Column

Wielrenster Chantal Blaak is als een tractor zo stabiel

Marijn de Vries. Beeld Foto: Maartje Geels

Er was eens een wielrenster met appelwangen en de helm altijd scheef op haar hoofd. Op wat voor fiets ze reed, maakte haar niks uit. Al zet je me op een bakfiets, zei ze vaak, ik race er zo op weg. 

Bij wijze van spreken, natuurlijk. Maar het was wel waar. De meeste renners merken het direct als hun zadel een halve millimeter te laag staat, of het stuur een heel klein tikkie naar links.

Zo niet deze renster, Chantal Blaak. Al pakt ze de fiets van een ploeggenoot die een kop kleiner is: dikke kans dat ze pas na een half uur trappen doorheeft dat het haar eigen karretje niet is. Om die reden - of misschien omdat ze een boerendochter is, of omdat ze op haar fiets rustig door alles heen ploegt wat haar voor de wielen komt, niemand herinnert zich de echte reden nog precies - doopte een mechanieker haar ooit 'Tractor'.

Zelf noemde ik Tractor ook wel Tank. Want ze ligt enorm stabiel op de weg. Een ploegentijdrit bij windkracht zes? Tractor rijdt rustig met dichte wielen en wijkt zelfs bij windstoten geen centimeter van haar lijn. Hoe ze dat doet heb ik nooit begrepen; in zulke gevallen fladderden de meeste rensters juist alle kanten op. Geen wonder dat haar wiel onder dergelijke omstandigheden altijd het felst begeerde was.

Belofte

Negentien was ze nog maar toen ze tot De Toekomst Van Het Nederlandse Vrouwenwielrennen werd gebombardeerd. Na een solo van vijftig kilometer werd ze indrukwekkend Europees kampioen, dat seizoen. Op het NK eindigde ze met zilver achter Marianne Vos. Een jaar later stond er ronkend op de spandoeken langs de kant: Blaak gaat op Vossenjacht. Een belofte die niet werd ingelost. Een belofte die zwaar drukte op de schouders van het meisje dat ooit begon met wielrennen op een fiets zo rood als haar koppie toen.

Een belofte die té zwaar drukte. Wat weet je nu over wat je wilt als je twintig bent? Je kunt met nog zo veel plezier terugdenken aan je allereerste koersjes, toen je alle jongens klopte - maar betekent dat ook dat je klaar bent voor een fulltime leven in het zadel? Je kunt dan wel een talent zijn, je moet het ook wíllen zijn. Een van de breedste glimlachen uit het peloton werd steeds smaller. Tractor haperde. En sloeg af.

Ze besloot te gaan. Te vertrekken, naar het buitenland. Amerika. Even geen koersen die ze kende; tijd voor heel iets anders om haar heen. Voor andere ogen, die minder dwongen. De druk viel van haar af, het duurde even, maar het lukte: Tractor fietste weer vrijuit. Ze kwam terug. En hoe. Sterker dan ze ooit was won ze vorig jaar koers na koers. De Ronde van Drenthe. Gent-Wevelgem. Le Samyn. De beste voorjaarsrenster van het seizoen was ze, veruit. Met maar één doel voor ogen: Rio. De Spelen. Daar meedoen was alles dat telde voor haar.

Maar ze mocht niet mee. De net herwonnen glimlach doofde. De eeuwig scheve helm, hij hing opnieuw. Voor even. Toen richtte Chantal Blaak zich op. Ze gaf zich zomaar niet gewonnen. Ze trainde, ze koerste, met heel haar hart. Wachtend op de juiste demarrage, op dat dat ene goede moment. Voor veel renners komt dat er nooit. Als het er wel komt, dan noemen ze het een jongensboek. Toen ik haar zag, in de roodwitblauwe kampioenstrui op het podium, wist ik: nee. Dit is geen jongensboek. Dit is een uitgekomen meisjesdroom.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden