Wie helpt de zieke single?

“Het is mijn ervaring dat mensen een beetje nerveus worden als ze horen dat je alleenstaand bent, ze denken: gaat ze niet te veel op me leunen?"Beeld Getty

Je bent single en dat is prima. Maar dan word je ziek. Buren of vrienden vragen om te helpen blijkt nog best lastig, zeker voor ‘rasechte solozeilers’. Hoe bouw je aan een goed netwerk?

Nelke van Heest (62) is single en omschrijft zichzelf als een ‘rasechte solozeiler’ die het prima alleen redt. Tot een hernia haar vloerde en ze het in haar eentje allemaal niet meer voor elkaar kreeg. “Ik kon dagelijks met pijnstillers twee tot drie uur op zijn. Na een aantal weken bleek opereren de enige optie.” Tot die tijd was het Nelke gelukt om zich aardig zelf te redden. Maar na de operatie klom ze met moeite de trap naar de slaapkamer op, om daar de komende tijd te blijven, vertelt de Amsterdamse.

Nelke moest zich ‘over een hobbel’ heen zetten, maar organiseerde hulp voor het klaarmaken van de dagelijkse lunch en het avondeten. “Het is mijn ervaring dat mensen een beetje nerveus worden als ze horen dat je alleenstaand bent, ze denken: gaat ze niet te veel op me leunen? Daarom is het goed als je meerdere mensen om hulp vraagt, om het te spreiden. Mijn familie woont grotendeels in het buitenland. Ik deed een beroep op vrienden, kennissen en buren en ik maakte een rooster. Dat deed ik al vóór de operatie, want als je je niet lekker voelt, heb je nóg minder zin om rond te bellen en om hulp te vragen.”

Ziekte maakt kwetsbaar

Nelke is zeker niet de enige alleenstaande die dit moeilijk vindt; afhankelijk zijn. Weg zelfstandigheid, die verworvenheid waar je normaal juist eer in legt.

Daar komt nog eens bij dat ziekte kwetsbaar maakt. Wie in de lappenmand zit, trekt zich het liefst terug in zijn cocon om de wereld buiten te sluiten. En dat is nu net iets wat een zieke single zich niet kan permitteren.

Steeds meer mensen krijgen hiermee te maken, want het aantal eenpersoonhuishoudens stijgt al jaren. Momenteel zijn het er 2,9 miljoen; zo’n 37 procent van de Nederlandse bevolking.

En dat percentage neemt alleen maar toe, voorspelt het CBS. Vooral in de Randstad groeit het aantal eenpersoonshuishoudens sterk; dat komt door de vergrijzing, maar ook doordat jongeren minder vaak trouwen en er vaker wordt gescheiden. Overigens zijn niet alle alleenstaanden, met of zonder kinderen, partnerloos: ongeveer 20 procent van hen heeft een relatie met iemand die elders woont. Maar niet al die relaties zijn zo hecht, dat hulp bij ziekte vanzelfsprekend is.

Vriendennetwerk

Hoe rooit die groeiende groep alleenstaanden het bij gezondheidsproblemen - dat grijze gebied tussen een griepje en een meer langdurige hulpvraag? Het sterke punt van veel singles is dat zij, vaker dan samenwonenden, een goed onderhouden vriendennetwerk hebben. “Alleenstaanden onderhouden vaak heel bewust hun relaties”, zegt vriendschapsdeskundige Nan Stevens. “Ze wisselen vaker steun uit met degenen die hun netwerk vormen dan mensen die met een partner samenleven. Alleenstaanden die om allerlei redenen zo’n netwerk niet opgebouwd hebben, zijn kwetsbaarder.”

Logisch dat alleenstaanden goed voor hun netwerk zorgen, zegt Pearl Dykstra, hoogleraar empirische sociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. “Zij hebben meer tijd én meer behoefte aan vrienden. Bij samenwonenden voorziet de partner in een groot deel van die behoefte.”

Het vermogen om goed te netwerken heeft ook met het opleidingsniveau te maken, blijkt uit onderzoek. “Netwerken is iets wat je moet plannen. Laagopgeleiden laten vriendschappen en kennisnetwerken vaker aan het toeval over; ze vinden ze in de buurt of een plek waar ze toch al komen, zoals een vereniging of café.”

Nelke van Heest, werkzaam bij een organisatie die beroepsonderwijs en bedrijfsleven bij elkaar brengt, merkte dat haar netwerk groter was dan ze vooraf had gedacht. “Ik was aangenaam verrast dat mensen zeiden: Ja natuurlijk, geef maar een seintje. In twee weken tijd kreeg ik hulp van bijna twintig mensen. Eén van mijn helpers was een buurvrouw die ik maar een paar keer per jaar zie. ‘Vanavond kom ik tafeltje-dekje brengen’, zei ze als ze kwam.”

Prettig bijeffect van de hulp van vrienden bij ziekte is de gezelligheid. Helpen schept een band. Je leert elkaar beter kennen, zet je schaamte opzij, gaat op een andere manier met elkaar om. Wie hulp accepteert, ziet soms nieuwe dingen om zich heen gebeuren. Zoals vrienden en bekenden, die elkaar dankzij het onderlinge afstemmen van hulp beter leren kennen. Maar je moet ook eerlijk durven zijn, weet Nelke: “Soms was het wel zwaar om sociaal te doen. Zo kwam iemand een keer helemaal uit Den Haag, ze was laat en moest nog boodschappen doen. Ik was zó moe, dat ik niet gezellig kon doen. Dat moet je dan ook benoemen.”

Doordat ze alles goed had voorbereid, en dankzij haar grote netwerk, kon Nelke ontspannen herstellen. “Eindelijk had ik tijd om te lezen in een boek dat ik al lang had liggen: ‘Het verhaal van Genji’, een roman die zich afspeelt in de elfde eeuw aan het Japanse hof.”

Tekst loopt door onder de afbeelding

Marieke op de bank met om haar heen al haar vrienden die haar geholpen hebben toen zij ziek was.Beeld Maartje Geels

Marieke Verharen (43), mede-eigenaar agentschap, Amsterdam

“Eind vorig jaar kreeg ik de diagnose: een tumor in mijn bovenbeen. In overleg met de dokter werd ik zo snel mogelijk geopereerd, omdat dat goed uitkwam met mijn werk. De verwachting was dat ik daarna vier of vijf weken moest bijkomen, maar dat werden er zes. Mijn vrienden en familie stonden te trappelen om te helpen. Ik kon lopen, maar had een grote wond die veel pijn deed, dus ik kwam niet verder dan de wc en de bank.

Een vriendin mobiliseerde toen een stuk of tien mensen. Ze maakte een gemeenschappelijke agenda via een app, waarbij iedereen kon invullen wanneer hij kon. Soms meldden zich er zoveel, dat ik iemand moest afzeggen. Ook mijn ouders deden veel. Voor mijn familie had ik een WhatsApp-groepje gemaakt, waarin ik de uitslagen meldde.

Een paar mensen die ik al heel lief vond gingen voor me aan de slag, daarna vond ik ze nog veel liever. Een vriendin met een drukke baan kwam dagelijks heel vroeg langs om mijn verband te verschonen. Een vriendin die in het buitenland woont, kwam een week helpen. Bij sommigen kon ik mijn verhaal kwijt; anderen kwamen echt alleen even helpen en dat was net zo fijn. Het is geweldig te merken dat iedereen voor je opstaat als je ze nodig hebt.

Ik zit in veel clubjes, met het ene ga ik uit, met het andere naar de film of uit eten. Toch zou ik het moeilijk hebben gevonden om hen zélf om hulp te vragen. Zelfstandig zijn, is mijn normale status. Dan is het niet makkelijk om ineens veel hulp nodig te hebben. Ik heb wel geleerd om te zeggen waar ik behoefte aan heb. Soms proberen mensen heel lief te helpen, maar doen ze iets wat je niet wilt.

Het gaat nu beter. Sinds kort werk ik weer halve dagen en kook ik af en toe voor vrienden. De aanloop is nog steeds groot; vriendinnen bellen dat ze even een borrel komen drinken. Ik denk dat ik binnenkort een feestje geef om de vriendschap te vieren.”

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Nikkel met haar dochter op de bank, tussen al haar helpers.Beeld Maartje Geels

Nikkel van Lit (53), werkt in de zorg, Amsterdam 

“Ik modderde al vier jaar met een hernia. Tegen de pijn kreeg ik allerlei medicatie; pleisters, morfine, van alles. Door de pijn was het steeds vaker nodig om in het ziekenhuis zenuwblokkades te zetten.

Op een gegeven moment was ik stoned van de medicijnen, en kreeg ik paniekaanvallen. Ze kwamen op bij mijn tenen en duurden een uur. Dan voelde ik: o, er komt er weer een en kon ik geen kant op, was ik zo stijf als een plank. Ik werd er heel bang van en had hulp nodig om eruit te komen. Zeven keer heb ik de spoedeisende hulp gebeld en kwam er een arts thuis.

Ik heb niks hoeven vragen, iedereen zag zó wel dat het echt niet ging. We hebben hier in de straat een hecht clubje vrouwen, met wie ik al veel had meegemaakt. Zij maakten een hulp-app aan, getiteld ‘Niks hulptroepen.’ Een maand voor mijn hernia-operatie hielpen ze continu met koken en het huishouden; soms sliepen ze hier. En ze vingen mijn dertienjarige dochter op. Voor haar was het natuurlijk niet zo prettig, een wrak als moeder. Als ik een paniekaanval had, gingen ze naast me zitten en lieten me rustig ademen. De meiden hebben me van vorig jaar april tot december geholpen. Ze hadden allemaal een sleutel. Eén van hen had ’s nachts telefonische achterwacht voor de paniekaanvallen.

Ik heb me absoluut niet bemoeid met de organisatie. Eigenlijk was het heel gezellig, we hebben veel lol gehad. Ik lag daar in Jaffa op de bank, terwijl zij gezellig aan het koken waren. Vaak werd er gelijk voor vijf gekookt en at iedereen mee. Mijn dochter rolde er door al die gezellige hulp prima doorheen. Het scheelt misschien dat ik een heel open persoon ben, ik heb hier in de buurt iets opgebouwd. Die groepsapp gebruiken we nu ook als er anderen in de buurt ziek zijn. Het was echt een superploegje.”

Miep Langeveld (76), weduwe, Amersfoort 

“Ik heb een progressieve spierziekte die mij steeds verder beperkt. Lopen doe ik met twee stokken en autorijden durf ik niet meer zo goed. Als ik met mijn stokken door het winkelcentrum loop, ben ik halverwege bekaf, dus dat vermijd ik. Ik ga regelmatig naar de fysiotherapeut en doe aan slenderen - daarbij lig je op een bank en worden je spieren geactiveerd. Ik moet nu een scootmobiel of een rolstoel regelen, zodat ik er weer uit kan.

Ik kom uit Vlaardingen. Toen mijn man elf jaar geleden overleed, ben ik in Amersfoort in een woongroep gaan wonen. Ik had behoefte aan mensen om me heen. hoewel ik tegenwoordig niet zoveel zin meer heb in oppervlakkige gezelligheid. Ik ben vaak bang dat mensen denken dat ik me aanstel.

Mijn ene zoon woont met zijn gezin dichtbij en nodigt me vaak uit om te komen eten. Een glaasje wijn vind ik hartstikke gezellig, maar na een tijdje ben ik zo moe dat ik ga trillen. Dan wil ik het liefst naar huis. Sinds kort sta ik er anders in. Ik denk nu: dit is mijn lijf. Dan zeg ik: jongens, het kost me te veel. Zo ging ik met Kerst bij mijn zoon en zijn gezin langs, en brachten ze me vóór het eten weer naar huis. Dat ging goed.

Ik ben erg gehecht aan mijn zelfstandigheid. Douchen en mijn haar wassen doe ik zelf. Dan ben ik wel de hele ochtend bezig, maar dat geeft niet. Hulp vragen gaat tegenwoordig iets makkelijker, maar vooral aan vrienden, want mijn zoon heeft een gezin en werk en heeft het hartstikke druk. Ik vraag af en toe iemand een boodschap voor me mee te brengen en bij het oogdruppelen vraag ik mijn buurvrouw, met haar ben ik vertrouwd. Ach, ik ben een beetje een eenling, maar heb het naar mijn zin: na het douchen rommel ik wat in huis, en daarna ga ik lekker schilderen.’

Vlak na het interview brak Miep haar been. Ze zal nu toch een tijdje meer hulp moeten accepteren.

Online hulpmiddelen

Hulp vragen en organiseren is door allerlei online hulpmiddelen nu een stuk makkelijker. Met apps kun je eenvoudig communiceren, en vrienden en bekenden kunnen via een online agenda aangeven op welke momenten ze beschikbaar zijn. Een overzichtelijk hulpverzoek blijkt beter te werken dan een open hulpverzoek: mensen hebben dan eerder de neiging om mee te doen, zo blijkt.

Online agenda’s

Hierbij kunnen helpers online een gemeenschappelijke agenda voor de zieke beheren. Zoals: Doodle Afspraak plannen, MiessAgenda, Nettie.

Buurtapps en websites

Dit zijn hulpmiddelen om mensen uit de buurt bij elkaar te brengen. Dat kan voor de gezelligheid zijn, om elkaar te helpen met praktische zaken, of bij ziekte. Apps: Buurtwerk, Buurtapp, Wazzurp, Nextdoor. Privacy is overigens wel een aandachtspunt bij deze apps. Dat is beter geregeld bij sites als Wehelpen.nl en Mijnbuurtwelzijn.nl.

Hulp bij langdurige ziektes

Apps die helpen in de communicatie tussen mantelzorgers en zorgprofessionals, zoals Alzheimer Assistent, Dementia en EigenZorg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden