Wie doodde Davey Moore? Waarom, en wat was het nut ervan?

Net als in wielrennen en stierenvechten worden in het boksen (veel) misstanden bedekt met de mantel der romantiek. Een toppunt daarvan viel te betreuren tijdens de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Atlanta, toen tot vreugde en ontroering van vele Amerikanen Muhammad Ali het olympisch vuur ontstak.

Voor de objectieve toeschouwer was dat eerbetoon een ontluisterende ervaring. Bij de grootste sportman van de vorige eeuw waren zijn beroemde shuffle en lichtvoetige danspassen reeds lang verdwenen, er schuifelde een machteloos en krachteloos mens het podium op. Niet in staat om zonder hulp ook maar iets te ontsteken.

Ali lijdt sinds de beginjaren tachtig aan de ziekte van Parkinson, waarbij verbanden zijn gelegd met zijn bokscarrière, waarin hij massa's vernietigende klappen incasseerde. De vorm van Parkinson waaraan de voormalige olympische kampioen lijdt, wordt boksersdementie genoemd.

Het Internationaal Olympisch Comité spendeert miljoenen in een niet aflatende dopingjacht, met als een van drie redenen het beschermen van de gezondheid van sporters. Ofschoon de ongezondheid van boksen overduidelijk is bewezen, staat amateurboksen nog altijd op het olympische programma.

Juist in de periode dat Ali furore begon te maken, stond profboksen in de Verenigde Staten korte tijd ter discussie. Dat was nadat op 25 maart 1963, gisteren vijftig jaar geleden, de Amerikaanse vedergewicht Davey Moore (29) 72 uur na zijn verloren gevecht om de wereldtitel tegen Sugar Ramos (21) aan zijn verwondingen bezweek.

Vanaf ronde acht begon het slachtoffer in het voor drie titelgevechten met 26.142 toeschouwers gevulde Dodger Stadium in Los Angeles te wankelen. In de tiende ronde werd Moore neergeslagen en viel met zijn nek tegen het onderste met staalkabel verstevigde touw.

Hij sprak nog met verslaggevers ("Het was mijn avond niet"), raakte in coma en overleed aan hersenbeschadigingen. Moore liet zijn vrouw Geraldine en hun vijf kinderen na. De hem door zijn manager Willie Ketchum - bijgenaamd 'de begrafenisondernemer' - voorgespiegelde investeringen van zijn prijzengeld bleken niet te bestaan.

Zijn tegenstander, Sugar Ramos was een balling die zijn land Cuba ontvluchtte naar Mexico nadat Fidel Castro profboksen had verboden. Een oproep tot een verbod in Californië deed na het tragische gevecht gouverneur Edmund Gerald 'Pat' Brown. Paus Johannes XXIII liet vanuit het Vaticaan zijn afschuw over boksen horen.

De dood van Moore inspireerde de jonge protestzangers Phil Ochs en Bob Dylan tot het schrijven van een lied. Hoewel Dylan het nooit opnam, riep het blad Sports Illustrated 'Who killed Davey Moore?' in 2011 uit tot beste sportlied ooit, al was 'Hurricane' over de onterecht wegens moord veroordeelde bokser Rubin Carter de bekendste. Dylan speelde het drie weken na de tragedie in de New York City Town Hall, en daarna nog slechts zeven keer.

In elk couplet zoekt Dylan naar de schuldige en de reden voor de zinloze dood. 'Who killed Davey Moore? Why and what's the reason for?' Achtereenvolgens de scheidsrechter, het publiek, de manager, de gokker, de boksverslaggever en de man die hem velde wijzen elke verantwoordelijkheid af. "Het was voorbeschikt, het was Gods wil", verklaart de laatste tot slot.

Het nummer, dat pas in 1991 als livetrack officieel werd uitgebracht, was op de radio nauwelijks te beluisteren. De oproep van 'Pat' Brown tot een boksverbod vond geen gehoor en de stem van Gods vertegenwoordiger uit het Vaticaan was niet krachtig genoeg.

De drie touwen rond de ring kregen een betere beschermlaag en er werd een vierde touw toegevoegd, dat waren de enige maatregelen die werden genomen. Sugar Ramos won nog zes gevechten op rij tot hij zijn wereldtitel in 1964 verloor. Hij bleef profbokser tot 1972.

Davey Moore is vrijwel vergeten. Het voornemen om in zijn oude woonplaats Springfield een standbeeld van hem te plaatsen liep stuk op de economische crisis. Wat rest is een protestlied dat al 49 jaar niet meer is gespeeld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden