Wie laat het Stedelijk weer dansen?

Reuring heeft het Amsterdamse Stedelijk Museum nodig. En een nieuwe directeur. 'Die moet jonge Nederlandse kunstenaars een kans geven, zoals Rudi Fuchs dat deed.'

Een communicatieve teamspeler. Dat was vier jaar geleden één van de kwaliteiten die werd gevraagd van de nieuwe directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam. De Amerikaanse Ann Goldstein, die vanavond vroegtijdig afscheid neemt van het museum, kon waarschijnlijk uitstekend communiceren met haar favoriete (Amerikaanse) kunstenaars. Maar het klikte absoluut niet met de medewerkers van het museum, niet met de raad van toezicht, niet met de bestuurders van de stad Amsterdam, niet met de pers en ook niet met het publiek. Het kan bijna geen toeval zijn dat de raad van toezicht in de profielschets voor haar opvolger de eisen op communicatief gebied heeft aangescherpt. Van de nieuwe directeur wordt verwacht dat hij of zij 'intern en extern uiterst communicatief en coöperatief is, ook met de pers'.

Het lijkt maar niet op te houden met het gedoe rond het Stedelijk Museum Amsterdam. Ruim een jaar geleden ging het museum na tien jaar verbouwings- en financieringsellende weer open. Het publiek stroomde toe en eindelijk leken rustiger tijden aangebroken. Maar deze zomer gaf Ann Goldstein er al weer de brui aan, ruim een jaar voor het einde van haar contract. Ze vindt dat haar werk erop zit. Echt rouwig is niemand om haar vertrek - al wordt dat niet hardop uitgesproken - omdat van meet af aan duidelijk was dat de Amerikaanse niet op haar plek zat in Amsterdam. Ook letterlijk: Goldstein was er vaker niet dan wel. Ook bij belangrijke gebeurtenissen waar de directeur niet mag ontbreken - bijvoorbeeld op de dag dat het publiek voor het eerst weer het museum kon bezoeken - schitterde ze door afwezigheid.

Iemand in haar directe omgeving schijnt verzucht te hebben: hoe krijgen we Ann in Amsterdam en het DNA van de stad in Ann? Wat ook niet meehielp, was dat ze geen Nederlands sprak, waarbij altijd mistig is gebleven of ze dat überhaupt wel wilde leren. Van haar opvolger wordt dat nu wel verwacht: die moet de Nederlandse taal machtig zijn 'of bereid zijn deze binnen afzienbare tijd te leren'.

De afgelopen maanden is volop gespeculeerd wie per 1 februari, de streefdatum, de nieuwe directeur moet worden. Daarbij passeerde ook weer het rijtje namen dat al circuleerde voor de benoeming van Goldstein. Om er een paar te noemen: Sjarel Ex van museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, Hendrik Driessen (De Pont in Tilburg), Chris Dercon (Tate Gallery in Londen), Rein Wolfs (Kunsthalle Bonn) en Iwona Blazwick (Whitechapel Art Gallery Londen). Ook de jonge Ann Demeester van het kleine, maar spraakmakende Amsterdamse instituut voor hedendaagse kunst De Appel werd getipt, maar zij is inmiddels weggekaapt door het Frans Hals Museum en De Hallen in Haarlem. Op 1 februari volgt ze daar Karel Schampers op.

Een verrassende benoeming, was de reactie in de kunstsector. Maar wel één die getuigt van lef van de raad van toezicht van het Frans Hals Museum, zegt de Amsterdamse galeriehouder Wim van Krimpen. "Ik hoop dat de raad van toezicht van het Stedelijk Museum ook de moed heeft om zo'n spraakmakend persoon aan te trekken. Want dat heeft het wel nodig. Het is nu zo'n saai en voorspelbaar museum geworden, het is er helemaal dood georganiseerd. De expositie over Malevitsj is schitterend en kunsthistorisch ook helemaal verantwoord, maar wat ik mis, is reuring in de tent. Het museum is naar binnen gekeerd en niet van deze tijd."

Dat roept de vraag op wat voor type directeur het Stedelijk Museum nodig heeft om weer de topattractie van Amsterdam te worden, die het vroeger was. Volgens Wim van Krimpen, oud-directeur van de Kunsthal in Rotterdam en het Gemeentemuseum Den Haag, heeft het Rijksmuseum die positie nu overgenomen. "Het Rijks was ook jaren dicht, maar na de heropening zindert het daar, wat ik mis bij het Stedelijk. Vroeger was het Stedelijk het Louvre van Amsterdam, nu is het Rijksmuseum dat."

Schwung
Ze moeten maar eens gaan kijken in het Rijksmuseum hoe directeur Wim Pijbes daar wel 'schwung' in heeft gekregen, adviseert Van Krimpen. Wat vindt Pijbes zelf? Wie zou hij het liefst als nieuwe buurman of buurvrouw begroeten aan het Museumplein? Namen gaat hij niet noemen, zegt hij beslist. "Maar wat ze bij het Stedelijk als eerste het raam uit moeten kieperen, is de mythe dat het museum weer tot de internationale top moet behoren. En dat daarbij dan een passende directeur moet worden gezocht." Het Stedelijk moet accepteren, zegt Pijbes, dat het zich niet kan meten met topmusea als Tate Gallery, Centre Pompidou en het Museum of Modern Art, die over vele malen grotere budgetten beschikken. Maar dat is niet het grootste probleem van het Stedelijk, benadrukt Pijbes en mag ook niet leidend zijn bij de keuze van de directeur. "Iemand als Willem Sandberg was ook helemaal niet bezig met de wereldtop, die deed gewoon verrassende dingen. Daarmee heeft hij het Stedelijk op de kaart gezet."

Onder Sandbergs leiding (1945-1963) groeide het Stedelijk uit tot een internationaal spraakmakend instituut. De experimentele Cobra-kunstenaars kregen bij hem al vroeg alle ruimte. Door de jarenlange sluiting is het Stedelijk die functie van podium voor hedendaagse kunstenaars kwijtgeraakt. Je ziet dat volgens Pijbes ook terug op bijvoorbeeld Art Basel, de belangrijkste beurs voor hedendaagse kunst. "Daar is bijna geen Nederlander meer te bekennen." Pijbes' advies: "Zoek iemand die de oude dame weer lekker laat dansen en doet waar het museum altijd zo sterk in was. Maak er weer een podium van voor hedendaagse kunstenaars."

Kunstenaar Robert Zandvliet (1970) weet uit eigen ervaring hoe belangrijk zo'n platform is. Hij had in 2001 een overzichtstentoonstelling in het Stedelijk. Die leidde tot zijn (internationale) doorbraak. "Van die ervaring heb ik veel geleerd. Ook als springplank naar het buitenland is zo'n podium onmisbaar." Tijdens de sluiting van het Stedelijk zijn andere musea onvoldoende in dat gat gesprongen, meent hij, met uitzondering van het Gemeentemuseum Den Haag.

Boijmans, maar ook het Van Abbe Museum hadden naar zijn mening meer kunnen doen. Het verontrustende is dat het Stedelijk na de heropening die functie ook niet meer belangrijk lijkt te vinden. "Ik hoop dat de nieuwe directeur wel inziet dat het museum ook jonge Nederlandse kunstenaars een kans moet geven, zoals Rudi Fuchs dat in het verleden heeft gedaan. Hij combineerde gerenommeerde kunstenaars met jong talent, dat misschien niet altijd even goed was, maar er werd wel over gepráát. Er was reuring in de tent en die mis ik nu. Het museum is nu net een kunstgeschiedenisboek en dat leidt onherroepelijk tot een sterfhuisconstructie."

Pijbes: "Het zou inderdaad prachtig zijn als het Stedelijk weer zou floreren als podium juíst voor de kunstenaars."

Behalve dat er weer schwung in het museum moet komen, is het ook belangrijk, menen Pijbes en Van Krimpen, dat er met de nieuwe directeur stabiliteit komt. Er waren te veel directeurswisselingen, vier in tien jaar tijd, en dat in een omgeving waarin ook voortdurend wethouders komen en gaan die allemaal hun stempel zetten op het cultuurbeleid.

Het ontbreken van continuïteit heeft ook een negatief effect gehad op sponsors, zegt Arjo Klamer, hoogleraar economie van de kunst en cultuur. Maar de nieuwe directeur hoeft van hem niet per se een ondernemer of manager te zijn. "Er zit daar al een algemeen directeur, Karin van Gilst. Het is belangrijker dat de nieuwe artistiek directeur een spraakmakende figuur is, een eigenzinnig type, zo iemand als Chris Dercon. Maar ook Hendrik Driessen van De Pont is een man die sterk aanwezig is en Ann Demeester had het misschien ook gekund." Kandidaten genoeg, maar bij alle kwaliteiten waarover ze moeten beschikken, is het volgens Klamer essentieel dat ze 'ook nog de Amsterdammers kunnen raken'. Klamer: "Het belangrijkste is dat het iemand wordt die iets teweeg kan brengen. Dat gaat verder dan het maken van mooie exposities. Er moet weer iets gebeuren in het Stedelijk waar mensen kwaad of verbijsterd over zijn, of verrukt."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden