Wie maakt zich druk om de pedofiel?

Groot-Brittannië is in de ban van kindermisbruik. Het ene na het andere schandaal wordt onthuld; de media staan er bol van, en de gevangenissen zitten vol zedendelinquenten. Hoe ziet het leven van direct betrokkenen er eigenlijk uit? Trouw sprak een slachtoffer en een dader, voor een tweeluik. Vandaag: de dader.

Zodra hij uit de gevangenis kwam, begon de ellende. "De dag van mijn vrijlating liep ik op straat, in de Londense wijk waar ik altijd heb gewoond", vertelt John (51). "Iemand gooide ineens iets naar me toe en schreeuwde: 'Vuile pedo!' Ik kwam daarna nooit meer buiten, ik was de hele tijd bang dat ik zou worden aangevallen. Zo ging het achttien maanden. Ik zat opgesloten en dacht dat m'n leven voorbij was."

Johns zus, zijn steun en toeverlaat, vond dat het zo niet langer kon. Daarom liet ze haar broer vorig jaar verhuizen naar een regio waar niemand hem kende. Bovendien stimuleerde ze hem om gebruik te maken van de Circles, een organisatie die veroordeelde zedendelinquenten helpt om na hun celstraf een nieuw leven op te bouwen. Vrijwilligers vormen een sociale kring rond de dader. Ze doorbreken het isolement en verkleinen het risico dat hij weer in de fout gaat. Het werkt, zegt John. "Ik ben bijna een jaar bezig en krijg langzaam mijn leven terug."

In werkelijkheid heeft John een andere naam, maar die krijgt Trouw niet te horen. Begrijpelijk, gezien de reputatie van de Britse tabloids met hun name and shame-methodes. Berucht was vooral de News of the World. Die stopte in 2000 weliswaar met het publiceren van namen en adressen van pedofielen, na diverse scènes van volksgericht. Maar internet en de sociale media hebben het stokje overgenomen. Daardoor vliegen bij zedendelinquenten nog steeds de stenen door de ruit - of erger. En daarom zie je nauwelijks pedo's die hun verhaal doen in de Britse media, ondanks de overweldigende aandacht voor kindermisbruik.

Ook de locatie voor het gesprek, ergens buiten Londen, blijft geheim. We rijden er 's avonds in het donker heen. Achter het stuur zit Ron Macrae, coördinator bij de Circles. Macrae zette elf jaar geleden de eerste Britse Circle op, naar Canadees voorbeeld. De formule sloeg aan: het afgelopen jaar telden Engeland en Wales al 143 cirkels. Macrae regelde het gesprek met de dader op verzoek van Trouw. Tientallen eerdere telefoontjes en mails naar andere hulporganisaties leverden niets op; zo groot is de angst voor de pers.

Daar zitten we dan, aan een vergadertafel in een kerkzaaltje. Naast coördinator Macrae zijn er twee vrijwilligsters aanwezig. En natuurlijk John, die zich aanvankelijk ook als vrijwilliger voorstelt. Pas na vijf minuten maakt hij zich bekend als dader, of preciezer: als 'kernlid', zoals dat in Circle-jargon heet. Hij wilde het even aankijken, legt hij uit. "Mijn zus had me sterk afgeraden om met een journalist te praten. Daar komt alleen maar narigheid van, zei ze. Maar ik wil graag laten zien dat ik een normaal mens ben, geen monster. En dat de Circles echt helpen. Daar kunnen anderen met eenzelfde verleden iets aan hebben."

undefined

Uitlaatklep

John woont alleen en noemt zichzelf 'vrij geïsoleerd'. Hij vindt de vrijwilligers 'heel behulpzaam'. "We komen elke week bij elkaar. De ene week gebeurt dat in deze ruimte; dan praten we over gevoelige onderwerpen. De week erna doen we iets leuks. Gamen ofzo, in een café. Het is een enorme uitlaatklep voor me."

De vrijwilligsters - 'de dames', zegt John met een charmante glimlach - moedigen hem aan om ook zelf dingen te ondernemen. De eerste drie maanden in zijn nieuwe woning durfde hij dat nog nauwelijks. Maar nu, bijna een jaar verder, is hij zelfs op een voetbalclub gegaan. De dames kopen voor hem ook af en toe een kaartje voor een voetbalwedstrijd, op internet. Dat kan John zelf niet, want van justitie mag hij geen internet hebben.

Geen internet? Is dat nog leefbaar in deze tijd? John haalt zijn schouders op. Het is te doen, zegt hij, maar het levert natuurlijk beperkingen op. Een elektronische bankrekening heeft hij bijvoorbeeld niet. E-mails kan hij maar één keer per week checken, bij het arbeidsbureau, onder toezicht. "Als je wilt solliciteren, is dat niet handig, want dan moet je vaak snel reageren. Mijn zus helpt me gelukkig weleens."

Het verbod op internet was een eis bij Johns voorwaardelijke vrijlating in 2012. Als hij de regel zou overtreden, zou hij voor vijf jaar terug de cel in gaan. Hij mag ook geen werk met kinderen zoeken. Zijn adres moet bekend zijn bij de politie. En zomaar een tijdje van de radar verdwijnen of ergens anders verblijven is niet toegestaan.

John heeft iets misdaan, anders was het niet zover gekomen. Maar wat? Meteen aan het begin van het gesprek maakt hij duidelijk dat hij daar niet over wil praten."Ik ga je niet vertellen wat ik gedaan heb", zegt hij resoluut. Maar naarmate het gesprek vordert, geeft hij het verhaal toch grotendeels prijs.

Hij blijkt twee keer in de gevangenis te hebben gezeten: een half jaar in 2010, en vrijwel aansluitend nog twee jaar. De eerste keer werd hij veroordeeld wegens het bezit van kinderporno, de tweede keer voor aanranding van een kind. "Maar dat laatste ontken ik", zegt John. "Ik heb nooit een kind aangeraakt. Daar heb ik ook geen behoefte aan. Ik ben geen pedofiel. Dat wil ik heel duidelijk stellen. Ik heb alleen plaatjes gekeken. Het spijt me dat kinderen voor die afbeeldingen veel leed hebben ondergaan, ook al heb ik het niet zelf veroorzaakt."

Het klinkt paradoxaal: kinderporno kijken en jezelf niet als pedofiel beschouwen. Maar John kan het uitleggen. "Ik ben verslaafd aan internetporno", zegt hij. "Alle soorten porno. Volwassenen, kinderen, maakt niet uit. Ik heb geen voorkeur voor kinderen. Daarom ben ik geen pedofiel. Die conclusie staat ook in het eindrapport van het Behandelprogramma voor Seksueel Misbruikers. Dat programma heb ik in de gevangenis gevolgd, achttien maanden."

John wil zich nadrukkelijk onderscheiden van pedofielen omdat hij weet hoe de maatschappij over hen denkt. "Mensen vinden een pedofiel erger dan een moordenaar", zegt hij. Dat zie je terug in de media, die volgens John een kwalijke rol spelen. "Ze gaan voor de sensationele zaken waarbij politici of andere bekende Britten betrokken zijn, en alles komt meteen op de voorpagina. Het gevaar van die continue aandacht is dat daders verleid worden om weer in de fout te gaan, of dat mensen wraak nemen. Het gaat in de media ook altijd over het straffen van daders. Niemand vraagt zich af hoe je hen kan helpen, of hoe het zover is gekomen."

En, waardoor is het bij John zover gekomen? Bij die vraag begint hij te stamelen. Er is iets gebeurd in zijn jeugd, laat hij nog net los. Maar meer gaat hij daar zéker niet over vertellen. Coördinator Macrae schiet hem te hulp. "Lang niet alle daders hebben een voorkeur voor kinderen", legt hij uit.

"Veel van hen hebben eigenlijk een ander probleem, namelijk dat ze hun behoefte aan intimiteit niet kunnen delen met een volwassene. Bijvoorbeeld doordat ze als kind zijn misbruikt. Als er dan iets ingrijpends gebeurt, zoals het verlies van een baan, zoeken sommigen hun toevlucht tot een kind."

undefined

Verslaving

Vanaf daar neemt John zelf weer het woord. "Ik ben nooit in staat geweest tot een seksuele relatie met een volwassene", zegt hij. "Vriendschap heb ik wel, maar geen intimiteit. Ik kan alleen een relatie aangaan met porno. Daar heb ik 35 jaar lang naar gekeken. Het is een verslaving, en dat betekent dat ik er altijd voor zal moeten oppassen. Ik moet het blijven beheersen."

De grote vraag voor John is nu of hij voor de rest van zijn leven alleen wil blijven of dat hij op zoek gaat naar een partner. Een seksuele relatie, dat zit er niet in - dan zou hij eerst langdurig in therapie moeten, en dat is niks voor hem. Maar een platonische relatie, gezelschap, niet meer alleen zijn, daar zou hij direct voor tekenen.

Andere kwestie: een baan. John ging er lang vanuit dat hij door zijn misdrijf geen enkele kans meer maakte op werk. "Als een werkgever in je cv leest dat je een crimineel verleden hebt, kun je het wel schudden, dacht ik. Maar laatst werd ik toch gebeld door een bedrijf. We hebben tien minuten gepraat. Ik heb niet verteld wát ik heb gedaan. Dat hoeft ook niet. Het is werk met een vorkheftruck. Dat kan ik goed."

Er valt dus nog een hoop te doen, maar er zit schot in. En John is ervan overtuigd dat hij het vermogen heeft om er bovenop te komen. "Ik kan niet zeggen dat ik nooit meer in de fout zal gaan", zegt hij. "Het blijft hard werken. Maar ik ben hoopvoller dan ooit tevoren."

Coördinator Macrae heeft er ook vertrouwen in. "John gaat met sprongen vooruit", zegt hij. "Hij is erg gemotiveerd om te veranderen; dat is een van de selectiecriteria voor de Circles. Uiteindelijk moet hij op eigen benen kunnen staan, want ook deze kring eindigt een keer. Maar, John, weet wel: Ook al sluiten we de kring, de deur blijft hier altijd voor je openstaan."

undefined

Cirkels van vrijwilligers

Om ervoor te zorgen dat zedendelinquenten na hun celstraf beter reïntegreren en niet opnieuw in de fout gaan, zijn in diverse landen zogeheten Cirkels opgericht. Het zijn kleine, sociale netwerken, door vrijwilligers aangelegd rondom daders. Een gemiddelde cirkel bestaat uit drie tot vijf getrainde vrijwilligers. Daaromheen is er een tweede kring van professionals, bijvoorbeeld een wijkagent en een psychologisch hulpverlener. Tussen de twee kringen in staat een coördinator, vaak afkomstig uit de reclassering. Een kring duurt in Groot-Brittannië één à twee jaar. Daarna moet de dader op eigen benen kunnen staan.

Uit internationaal onderzoek blijkt dat de Cirkel-aanpak de kans op recidive met zo'n 70 procent vermindert. Schattingen uit het Verenigd Koninkrijk laten daarnaast financiële besparingen zien tussen de 3 procent (alleen juridische kosten) en 57 procent (inclusief maatschappelijke kosten).

Het initiatief is in 1994 begonnen in Canada. Het bestaat inmiddels ook in Nederland, België, Litouwen, Bulgarije, Catalonië en het Verenigd Koninkrijk. In Ierland, Frankrijk en Hongarije wordt momenteel geprobeerd om de eerste cirkels op te zetten.

undefined

Veel meer rechtszaken

Sinds het schandaal rond de Britse BBC-presentator Jimmy Savile, van wie in 2012 bleek dat hij decennia geleden honderden kinderen heeft misbruikt, gaat de Britse politie serieuzer om met meldingen van kindermisbruik. Daardoor stijgt het aantal processen en veroordelingen spectaculair. Het afgelopen jaar werden volgens het Britse Openbaar Ministerie 3.975 daders van kindermisbruik veroordeeld, tegen 3344 een jaar eerder; een stijging van bijna 20 procent. Het aantal rechtszaken (5.347) was nog nooit zo hoog. Het aantal zaken wegens het bezit van kinderporno (plaatjes) steeg van 20.373 naar 21.580.

Eén op de zes Britse gevangenen zit vast vanwege een zedenmisdrijf tegen een kind of volwassene. Het gaat om 11.914 van de 72.000 gevangenen, oftewel 17 procent. In het jaar 2000 was het aandeel aanzienlijk lager: 5.090 van de 53.093 gevangenen, oftewel 10 procent.

Wereldwijd heeft 1 à 2 procent van de mannen een seksuele voorkeur voor kinderen. Nog eens één op de vijf raakt opgewonden bij het zien van kinderporno, blijkt uit kleinschalige studies met erectiemeters.

Halverwege 2015 begon er een grootschalig, onafhankelijk onderzoek naar de omvang van het kindermisbruik in Groot-Brittannië, en naar mogelijke bewuste geheimhouding van daders binnen de elite en de politiek. Voor het onderzoek worden minimaal 30.000 slachtoffers gehoord. Het project, onder leiding van de Nieuw-Zeelandse rechter Lowell Goddard, kan vijf tot tien jaar duren.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden