Wie redt een kind?

Aaltje houdt me al maanden bezig. Omdat ook dit jonge kind recht heeft op privacy heeft ze een andere naam gekregen, met een even hoog inheems gehalte als haar ware naam. Aaltje is duurzaam emotioneel vernield door haar ouders. Met mensen zal ze nooit een vertrouwensrelatie opbouwen, zeggen de deskundigen. Alleen dieren hebben een beetje toegang tot haar. Paardrijlessen zouden haar dus kunnen helpen. Maar hoe moeten die worden gefinancierd? De overheidsinstanties die dit kind hulp bieden hebben geen budget voor paardrijlessen. De vijftien gulden per week moeten ergens anders vandaan komen, of de lessen komen er niet. Aaltje is een van de kinderen die vallen onder de Wet op de Jeugdzorg die gisteren in de Tweede Kamer is besproken. Al een paar jaar wordt de Jeugdzorg grootscheeps gereorganiseerd, want de jeugdzorg -ik gebruik de term als begrip voor allerlei vormen van hulp en zorg aan de jeugd- is versnipperd over talloze instanties, ministeries en (financierings)wetten. Daardoor worden kinderen als Aaltje vaak als een pingpongbal heen en weer gekaatst tussen de instanties.

Niet alle kinderen met wie de jeugdzorg te maken krijgt, zijn zo grondig ontwricht als Aaltje, maar voor twintigduizend kinderen was de situatie thuis al wel zo ernstig dat zij in tehuizen of pleeggezinnen zijn geplaatst. En dan is er nog de betrouwbare schatting van de wetenschapper J. Willems dat jaarlijks tachtigduizend kinderen worden mishandeld, van wie er dus een aantal al uit huis geplaatst zijn of nog zullen worden.

In het regeerakkoord werd 75 miljoen extra vrijgemaakt voor de Jeugdzorg, omdat het uitgangspunt dat de reorganisatie in de Jeugdzorg geen geld mocht kosten onhaalbaar bleek. Maar ook de 75 miljoen hebben nauwelijks soelaas geboden. Veel meer geld is nodig. Alleen al 65 miljoen om de overbelasting van de gezinsvoogden te verminderen. En ook de Ouder- en Kindcentra (de consulatiebureaus van weleer) zouden miljoenen kunnen gebruiken voor opvoedingsbegeleiding aan jonge ouders. Nu is er bij de OKC's voor elke baby negen minuten tijd om hem/haar uit en aan te kleden, te wegen, wat vragen te stellen en een prik te geven. Voor opvoedingsbegeleiding is geen tijd, terwijl vooral met intensieve begeleiding van risico-ouders veel ellende kan worden voorkomen, zo is door David Olds in de Verenigde Staten aangetoond.

Wie twijfelt aan de noodzaak daartoe in Nederland kan zich laten overtuigen door de cijfers; in 1997 werden alleen al 1630 kinderen tussen nul en twee jaar oud gemeld bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling. In 1999 was dat aantal meer dan verdubbeld tot 3735.

De knellende situatie in de Jeugdzorg kan op nog talloze andere manieren worden geïllustreerd. Maar hoe kan de overheid worden overgehaald meer geld in de Jeugdzorg te stoppen? Geld dat nu extra aan Aaltje wordt gespendeerd, kan misschien voorkomen dat over vijf, tien, twintig jaar veel meer geld aan Aaltje moet worden uitgegeven. Zeker is dat niet. Het geld dat in de Aaltjes van Nederland wordt geïnvesteerd is kapitaal waarmee misschien te zijner tijd andere kosten worden bespaard, maar dat nooit zelf geld oplevert. Aaltje is geen Betuwelijn, waarin elf miljard (en meer) wordt gestopt omdat zakenlieden en politici geloofden dat er geld mee zou worden verdiend. Aaltje is geen allang onhaalbaar gebleken Schiphol in Zee, waarnaar minister Netelenbos toch weer een onderzoek van vijftig miljoen wil laten doen. Aaltje is geen economisch project. En Aaltje legt het zelfs af tegen de zeehondjes, want haar aaibaarheidsfactor is nul: aan dit kind kun je alleen geven als je niets van haar wilt terughebben.

Aaltje's paardrijlessen kosten twee pakjes sigaretten of een fles wijn per week. De overheid wil niet dokken. Welke ex-roker of ex-alcoholist wil dat wel?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden