Wie leeft het beste?

Wie is Elena Ferrante? De succesvolle Italiaanse schrijfster houdt haar identiteit zorgvuldig verborgen. 'Ik geloof dat boeken als ze eenmaal geschreven zijn, hun auteurs niet meer nodig hebben.'

Op een dag krijgt de 66-jarige Elena een telefoontje van Rino, de nietsnuttige zoon van haar jeugdvriendin Lila. Zijn moeder is zoek, en al haar spullen zijn weg. Elena begrijpt meteen wat er aan de hand is: al jaren roept Lila dat ze wil verdwijnen, zonder sporen achter te laten. Het lijkt erop dat haar dat nu gelukt is. Maar Elena pikt het niet. "Laten we maar eens zien wie dit keer zijn zin krijgt, zei ik bij mezelf. Ik zette de computer aan en begon onze geschiedenis op te schrijven, alles wat ik me ervan herinner, tot in de details."

Zo begint 'De geniale vriendin' (2013), het eerste deel van de Napolitaanse romans van Elena Ferrante, een vierluik over de levenslange vriendschap tussen twee meisjes die opgroeien in een achterstandswijk in Napels. In Nederland is nu het tweede deel 'De nieuwe achternaam' in vertaling verschenen bij De Wereldbibliotheek.

Het is een mooie opening voor een auteur die ook zelf haar sporen uitstekend weet uit te wissen. Al 23 jaar is de ware identiteit van Elena Ferrante een raadsel. Niemand weet wie de schrijfster is, hoe ze heet, waar ze woont, of ze eigenlijk wel een vrouw is (in de loop der jaren is ze verschillende keren 'ontmaskerd' als de auteur Domenico Starnone, hijzelf ontkent in alle toonaarden). Het enige wat we weten is dat ze opgroeide in Napels. Ze is nooit in het openbaar verschenen, prijzen neemt ze niet zelf in ontvangst. Bij hoge uitzondering geeft ze af en toe een interview, maar nooit is er rechtstreeks contact: alles gaat via haar uitgevers, de enigen die weten wie ze is.

Waarom dit mysterieuze gedoe? Het is een keuze die Ferrante al vóór haar debuut in 1992 maakte. In een brief aan haar uitgevers legde ze destijds uit: "Ik geloof dat boeken, als ze eenmaal geschreven zijn, hun auteurs niet meer nodig hebben. Als ze wat te zeggen hebben, zullen ze vroeg of laat lezers vinden. Als ze niets te zeggen hebben, dan niet."

Op het eerste gezicht een nobel streven: met haar zelfverkozen onzichtbaarheid wil Ferrante haar boeken laten spreken. Ze wil voorkomen dat de persoon van de schrijver en het mediacircus daaromheen de lezers afleiden.

Sommige kwade - vooral mannelijke - tongen beweren dat Ferrantes anonimiteit gewoon een slimme marketingstunt is. Ze zou niet half zo bekend zijn als ze onder haar eigen naam zou publiceren. De boeken zelf zouden ook niet zoveel voorstellen; Ferrante's kracht ligt in haar afwezigheid, in de nevelen waarin ze zich hult.

Hoe het ook zij, Elena Ferrante werd een literaire sensatie. Haar eerste drie romans waren een enorm succes in Italië en verschenen in verschillende vertalingen. Het zijn stuk voor stuk intieme persoonlijke verhalen van vrouwen die worstelen met hun vrouwelijke identiteit, hun rol als moeder, hun vaak problematische verhouding tot seksegenoten. Napels is altijd ergens aanwezig, als plaats van de jeugd en de herinnering. De romans, ogenschijnlijk eenvoudig van opbouw, kenmerken zich door een grote intensiteit: in directe, rauwe taal, verstoken van iedere humor, weet Ferrante een soms haast ondraaglijke spanning op te wekken.

Sterk is vooral 'De verborgen dochter' (2008), waarin de pas gescheiden Leda tijdens een strandvakantie volkomen gefascineerd raakt door een jonge moeder en haar dochtertje. Hun geluk herinnert haar pijnlijk aan de moeizame relatie met haar eigen moeder en dochters. Ferrante imponeerde eerder ook met 'Dagen van verlating' (2003), waarin de 38-jarige Olga haar leven probeert op te pakken nadat haar man haar heeft ingewisseld voor een veel jongere vrouw. Dat valt nog niet mee, en vooral haar twee kleine kinderen moeten het ontgelden. Zonder haar personages te sparen, beschrijft Ferrante hun gevoelens; onredelijke woede, frustratie, jaloezie. Verklaringen geeft ze niet; ze registreert alleen, maar doet dat zo indringend dat je er als lezer ongemakkelijk van wordt. Het zijn, ook door de sobere stijl, onweerstaanbare romans.

Het Napolitaanse vierluik betekende Ferrantes internationale doorbraak. In Amerika, waar deze maand het vierde deel verschijnt, zijn de eerste drie delen luid geprezen door de critici en uitgegroeid tot bestsellers. Op Twitter is er zelfs sprake van een heuse #FerranteFever. Ook in eigen land doen de boeken het goed. Het vierde en laatste deel stond dit jaar op de shortlist van de Premio Strega, een televisieserie is in de maak.

De thematiek van de Napolitaanse romans overlapt deels met die van haar eerdere werk, maar zijn ze even onweerstaanbaar? De schrijfster sloeg er in elk geval een compleet andere weg mee in. Het vierluik omvat ruim zestig jaar en is meer dan 1.500 pagina's dik.

Na de eerder beschreven proloog, waarin ik-persoon Elena ontdekt dat haar jeugdvriendin spoorloos is verdwenen, volgt een kleurrijke beschrijving van hun jeugd in een volkswijk in het Napels van de jaren vijftig: geweld is aan de orde van de dag, vrouwen hebben maar weinig in te brengen, en wie iets voor elkaar wil krijgen, moet vooral de juiste mensen kennen. "We groeiden op met de plicht het de anderen moeilijk te maken voordat de anderen het ons moeilijk maakten", schrijft Elena. Dat geldt zelfs voor de vriendinnen onderling: van kleins af aan lijken ze al te beseffen dat het succes van de een het falen van de ander betekent.

Hun onderlinge rivaliteit is onlosmakelijk verbonden met hun vriendschap. Als kind is Lila slimmer, mooier en brutaler. De brave, verlegen Elena vaart altijd in haar kielzog, is in alles nét haar mindere. Maar als Lila na de lagere school aan het werk moet in de schoenwinkel van haar vader, en Elena met hulp van een juf wél naar het gymnasium kan, lijken de rollen om te draaien. Terwijl Elena haar blik verruimt, over de grenzen van de wijk heen begint te kijken, raakt Lila er steeds verder in verstrikt. In een poging het tij te keren, trouwt ze uiteindelijk op haar zestiende met een welgestelde kruidenier, wat bij Elena ondanks alles een steek van jaloezie teweegbrengt.

'De nieuwe achternaam' begint waar het eerste deel eindigt: Lila gaat voortaan door het leven als mevrouw Raffaella Carracci, woont met haar man in een nieuw appartement, net buiten de wijk, heeft mooie kleren en meubels, maar verveelt zich verder te pletter. Van binnen is ze nog steeds de rebelse, eigenwijze Lila, die zich door niemand de wet laat voorschrijven. Hoe harder ze zich verzet tegen haar man en haar nieuwe, burgerlijke leven, hoe meer klappen ze van hem krijgt. Intussen ploetert Elena voort op school, haalt haar diploma, vertrekt met een studiebeurs naar Pisa. Hun levens drijven verder uiteen dan ooit, en het begint er steeds meer op te lijken dat Elena als winnaar uit de bus zal komen, wél zal ontsnappen aan het beklemmende leven in de wijk.

En toch. Als Lila het tijdens een vakantie op Ischia aanlegt met de intelligente Nino, op wie Elena al jaren verliefd is, beseft Elena eens te meer dat Lila nog altijd kwaliteiten heeft waarover zij nooit zal beschikken. "Deed ze nou altijd alles wat ik moest doen eerder en beter dan ik?" verzucht Elena in 'De geniale vriendin'. Het is een gevoel dat haar ook in het volwassen leven - de meisjes zijn inmiddels 23 - blijft bekruipen. Zelfs in haar prille carrière als schrijfster. Want waren het niet Lila's jeugdige aantekeningen die de eigenlijke basis vormen van Elena's eerste boek?

De eeuwige rivaliteit tussen de 'geniale' vriendinnen en het wankele evenwicht van hun vriendschap vormen de essentie van het vierluik. De ambiguïteit die hun hele verhouding tekent, maakt de boeken tot veel meer dan een aardig portret van het leven in een Napolitaanse volkswijk.

Jammer genoeg ontbreekt in het vierluik iets wat Ferrante's eerdere werk zo sterk maakte: intensiteit. De Napolitaanse romans missen dat kale, rauwe, haast explosieve, waarmee ze je in de andere boeken wist te overrompelen. Het verhaal kabbelt voort in soepel proza, vertakt zich nu en dan; talloze hoofd- en bijpersonages dienen zich aan, elk akkefietje in de wijk wordt breed uitgemeten, elke relativering ontbreekt. De spanning is er wel, maar sluimert, en strekt zich uit over honderden pagina's.

Natuurlijk, dat was ook precies de bedoeling. In de proloog kondigt Elena immers al aan dat ze de geschiedenis van hun vriendschap zo volledig mogelijk wil beschrijven. Het is de enige manier om Lila haar verdwijning betaald te zetten. Die opzet is op zichzelf sympathiek genoeg, en als lezer wil je ook best weten hoe het verhaal verdergaat - zoals je verslaafd kunt zijn aan een televisieserie. Maar het verpletterende effect van haar eerste romans blijft uit.

Elena Ferrante: De nieuwe achternaam (Storia del nuovo cognome) Vert. Marieke van Laake. Wereldbibliotheek; 480 blz. euro 24,99

Napels

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden