Wie valt, huilt, honger heeft

De neorealistische Italiaanse films zijn wereldberoemd. Hun sobere humanisme spreekt ook uit twee herontdekte verzetsromans

Op 25 juli 1943 werd Mussolini gearresteerd. De Italiaanse koning benoemde maarschalk Badoglio tot regeringsleider. Toch was Mussolini's macht nog niet helemaal gebroken: na op 12 september door de Duitsers te zijn bevrijd stichtte hij in Noord-Italië een nieuw fascistisch bolwerk, de beruchte Repubblica di Salò. Terwijl de geallieerden oprukten vanuit het Zuiden, bleef Noord-Italië bezet door Duitse troepen. In de steden en op het platteland ontstond een burgeroorlog met partizanen tegenover fascisten en Duitsers. Onder de partizanen bevonden zich ook toekomstige grote schrijvers: zo voegde de jonge Beppe Fenoglio (1922-1963) zich bij het verzet in de heuvels bij zijn geboorteplaats Alba en was de uit Sicilië afkomstige Elio Vittorini (1908-1966) ondergedoken in Milaan waar hij werkte voor de clandestiene communistische krant L'Unità.

Deze vrijheidsstrijd liet niet alleen diepe sporen na in de Italiaanse samenleving maar was ook een belangrijke culturele inspiratiebron, bijvoorbeeld voor het wereldberoemde Neorealisme. In groot contrast met de hoogdravende fascistische films die de Italiaanse samenleving gecensureerd en rooskleurig voorstelden, richtte de sobere, directe stijl van het Neorealisme zich op de armoede en het lijden van het Italiaanse volk. Toonaangevende films als 'Ossessione' (1942), 'Roma, città aperta' (1945) en 'Paisà' (1946) van Roberto Rossellini hadden op hun beurt weer een vruchtbare invloed op de Italiaanse literatuur.

Samen met Italo Calvino's 'Het pad van de spinnennesten' (1947) behoren Elio Vittorini's 'Mens of niet' (1945) en Beppe Fenoglio's 'Een privékwestie' (1963) ongetwijfeld tot de indrukwekkendste boeken over deze burgeroorlog. De laatste twee meesterlijke romans vullen elkaar prachtig aan: Fenoglio schrijft over het verzet op het platteland, Vittorini over de bezette stad. Beiden zoomen in op een individu wiens gedachten, gevoelens en liefdesleven minstens zo belangrijk zijn als wat zich op het hoofdtoneel van de geschiedenis afspeelt. Beide boeken ademen bovendien een grote liefde voor de Angelsaksische cultuur die veel Italiaanse intellectuelen tijdens het fascisme als kosmopolitisch en bevrijdend zagen.

'Een privékwestie' - lovend besproken in Trouw door Alle Lansu - verscheen postuum in 1963, maar werd al veel eerder geschreven en is door filologen als het ware losgeweekt uit Fenoglio's zeer omvangrijke literaire nalatenschap. Zoals in veel van zijn semi-autobiografische werk vertelt Fenoglio over een eenzame intellectueel die zich aansluit bij het verzet in Le Langhe, de heuvelachtige streek ten zuiden van Turijn tussen de stadjes Alba en Cuneo. Zijn partizanennaam Milton is een eerbetoon aan de cultuur die hij adoreert.

Niet het vrijheidsideaal en de strijd tegen fascisten en Duitsers, maar een knagende onzekerheid over de mogelijke ontrouw van zijn geliefde beheerst deze cruciale dagen uit Miltons leven. Opeens draait alles om de vraag of de intrigerende maar ongrijpbare Fulvia wel echt van hem houdt en of zij een verhouding heeft met Giorgio, zijn beste vriend. Milton is tot alles bereid om achter de waarheid te komen. De glooiende heuvels die het toneel hadden moeten vormen van de liefde tussen hem en Fulvia zijn onherkenbaar verminkt door oorlogsgeweld, kou, modder, regen en mist. Terwijl Miltons melancholie versmelt met dit treurige landschap bevindt hij zich plotseling in een zinderende en kansloze achtervolging - het absolute stilistische hoogtepunt van de roman - die hem in een dodelijke omarming met de natuur lijkt te drijven. De lezer blijft snakkend naar adem achter.

Minstens zo intrigerend leest 'Mens of niet', een roman uit 1945, door de rusteloze en kameleontische intellectueel Vittorini - in 1935 was hij nog overtuigd fascist, in 1936 stond hij aan de Republikeinse kant in de Spaanse burgeroorlog. Vittorini beschrijft de laatste dramatische periode uit het leven van N-2, de leider van een Milanese verzetsgroep. Hij doet dit in een stijl die tot op het bot is uitgekleed. Simpele bewoordingen met veel herhalingen.

Het verhaal van verzetsdaden en represailles in Milaan wordt afgewisseld en tegelijkertijd afgeremd door abstractere hoofdstukken met gedachten en jeugdherinneringen van de hoofdpersonen en met filosofisch aandoende beschouwingen over wat ons 'mensen' of juist 'on-mensen' maakt. Terecht wijst vertaler Anthonie Kee in zijn mooie nawoord op de sterke invloed van Amerikaanse schrijvers - in het bijzonder Hemingway en Faulkner - maar ook van de Bijbel.

Die invloeden zorgen samen voor de unieke toon van deze roman: "De mens, zegt men. En dan denken we aan wie valt, aan wie verloren is, aan wie huilt en wie honger heeft, aan wie kou lijdt, aan wie ziek is en aan wie vervolgd wordt, aan wie vermoord wordt."

En Vittorini gaat verder: "We denken aan de krenking die hem wordt aangedaan en aan zijn waardigheid. [...] Wie is gevallen staat toch weer op. Gekrenkt, onderdrukt, neemt hij toch de ketenen die hij aan zijn voeten heeft op en gebruikt ze als een wapen: niet om zich te wreken maar omdat hij zich wil bevrijden. Ook dat is de mens."

Net als bij Fenoglio is het verhaal deels autobiografisch en wederom speelt de hartstochtelijke en melancholieke liefde voor een onbereikbare vrouw een essentiële rol. Maar meer dan Fenoglio schetst Vittorini ook een monsterlijk beeld van de vijand, een Duitse militie aangevoerd door de afschrikwekkende en sadistische Zwarte Hond. Zo ontstaat, net als bijvoorbeeld in een neorealistische film als 'Roma, città aperta', een scherpe tegenstelling tussen nobele Italiaanse verzetsstrijders en hun demonische Duitse vijanden. Een zwart-witcontrast dat in de latere romans van Calvino en Fenoglio al meer grijstinten bevat en juist daardoor een realistischer en genuanceerder beeld oplevert.

'Mens of niet', en dit geldt evenzeer voor Fenoglio's meesterwerk, is uiteindelijk veel meer dan een verzetsroman: het boek gaat niet meer alleen over de partizanenoorlog, maar over een universele, existentiële strijd tussen goed en kwaad.

Elio Vittorini: Mens of niet. Herziene vertaling en nawoord van Anthonie Kee. Schokland, De Bilt; 196 blz. euro 23,90

Beppe Fenoglio: Een privékwestie. Vertaald door Mieke Geuzebroek en Pietha de Voogd. De Bezige Bij, Amsterdam; 160 blz. euro 22,90

De vrijheidsstrijd trok niet alleen diepe sporen in de Italiaanse samenleving maar was ook een belangrijke culturele inspiratiebron

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden