Wie vangt pubers na schooltijd op?

In de naschoolse opvang in Bussum spelen middelbare scholieren computerspelletjes. Het is een van de weinige plekken in het land waar dergelijke opvang bestaat. (Maarten Hartman)Beeld Maarten Hartman

Nu de middelbare scholen weer beginnen, wordt ook het gebrek aan naschoolse opvang voor pubers zichtbaar. De behoefte daaraan is groot. Toch komt het niet van de grond.

Jonge tieners van wie beide ouders werken, moeten na schooltijd niet aan hun lot worden overgelaten. Daarom moeten onderwijs, opvang en vrijetijdsbesteding in elkaar overlopen en vanuit één plek worden verzorgd. Dat is een van de aanbevelingen die de ’taskforce kinderopvang en onderwijs’ dit najaar zal doen. Die werkgroep (met scholen, kinderopvangorganisaties, ouders, vakbonden en werkgevers) sleutelt aan een toekomstplan voor de kinderopvang.

Vandaag begint in het noorden van het land het schooljaar in het voortgezet onderwijs. Duizenden ouders van aanstaande brugklassers moesten de afgelopen zomer de vraag beantwoorden: wat moet ons kind na schooltijd?

Zolang deze kinderen naar de basisschool gingen, konden ze terecht op de naschoolse opvang. Voor middelbare scholieren bestaat zoiets niet. Maar is een brugklasser niet te jong om alleen thuis te wachten tot zijn ouders thuiskomen van hun werk?

Gjalt Jellesma van de belangenvereniging van ouders in de kinderopvang Boink weet ’honderd procent zeker’ dat er behoefte is aan opvang voor deze jongeren. Ook volgens voorzitter Ina Brouwer van de MO-groep Kinderopvang (waarbij veel kinderopvangorganisaties zijn aangesloten) ’leeft het onderwerp’.

Van de overheid valt niets te verwachten. Tien jaar geleden zag het toenmalige kabinet nog een taak voor zichzelf weggelegd. Met overheidssubsidie werden toen 67 tieneropvangcentra gestart, bij wijze van proef. Tegelijk onderzocht een commissie of die proef omgezet moest worden in iets blijvends. ’Ja’, was de conclusie, vooral op grond van onderzoek waarin een behoefte aan tienduizend opvangplekken voor tieners werd voorspeld.

„Maar de avond nadat dat advies uitkwam, viel het kabinet”, zegt Josette Hoex van het Nederlands Jeugdinstituut, dat de experimenten begeleidde. „Het volgende kabinet koos een andere koers.” En de experimentele tienercentra legden het loodje toen de subsidie afliep.

Als de behoefte groot is, waarom ontstaan die tienercentra dan niet zonder overheidssteun? Dat is een geldkwestie, menen Boink en MO-groep. De overheid betaalt alleen mee aan opvang van kinderen tot twaalf jaar.

„Voor kleine kinderen staat buiten kijf dat opvang nodig is”, zegt Hoex. „Maar voor dertien-, veertienjarigen weten ouders dat niet zo zeker. Daardoor zijn ze wellicht minder bereid er veel geld aan te besteden.”

Centra voor onderwijs én vrije tijd bieden soelaas, hoopt Brouwer. „In Amerika is het normaal dat sport-, muziek- en theaterclubs gekoppeld zijn aan school. Daaraan is ook in Nederland behoefte.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden