Analyse

Wie is wie in de djihad?

Beeld ap

IS, de taliban, Al-Kaida en Hamas, ze beroepen zich allemaal op de islam. Maar de verschillen tussen deze vier terreurorganisaties zijn groot.

De Islamitische Staat (IS) vormt de grootste bedreiging voor de wereld, als we de Amerikaanse minister van defensie moeten geloven. Zelfs groter dan Al-Kaida en de taliban, zei Chuck Hagel in een perstoespraak. Kort daarop schreef de Israëlische premier Benjamin Netanjahoe op Twitter: 'Hamas is IS, en IS is Hamas'. De tweet leidde tot woedende reacties, waarop hij zijn bericht verwijderde. IS is ook beslist geen Hamas. Sterker, de meest beruchte islamistische organisaties hebben minder met elkaar gemeen dan op het eerste gezicht lijkt. Maar wat maakt IS zo uniek? En belangrijker: waarin verschilt deze organisatie met haar collega's?

Potentieel bereik
De Islamitische Staat roept alle soennieten op tot de djihad. Wat verder je nationaliteit is, doet er niet toe: iedereen is welkom om te komen vechten. Althans, als je man en gezond bent. Maar ook zonder vrouwen (een handjevol uitzonderingen daargelaten), bejaarden en zieken, blijft het potentiële bereik van de organisatie extreem hoog: er is theoretisch gezien een reservoir over van 500 miljoen soennitische rekruten. Als slechts één procent van hen zich bij IS aansluit, dan beschikt de organisatie over meer manschappen dan de Amerikaanse en Chinese krijgsmacht bij elkaar.

Maar anders dan bijvoorbeeld Mao, die halverwege de vorige eeuw zo'n vier miljoen Chinezen wist te mobiliseren, moet de kalief van de Islamitische Staat het momenteel doen met zo'n tien- tot vijftigduizend strijders. Voor een organisatie die nog geen tien jaar bestaat, is dat toch een uitzonderlijke prestatie.

Het ledenaantal zou nog verder kunnen groeien als IS niet te maken had met concurrentie. De beweging heeft het meeste last van Al-Kaida, en vooral de Syrische tak daarvan: Al-Noesra. Die organisatie roept eveneens soennitische mannen vanuit de hele wereld op om te komen strijden, en heeft daarmee theoretisch gezien een even groot bereik als IS.

Andere islamistische bewegingen hebben niet deze luxe, zoals Hamas in Gaza en de taliban in Afghanistan. Daar kiezen ze overigens bewust voor. Zo rekruteert Hamas bijvoorbeeld slechts Palestijnen, en accepteert het geen buitenlanders binnen haar gelederen. De Afghaanse taliban weigert ook buitenlanders op te nemen - behalve in heel uitzonderlijke gevallen, en dan vooral voor propagandadoeleinden. De redenen daarvoor zijn simpel: de taliban hebben genoeg aan de Afghaanse bevolking (vooral Pashtun) om hun doelen te bereiken, en daarnaast kunnen buitenlanders weleens spionnen zijn.

Werkelijke aanhang
In een regio waar mensen stevig vasthouden aan hun lokale tradities en gebruiken, kan een universele ideologie moeilijk aarden. Behalve wanneer die met veel geweld wordt doorgedrukt, zoals IS probeert. Het fundamentalisme dat de groepering predikt, druist in tegen de lokale cultuur in de gebieden waar de djihadisten actief zijn.

Muziek en dans, voor veel Syriërs belangrijke zaken, zijn door IS verboden, en vrouwen moeten in voor hen vreemde gewaden over straat. Het aanbidden van heiligen of uitingen van bijgeloof - een wijdverbreid verschijnsel in de Arabische wereld - wordt bestraft met de dood. Mausolea en soms zelfs hele moskeën gaan in vlammen op.

Beeld afp

Het is dan ook niet toevallig dat IS weinig volgelingen heeft onder 'autochtone' Syriërs. De 'heilige oorlog' tegen president Basjar al-Assad wordt daar niet geleid door een Syriër, maar door een Tsjetjeen - een roodbaard die twee jaar geleden voor het eerst voet op Syrische bodem zette en wiens huid duidelijk niet is bestand tegen de Syrische zon.

In buurland Irak, de oorspronkelijke habitat van IS, gaat de beweging lokaler te werk. De meeste IS-strijders daar zijn 'autochtone' Irakezen. Dit is een bewuste beleidskeuze: IS werkt daar nauw samen met nationalistische en islamistische groeperingen die net zo vijandig staan tegenover buitenlanders als tegenover de centrale regering. De bondgenoten van IS hechten meer waarde aan hun Iraakse identiteit en aan het behoud van de nationale culturele schatten.

Deze affiniteit wordt niet gedeeld door IS, waarvan de meeste leden worden geworven onder jongeren uit de arme dorpen, het platteland en leden van het 'lompenproletariaat' - kruimeldieven, misdadigers en ex-criminelen die tot niet zo lang geleden een 'goddeloos' bestaan leidden.

Kunstvoorwerpen en niet-religieuze bouwwerken beschouwen zij als 'onislamitisch' en restanten van 'jahiliyah' - de Arabische term voor 'achterlijkheid', refererend aan de pre-islamitische periode toen de Arabieren nog in meerdere goden geloofden. Sjiieten worden bestempeld tot 'kafir' (ongelovige), met als gevolg dat hun bloed zal vloeien. Christenen en yezidi's moeten zich bekeren om het zwaard te vermijden.

Ook weinig steun voor Al-Kaida
Maar ook buiten Irak en Syrië lopen maar weinig soennieten warm voor de radicale ideeën van IS. De groepering boezemt de islamitische landen vooral angst in, zo blijkt uit een recent rapport van onderzoeksbureau Pew Research. Daaruit blijkt dat bijvoorbeeld 75 procent van de Egyptenaren bang is voor het oprukkend islamistisch terrorisme, en in het soennitische Tunesië ligt dat percentage zelfs op 80 procent. Het onderzoek dateerde nog van voor de zomer, toen IS nog niet was begonnen aan zijn grote veroveringstocht door Irak en de filmpjes van de massa-executies bekend waren.

Het iets mildere Al-Kaida, de grote concurrent van IS, doet het niet beter. In Egypte verwerpt meer dan 80 procent van de bevolking de organisatie in haar geheel. In Jordanië, waar Al-Kaida net als in Egypte actief is, ligt dat percentage zelfs op 83 procent.

Groeperingen als Hamas en de taliban wekken aanzienlijk minder tegenkrachten op. Maar dat is ook niet verwonderlijk: terwijl IS de hele Arabische wereld wil veroveren, streven Hamas en de taliban lokale doelen na - Hamas beperkt zich tot Israël en de Afghaanse taliban tot Afghanistan.

Beeld afp

Tegenstanders
IS heeft een groot voordeel ten opzichte van al zijn concurrenten: het heeft te maken met relatief zwakke tegenstanders. Terwijl Hamas vecht tegen het militair superieure Israël en de taliban en Al-Kaida in oorlog zijn met het oppermachtige Amerika, is IS verwikkeld in een strijd met zwakke regimes en collega-rebellen.

De strijd tegen zwakke regimes leverde IS tot nog toe een behoorlijke oorlogsbuit op, waaronder tanks van zowel Russische als Amerikaanse makelij en geavanceerde antitank- en luchtafweerraketten. De gevechten met collega-rebellen leverden IS nieuwe leden op - veel Syrische en Iraakse rebellen liepen over naar IS toen ze door de groepering onder de voet dreigden te worden gelopen.

De doelwitten zijn primair sjiieten en alawieten. De oprichter van IS zei ooit over deze geloofsgroep: "Zij zijn als een slang die op de loer ligt, de gewiekste en gemene schorpioen, de spionerende vijand, het bijtende gif". Volgens de IS-doctrine zijn alle sjiieten vogelvrij, en moeten zij met het zwaard bestreden worden.

Het genocidale karakter van IS stuit op veel weerstand, zelfs onder radicalen. Zo verwierp Al-Kaida al in 2005 de moordpartijen onder sjiieten in Irak. De kritiek overigens was niet ideologisch van aard, want Al-Kaida denkt precies hetzelfde over sjiieten als IS, alleen zijn sjiieten volgens Al-Kaida niet de prioriteit. In dezelfde lijn als Al-Kaida gaven de taliban - een groepering die steniging bepleit van overspelige mannen en vrouwen - onlangs het advies aan IS om 'religieus extremisme te vermijden'.

Behendig
Dat IS ondanks zijn genocidale karakter zo ver heeft kunnen komen, is deels te wijten aan de verdeeldheid onder zijn vijanden. Zo laat het Syrische regime IS met rust wanneer het in gevecht is met andere Syrische rebellen, en grijpen de Syrische rebellen niet in wanneer IS slaags raakt met Assad. In Irak is hetzelfde gaande: de Koerden weigerden de Iraakse krijgsmacht te hulp te schieten toen die in juni bijna verzwolgen werd door de djihadisten, en omgekeerd liet het Iraakse leger de Koerden in de steek toen IS begin deze maand hun gebied bereikte. IS maakt ondertussen behendig gebruik van de verdeeldheid tussen vijanden, en houdt op die manier het initiatief.

Maar aan de reeks successen dreigt nu een einde te komen. Met de veroveringen in Koerdistan, heeft IS de toorn gewekt van Amerika, dat lange tijd op de achtergrond wilde blijven maar nu het conflict wordt ingezogen. De VS hebben een militaire basis en een CIA-kantoor gevestigd in Iraaks-Koerdistan, en vrezen al hun invloed te verliezen als ook Koerdistan ten prooi valt aan de djihadistische beweging. Hoewel de Amerikanen en IS elkaar drie jaar hebben gemeden, lijkt een nieuw conflict tussen beide onafwendbaar. De Amerikanen dreigen zelfs IS-doelwitten in Syrië aan te vallen, terwijl ze juist lange tijd het Syrische regime probeerden omver te werpen.

Beeld ap

Het gedrag van IS leidde deze week ook tot een conflict met zijn Iraakse bondgenoten. Een soennitische djihadist, die tot voor kort samen met IS optrok in de strijd tegen het Iraakse leger, zei in een interview met deze krant over de IS-strijders: "Toen ze (naar Mosoel, red.) kwamen waren ze nog menselijk. Nadat ze soennitische leiders in de gevangenis hadden vermoord werden het criminelen. Wat ze de christenen en yezidi's hebben aangedaan is onmenselijk."

Propaganda van de daad
Zoals voor iedere rebellenbeweging, is vechten ook voor IS een belangrijke bezigheid. Maar het karakter van de beweging is bijna uniek in zijn eendimensionaliteit. Het opzetten van sociale programma's, zoals Hamas en de taliban dat doen, is ondergeschikt aan de strijd. Hoewel IS ook doet aan liefdadigheid en probeert de gebieden onder zijn controle te besturen, is het de 'propaganda van de daad' die de beweging kenmerkt. Het leven bij IS bestaat vooral uit vechten, en de acties moeten zo spectaculair mogelijk zijn.

Het idee van de 'propaganda van de daad' is niet nieuw. Het werd eind 19de eeuw al door de Italiaanse anarchisten Errico Malatesta en Carlo Cafiero op papier gezet. De gedachte erachter is dat aanslagen het vertrouwen in de gevestigde orde doen afnemen en er een echo-effect optreedt: eenmaal gefascineerd door het geweld, willen de burgers de acties gaan imiteren en zich laten meevoeren door de revolutionaire karavaan.

IS poogt hetzelfde te doen in Syrië en Irak. Dagelijks verschaffen strijders geïnteresseerden een kijkje in hun wereld van geweld. Filmpjes van onthoofdingen, massa-executies, martelingen en zelfmoordaanslagen zijn bedoeld om burgers te laten inzien dat de overheid ze niet kan beschermen. Tegelijkertijd willen ze de vijand ontmoedigen, en het moreel onder de eigen strijders oppeppen.

Hoewel de soennieten met een fascinatie voor geweld zich waarschijnlijk aangetrokken zullen voelen tot IS, keert het bloedvergieten zich vaak tegen de bloedvergieters. De meerderheid van de mensen delen deze morbide voorliefde niet, en zullen eerder uit angst steun zoeken bij de staat dan bij de rebellen. Hoe groter de nadruk ligt op geweld, hoe kleiner de kans is dat een groepering erin slaagt om haar doelen te bereiken. Uit statistisch onderzoek van de Amerikaanse terreurdeskundige Max Abrams blijkt verder dat 'groepen die voornamelijk burgerdoelen aanvallen, hun doelen niet halen, ongeacht hun aard'.

Hoewel dit geen garantie is dat IS hoe dan ook zal falen in zijn opzet, is het al eens eerder bijna onder zijn eigen moordlust bezweken. De terreurcampagne die IS tijdens de Amerikaanse bezetting in Irak lanceerde, maakte niet alleen de Irakezen bang, maar ook de collega-djihadisten. Uiteindelijk was de vrees voor IS zelfs groter dan de weerzin om met de Amerikanen samen te werken, waarop Iraakse djihadisten besloten tot het laatste. Het duurde niet lang voordat IS van alle kanten belaagd werd. De groepering vluchtte ondergronds en viel in een coma die duurde tot 2012.

Voor Al-Kaida werkte louter het gebruik van geweld ook niet. Bin-Laden is dood en de nieuwe leider Zawahiri slijt nu zijn oude dag in de bergen van Pakistan, de plek waarvandaan hij tevergeefs deze les probeert over te brengen op de nieuwe generatie djihadisten.

Volg de auteur van dit artikel op Twitter

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden