Wie gaf opdracht tot moord op Mahmood

Geluidsopname moet helderheid verschaffen Alle liquidaties mislukten

HAN KOCH

Verdachte Rob Z. kon gisteren zijn lachen niet bedwingen toen hij luisterde naar een band waarop hij en drie medeverdachten de uiteindelijk mislukte moord bespreken op Mahmood uit Gouda. Van afschieten op grote afstand tot vergiftigen, alles passeert de revue. Z. ontkent niet dat er over de moord is gesproken. De Amstelvener moet vooral lachen om zijn eigen uitspraken.

De geluidsband die gisteren voor de Amsterdamse rechtbank werd afgeluisterd, is een belangrijk bewijsmiddel in een omvangrijke zaak met serieuze delicten: een aanslag met een granaat, de poging tot liquidatie van de in Iran geboren Mahmood, brandstichting, valsheid in geschrifte, verzekeringsfraude, afpersing en verboden wapenbezit. In de zaak staan twaalf verdachten terecht met als hoofdverdachte Rob Z. De man heeft onder pseudoniem al een boek uitgebracht onder de titel: 'Mijn leven als beroepscrimineel'. Dat boek, dat hij maakte met journalist Koen Scharrenberg, schreef hij in de gevangenis. Saillant detail is dat Scharrenberg zelf een van de verdachten is in het proces. Hij wordt door justitie onder meer verdacht van verzekeringsfraude.

In de verdachtenbank ontbrak gisteren verdachte en kroongetuige Richard T. Op 21 juli 2010 meldde hij zich bij het huis van Mahmood in Gouda aan de deur met een geladen pistool. De liquidatie mislukte. T. vluchtte, maar meldde zich uiteindelijk bij justitie. Hij kreeg een positie als kroongetuige. Voor het OM staat vast dat zonder de voor de moord ingehuurde T. dit hele dossier nooit voor de rechtbank zou zijn gebracht.

De geluidsopname die gisteren werd geanalyseerd, moet helderheid verschaffen over wie nu eigenlijk het initiatief nam voor de moord op Mahmood. Rob Z. schuift de schuld in de schoenen van Edwin T., ooit advocaat en zijn raadsman. De inmiddels voormalige advocaat was betrokken geraakt bij een louche handel van zakenman Sander S. en Rob Z. Het zou daarbij gaan om handel in strategische goederen voor Iran, hoogstwaarschijnlijk een verzinsel. Mahmood moest een rol spelen in die deal. Die speelde hij niet. Hij zou uit de weg geruimd moeten worden.

In dit dossier zijn de vermoede daders meestal zelf ook slachtoffer. De granaat die op 13 juni 2010 in een pand op de Churchilllaan 223 in Amsterdam werd gegooid, bleek bestemd te zijn voor advocaat Edwin T. De aanslag was volgens het OM het werk van Rob Z. en een handlanger. Twee medewerkers in het pand die niets met de louche zaken van doen hadden, zijn nu nog altijd in behandeling voor de traumatische gebeurtenis. Het vastgoedbedrijf dat even-eens in het pand zat, werd lange tijd ten onrechte gelinkt aan de granaataanslag.

Uitspraak op 26 april.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden