Wie zijn die schrijvers tegen wie de prins ageert?

Tomas Ross (pseudoniem van W. Hogendoorn, 1944) studeerde geschiedenis, werkte als journalist en is sinds 1984 fulltime schrijver van thrillers en film- en tv-scenario's. Zijn veelgeprezen thrillers zijn veelal gebaseerd op waargebeurde feiten. In diverse romans speelt het Nederlandse vorstenhuis een rol, zoals in Van koninklijken bloede (1982, over de Lockheed-affaire), Wachters voor Wilhelmina (1993, over de affaire-King Kong) en Omwille van de Troon (2002, over de Greet Hofmans-affaire). In het laatste boek worden de twee 'Londense zonen' van Bernhard en de 'Stadhoudersbrief' aan het nazi-regime genoemd. 'Veel in het boek is waar, veel zou waar kunnen zijn', schreef Ross op het schutblad. Ross' vader, P. Hogendoorn, was een van de oprichters van de BVD.

Philip Dröge (1967) schrijft voor bladen als Quote, De Groene Amsterdammer en de Volkskrant. Hij wordt door prins Bernhard op de korrel genomen vanwege zijn boek Beroep: meesterspion (2002). Dit handelt over Bernhards liefde voor de geheime diensten, onder meer die van de nazi's. Bernhard zou mogelijk ook in de Tweede Wereldoorlog nog contacten hebben onderhouden met zijn 'oude spionnenvrienden'.

Hans Galesloot (1953) is schrijver/scenarist. Hij bedacht de tv-soap Medisch Centrum West. Galesloot publiceerde in 2002 Moeder Majesteit, een roman over het leven van koningin Juliana. Vorige zomer werd bekendgemaakt dat regisseur Frans Weisz het boek gaat gebruiken als basis voor een film over de Greet Hofmans-affaire.

Jan Kikkert (1930), amateur-historicus en Oranje-kenner, publiceert al decennialang over het vorstenhuis. Hij schreef onder meer biografieën over Juliana, Beatrix en Willem-Alexander, en in 1998 Bernhard, een leven als een prins. In het voorwoord hiervan schrijft hij over het 'duivelse dilemma' van Oranje-geschiedschrijvers: 'Hij vermeldt geen bronnen, dus is hij oncontroleerbaar. Omdat hij oncontroleerbaar is, wordt hij door sommigen onbetrouwbaar gevonden. Maar als hij wel bronnen vermeldt, verliest hij zijn informanten'.

Gerard Aalders (1946) studeerde Scandinavische talen en geschiedenis. Hij werkt als onderzoeker bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod) en schreef onder meer een boek over de ontvreemding van joods bezit tijdens de Tweede Wereldoorlog. Eind vorig jaar publiceerde hij Leonie. Het leven van een Nederlandse dubbelspionne, over Leonie Brandt. Hij schreef hierin over de vermeende Stadhoudersbrief van Bernhard aan het nazi-bewind, die ook ter sprake kwam tijdens een optreden van Aalders in Barend en Van Dorp. De RVD reageerde als door een wesp gestoken. Trouw: 'Aalders schrijft keer op keer dat er geen enkel bewijs voor Bernhards brief bestaat. Toch krijgt hij meteen stekeligheden over zich heen'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden