote probleem in 'Rheingold' zijn die grote bewegende platen, waarvan er eentje zeven ton weegt. Een grote plaat van ijzer en eentje van plexiglas, hangend aan kabels boven de toneelvloer, waarop de zangers staan en spelen; een soort tectonische aardplaten die over of tegen elkaar schuiven. Die immense constructies hangen aan het dak van de toneeltoren. Een onafhankelijk bureau heeft minutieus doorgemeten of dat dak zoveel gewicht wel aan kon. Het advies dat daar uitkomt, daar luisteren we dan heel goed naar. Je moet met zoveel onverwachte dingen rekening houden. Als het bijvoorbeeld een keer flink sneeuwt, kan zo'n pak op het dak van invloed zijn op de draagkracht."

Schmidt vertelt dat ze in 2006 alles aan decorstukken, kostuums en rekwisieten op hebben laten slaan, inclusief dat wat kapot was. Bij het uit de stalling halen, zijn ze gaan kijken wat er vervangen moest worden. Ook dat is een minutieus proces, omdat Audi alles exact zo wil zoals het in het origineel was. En Audi heeft volgens Schmidt een enorm visueel geheugen; hij ziet het meteen als er iets veranderd is.

"We hebben onze brandwachten in huis en die komen tijdens het proces meekijken. Die zijn wel erg geschrokken van wat ze toen zagen. We hebben later nog problemen gehad met de Amsterdamse brandweer, die alle eerder gemaakte afspraken herriep. Ik geloof dat Truze Lodder toen zelfs tot bij de burgemeester heeft onderhandeld om het gedaan te krijgen. Uiteindelijk hebben we van hen heel goede tips gekregen."

Ondanks alle veiligheidsvoorschriften en toezicht van de arbeidsinspectie is er bij al die opvoeringen toch af en toe wel wat misgegaan.

"Ja, we hebben dirigent Hartmut Haenchen een keer bijna opgeblazen", lacht Schmidt. "Een overijverig iemand had kruit bijgevuld voor een special effect, terwijl dat al eerder door een ander was gedaan. Die dubbele dosis veroorzaakte een grote knal en zelfs een kort brandje, wat we gelukkig meteen konden blussen. Sinds de vuurwerkramp in Enschede zijn de regels trouwens zo streng geworden dat we het nu anders moeten doen. Veel meer met rook- en geluidseffecten.

"Toen de tenor die Siegfried zong in het decor tuimelde, waardoor zijn arm uit de kom raakte, kregen we van de arbeidsinspectie de wind van voren omdat die dacht dat hij over een spijker gestruikeld was. Maar daar klopte niks van. We hadden de zanger geïnstrueerd dat hij naar achteren in het decor moest rennen, dan zou er een black out zijn, en dan moest hij wachten tot het licht weer aanging. Dat laatste heeft hij niet gedaan, met alle gevolgen van dien.

"En ja, er ging ook een keer wat mis met Wotans speer die zich aan het slot van 'Götterdämmerung' door de wand heen boort. Dat effect zat trouwens niet in het oorspronkelijke concept, maar is gaandeweg ontstaan. Audi wilde aan het eind van alles toch Wotan nog een keer laten terugkomen, en dat kon door middel van die speer. Samen met de special-effects afdeling gaan we dan bedenken hoe we dat kunnen realiseren. En toen het dat ene keertje misging en er een decorplaat naar beneden kwam, is dat daarna grondig geëvalueerd, zodat het niet nog een keer kon gebeuren.

"Audi wilde aan het slot van elke akte een groot technisch effect en die zijn allemaal heel gecompliceerd. We hebben nieuwe technieken uitgedacht om die te kunnen verwezenlijken en dat is eigenlijk in alle gevallen gelukt. Gezond verstand is daarbij vaak een hele goede richtlijn."

Schmidt, van huis uit een groot Mozart-fan, is door zijn enorme betrokkenheid bij de 'Ring' - hij was vier jaar lang alleen maar met dit project bezig - wel van Wagners muziek gaan houden. Inmiddels is hij ook al bezig met het opbouwen van de decors voor Rossini's 'Guillaume Tell', die in januari op de planken komt. "Ook daar hebben we een ontwerp van George Tsypin, en dan weet je bij voorbaat dat het groot en zwaar wordt."

'Das Rheingold' bij De Nederlandse Opera vanaf donderdag 15 november. Het Nederlands Philharmonisch Orkest wordt geleid door Hartmut Haenchen, de regie is van Pierre Audi. www.dno.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden