Interview

Wie geeft mensen met bijstand het goede zetje?

Links Arjan Vliegenthart, SP-wethouder in Amsterdam en rechts Dennis Straat, VVD-wethouder in Zaanstad. Beeld Maartje Geels

De gemeente Zaanstad laat mensen met een uitkering werken via het bureau Flextensie, waarbij de bijstandsgerechtigde 2 euro per uur betaald krijgt. De gemeente Amsterdam beschouwt dit als verdringing en ‘volstrekt onwenselijk’. Een tweegesprek tussen twee wethouders.

De schuld van de werkloosheid wordt bij de werklozen gelegd.” Dat is de mening van Arjan Vliegenthart (SP), wethouder sociale zaken in Amsterdam. Hij maakt zich zorgen over hoe er met bijstandsgerechtigden wordt omgegaan. De wethouder van Zaanstad, Dennis Straat (VVD), ziet dat anders. Hij ziet vooral steeds meer kansen voor werklozen doordat het aantal manieren groeit waarop bijstandsgerechtigden ingezet kunnen worden.

Naast de vele reïntegratiemiddelen als jobcoaches, plaatsingsfees (subsidies) en opleidingen, kunnen gemeenten gebruik maken van de proefplaatsing of de tegenprestatie waarbij iemand met behoud van uitkering ergens werkt, en sinds kort ook via het bedrijf Flextensie, dat bijstandsgerechtigden goedkoop en zonder enige verplichtingen regulier werk laat doen.

Een hele kist vol met wel zo’n vijftig instrumenten om uit te kiezen. Maar waarschuwt Vliegenthart: “Het grootste probleem is dat er meer mensen op zoek zijn naar werk dan dat er banen zijn. Daardoor leiden trajecten zoals bij Flextensie tot verdringing. Het gaat om echt werk, maar anders dan vroeger staat daar geen echt loon en geen echt contract meer tegenover. Wellicht leuk voor werkgevers, maar mensen op zoek naar werk hebben er weinig aan.”

Aanleiding voor het dubbelgesprek zijn publicaties in Trouw over het bemiddelingsbureau Flextensie. Vijftig gemeenten, waaronder Zaanstad, maken gebruik van dit bedrijf om mensen met een uitkering tijdelijk te laten werken bij reguliere werkgevers. De ondernemer betaalt 12 euro per uur, de bijstandsgerechtigde krijgt daarvan 1 of 2 euro per uur bovenop zijn uitkering. De rest wordt verdeeld tussen gemeente en Flextensie. Het ministerie van sociale zaken gaat onderzoeken of hier sprake is van verdringing.

Wethouder Straat is zeer content over de samenwerking met Flextensie. “Wij hoorden veel klachten van werkgevers die het lastig vonden om tijdens piekperiodes personeel te vinden. Flextensie maakt het mogelijk om tijdelijk ergens te werken. Gemeenten gaan echt geen middelen inzetten die ongewenste verdringing veroorzaken. Maar we moeten wel oplossingen zoeken voor de veranderende arbeidsmarkt. Die flexibiliseert nou eenmaal. Daar kun je de ogen voor sluiten, maar je kunt beter in die context oplossingen zoeken. De samenleving is niet maakbaar.”

Daar denkt Vliegenthart echt anders over. “Die veranderende arbeidsmarkt heeft wel te maken met politieke keuzes. Het is geen natuurverschijnsel dat ons simpelweg overkomt. In andere landen om ons heen is de flexibilisering veel kleiner en worden werknemers beter beschermd. In Nederland staan wij werken met behoud van uitkering toe onder het mom van reïntegratie of een proefplaatsing.”

Arjan Vliegenthart: "Die veranderende arbeidsmarkt is geen natuurverschijnsel dat ons simpelweg overkomt". Beeld Maartje Geels

Straat: “Ik bekijk het liever pragmatisch. Als je bijstandsgerechtigden een zetje kunt geven de goede kant op via een proefplaatsing of via Flextensie, dan moet je dat doen. We hebben allemaal hetzelfde doel, namelijk om ze weer aan de slag te krijgen. Als deze instrumenten helpen om deuren te openen bij werkgevers, dan moet je dat doen.”

“De gemeente Zaanstad wordt er ook echt niet rijk van hoor”, verdedigt Straat zich. “Alle inkomsten stromen sowieso direct in het participatiebudget en komt dus direct ten goede aan de uitkeringsgerechtigden.” De wethouder is verheugd over de uitstroomcijfers. Vorig jaar deden 72 bijstandsgerechtigden uit Zaanstad mee met deze constructie. Zeventien van hen hielden er direct bij de ‘Flextensiewerkgever’ een arbeidsovereenkomst aan over. Dat is bijna een kwart van de deelnemers. “Dat is een mooie score. In totaal zijn meer dan veertig deelnemers uit de uitkering gestroomd. Dat is meer dan de helft. De getallen laten zien dat het werkt”, zegt Straat tevreden.

“Maar hiervoor deden werkgevers toch gewoon een beroep op uitzendbureaus tijdens piekperioden?”, reageert Vliegenthart. “En dan werkten ze onder een cao, met opbouw WW-rechten, met pensioenopbouw.” Straat, relativerend: “Een paar maandjes maar hè?” Want hoeveel WW en pensioen zal iemand in zo’n korte tijd sparen.

Volgens de Zaanse wethouder lukte het trouwens veel werkgevers niet om via uitzendbureaus de juiste mensen met de juiste ervaring te vinden. Dus Flextensie voorziet echt in een behoefte. Bij de gemeente Amsterdam hoeft Flextensie niet aan te kloppen.

Vliegenthart: “Zo worden werkzoekenden aan de onderkant van de arbeidsmarkt als concurrenten tegen elkaar uitgespeeld. Met constructies als deze wordt hun rechtspositie uitgehold, en daarmee verklooi je het voor de hele groep.”

Vliegenthart ziet meer heil in het zelf creëren van werkgelegenheid. In Amsterdam is de ‘werkbrigade’ in het leven geroepen. “De werkbrigade bestaat uit langdurig werklozen die niet aan de bak komen. Zij doen achterstallig onderhoud. Deze Amsterdammers krijgen een echt contract; met een salaris, met opbouw WW-rechten, met pensioenopbouw en met doorbetaling bij ziekte. Zij hebben collega’s en een leidinggevende die in ze investeert.” Zo hoort een baan te zijn, aldus Vliegenthart.

“Ik moet nog zien wat het oplevert”, reageert collega-wethouder Straat. “Het effect is nu al te zien; opgeknapte buurten”, reageert Vliegenthart direct. Straat: “Oké, maar waar staan die mensen na twee jaar als het project is afgelopen?” Vliegenthart: “Met zoveel mensen aan de kant kan ik me niet veroorloven op mijn handen te zitten. Mensen willen nu werk, los van wat er over twee jaar gebeurt. Ik hoop dat ik dan nog steeds op deze plaats zit en dan zal ik me er sterk voor maken om deze mensen aan het werk te houden.”

Straat vindt het een “politiek kwetsbaar experiment”. Vliegenthart: “Ik erken dat het tijdelijk is. Maar mijn doel is dan ook dat ze vandaag aan de bak zijn.” Straat: “Toch vervelend als ze nu al weten dat ze over twee jaar weer op straat staan.” Vliegenthart: “Maar nu zie ik blije gezichten. Zie ik mensen die meetellen en meedoen. Mensen die weer trots zijn.”

Bijstandsgerechtigden die stralen omdat ze een baan hebben, kent Straat ook. Daar is zelf creëren van werk niet voor nodig, vindt hij. “Het kost wel heel veel geld wat Amsterdam doet.” Het project van de SP-wethouder dat de Amsterdamse straten schoonhoudt kost jaarlijks 22 miljoen euro en helpt vijfhonderd mensen.

In Rotterdam doen bijstandsgerechtigden dit werk gratis, verplicht, als tegenprestatie voor hun uitkering. Dat gaat ook de wethouder van Zaanstad te ver. “We hebben een verordening gemaakt voor de tegenprestatie, omdat dat van staatssecretaris Jetta Klijnsma moet, maar het is voor ons een laatste redmiddel. We maken er nauwelijks gebruik van.”

Is de VVD-wethouder dus geen fan van de tegenprestatie? Straat: “Ik snap het principe wel. Als bijstandsgerechtigden echt niets willen, als je het dus hebt over notoire weigeraars, over mensen met geen enkele intentie om aan de slag te gaan, dan is het goed om een stok achter de deur te hebben. Maar dat kom je bijna niet tegen. Wij gaan in Zaanstad ook liever uit van het goede van mensen.”

De wethouder van Zaanstad vervolgt: “Bij het vinden van werk is intrinsieke motivatie belangrijk. Dat zit niet in de tegenprestatie. Maar het hoeft van mij niet verboden te worden. Er zitten in de Participatiewet vele maatregelen die een gemeente kan inzetten, en het is goed als lokale overheden daarin vrij worden gelaten.”

Dennis Straat: "Wij gaan in Zaanstad ook liever uit van het goede van mensen". Beeld Maartje Geels

De wethouder van Amsterdam vindt de tegenprestatie “symboolwetgeving van de kwalijkste soort”. Vliegenthart: “Bijstandsgerechtigden zijn tot van alles verplicht. Dat leidt tot angst onder hen. De schuld van de werkloosheid wordt bij de werklozen gelegd.”

Collega Straat relativeert dat. “Je kunt gelukkig lokaal beslissen welke instrumenten je gebruikt. Wij kiezen bijvoorbeeld voor proefplaatsingen.”

Maar juist proefplaatsingen zijn volgens Vliegenthart een instrument dat de positie van de werkzoekende uitholt. Dan mag een werkgever twee maanden een bijstandsgerechtigde ‘gratis’ proberen.

“Een proefplaatsing is gewoon een onbetaalde proeftijd, waarbij weer rechten van werknemers worden afgepakt. Ik begrijp niet dat de vakbond hiermee heeft ingestemd. Er wordt gewoon geen loon gegeven. Terwijl bij een betaalde proeftijd een werkgever ook kan zeggen: Ik zie er toch vanaf.”

De wethouder van Zaanstad zegt nog maar eens dat de arbeidsmarkt nou eenmaal is veranderd. “Met een proefplaatsing kan je tegenwoordig laagdrempelig mooi ervaring opdoen. En de werkgever kan zien of een kandidaat met een afstand tot de arbeidsmarkt geschikt is.”

Vliegenthart hoopt dat de volgende regering ingrijpt. “De rechtspositie van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt wordt uitgehold. Dat moet anders. Maak flexibel werk duurder en vaste banen goedkoper, en dan heb je deze rare fratsen niet meer.”

Wat Straat betreft stopt vooral de overheid met van alles te willen regelen. “De gedachte achter de Participatiewet is dat lokale overheden beter bijstandsgerechtigden kunnen helpen dan de landelijke overheid, doordat wij de mensen kennen en maatwerk kunnen bieden. Geef dat dan nu ook een kans. Laat ons lokaal afwegingen maken hoe we mensen aan werk helpen.”

Als voorbeeld noemt Straat wederom Flextensie. “Dat is maar een van de vele instrumenten die gemeenten kunnen gebruiken, zelfs een relatief klein instrument. Ik maak geen bezwaar tegen het onderzoek dat het ministerie nu doet naar dit bedrijf, maar ik roep eigenlijk wel de landelijke politiek op om niet in de beleidsruimte van de gemeente te interveniëren. Flextensie mag van de wet, dus geeft het een kans. Zeker als dit instrument zo effectief is als in onze gemeente.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden