Wie bent u? Ik ben niemand

Gebouw van juridisch advieskantoor Mossack Fonseca. Beeld epa

Liefst 400 journalisten doken op het grootste datalek ooit: de Panama Papers. Vandaag verschijnt het boek van de twee journalisten met wie het allemaal begon. Een voorpublicatie, over hun eerste contact met de bron.

Pling! Wij zijn sinds drie dagen bij mijn ouders op bezoek, mijn vrouw, onze kinderen en ik, en sinds twee dagen is iedereen ziek. Iedereen, behalve ik. Het is tien uur 's avonds, en nadat de laatste patiënt geaaid en de laatste thee verdeeld is, ga ik aan de eettafel zitten, klap mijn laptop open en leg mijn smartphone ernaast. Dan hoor ik 'Pling'. Een nieuw bericht.

[john doe]: Hallo. Hier John Doe. Geïnteresseerd in data? Ik deel ze graag.

'John Doe' is iets als de Engelse variant van Jan Jansen of Piet Pieterse en wordt in Engeland al eeuwen gebruikt, evenals in Canada en de VS. In bijvoorbeeld rechtszaken worden personen wier ware identiteit niet onthuld mag worden 'John Doe' genoemd. Of onbekende doden, die ergens gevonden worden.

John Doe is dus een schuilnaam van iemand. Iemand die duidelijk geheime data aanbiedt. Met zo'n aanbod maak je iedere onderzoeksjournalist klaarwakker, ogenblikkelijk. Geheime data zijn altijd goed. Bij de Süddeutsche Zeitung hebben we in de afgelopen jaren veel verhalen gemaakt die gebaseerd waren op gegevens die ons waren toegespeeld - of zoals ook wel wordt gezegd: die waren 'gelekt' - waarbij het soms ging om geheime belastingzaken in de Caraïben (Offshore-leaks), soms om geheime Zwitserse bankrekeningen (Swiss-leaks) of soms om Luxemburgse belastingtrucs (Lux-leaks).

[obermayer]: Hallo daar. Ik ben erg geïnteresseerd, natuurlijk.

De zeldzame bronnen die goed zijn, herken je meteen. Slechte, althans doorgedraaide of verwarde bronnen, herken je nog sneller - namelijk doordat hun mails dat dan ook al zijn. Weliswaar kunnen ook geschifte bronnen goede verhalen opleveren, maar dat is eerder uitzondering.

Data hebben het voordeel dat ze niet gewichtig doen en niet babbelziek zijn, ze hebben geen missie en willen niet manipuleren. Ze zijn er gewoon, tout court, en ze zijn controleerbaar. Elk goed databestand kun je aan de werkelijkheid toetsen - en juist dat moet je als journalist ook doen, voordat je erover schrijft.

[obermayer]: Hoe komen we aan de data?

[john doe]: Daar help ik graag bij, maar er zijn een paar voorwaarden. Ten eerste moet u begrijpen hoe gevaarlijk en gevoelig sommige informatie in de data is. Mijn leven loopt gevaar als mijn identiteit bekend wordt. Ik heb er de afgelopen weken over nagedacht hoe het aan te pakken. Wij zullen gecodeerd communiceren. We zullen elkaar niet ontmoeten. Wat u uiteindelijk publiceert, is uw zaak.

Met die voorwaarden kan ik leven. Natuurlijk leer je elke bron liever persoonlijk kennen om hem te kunnen beoordelen en zijn motivatie te begrijpen. Maar voor informanten is het soms beter niet in de openbaarheid te treden. Ook in Duitsland zijn klokkenluiders niet erg goed beschermd, en eenieder die de identiteit van een informant kent, vormt een potentieel gevaar. Ook of vooral als hij journalist is. Maar de bron communiceert beknopt en helder, en dan kan ik dat ook. Iemand heeft kennelijk iets wat hij of zij kwijt wil. Dan wel graag hier, bij mij.

[obermayer]: Oké. Hoe regelen we de overdracht van de data?

Ik stuur mijn contactgegevens ten behoeve van verdere gecodeerde communicatie. In de volgende berichten spreken we de dataoverdracht af, en niet veel later moet langs gecodeerde wegen een eerste proeve volgen. Een goed teken: de bron vraagt niet om geld. Een paar maanden eerder had zich iemand aangediend die beweerde gegevens in handen te hebben over geheime buitenlandse bankrekeningen van een Duitse politieke partij. Saldo op de rekening, naar werd beweerd: 25 miljoen dollar. Er werd een week lang heen en weer gecorrespondeerd, er werden slechte foto's van bankdocumenten geleverd, er volgden absurde telefoontjes - en toen eiste de persoon in kwestie via de telefoon plotseling geld. Maar de Süddeutsche Zeitung betaalt in beginsel niet voor informatie. Nooit. Niet alleen omdat we dat geld niet hebben, maar vooral uit principe. Daarmee verdwijnt meteen ook de prikkel ons vervalste documenten aan te smeren.

'Pling.' De proeve is er: een klein aantal bestanden, vooral pdf's. Ik open ze op mijn computer en loop ze een voor een door. Het zijn oprichtingsdocumenten van bedrijven, contracten en bankafschriften.

Mossack Fonseca
Ik heb even tijd nodig om de samenhang te begrijpen, maar na enig onderzoek op internet herken ik de zaak waarom het gaat. Plaats van handeling is Argentinië. Een officier van justitie, José María Campagnoli, vermoedt dat dubieuze zakenmensen de Kirchners, dus de toentertijd nog in functie zijnde president Cristina Kirchner en haar inmiddels overleden echtgenoot Néstor, hebben geholpen ongeveer 65 miljoen dollar overheidsgeld naar het buitenland te sluizen. Dat zou gebeurd zijn via een wijdvertakt netwerk van 123 brievenbusfirma's, allemaal opgericht door een Panamese juridisch advieskantoor dat Mossack Fonseca heet, en dan vooral in het belastingparadijs Nevada in de Verenigde Staten. De beschuldigingen zijn evenwel geen van alle bewezen, en Cristina Kirchner bestrijdt de juistheid ervan.

Wat de zaak actueel maakt, is een klacht die in de Verenigde Staten is ingediend. Het investeringsfonds NML heeft op aanwijzing van zijn oprichter Paul Singer miljoenen aan Argentijnse staatsschuld opgekocht - en vervolgens ging het land failliet. De meeste schuldeisers gingen akkoord met een schuldvermindering. NML niet. Het fonds spant rechtszaken over de hele wereld aan om Argentijns staatsvermogen in handen te krijgen. De aanklacht in de Verenigde Staten, in Nevada, is erop gericht het netwerk van brievenbusfirma's bloot te leggen. NML wil van Mossack Fonseca alle documenten over de 123 brievenbusfirma's. Een deel ervan heb ik nu voor mij op het beeldscherm - het zijn de documenten waar NML al jaren achteraan zit.

Het interessante is dat alle documenten afkomstig lijken te zijn van hetzelfde juridisch advieskantoor. Ik ken Mossack Fonseca, maar alleen als een onneembare veste. Als een zwart gat. Als een onderzoek van ons naar dat kantoor leidde, was het daar ook meteen afgelopen. Mossack Fonseca is een van de grootste aanbieders van anonieme brievenbusfirma's en staat er niet om bekend kieskeurig te zijn bij de selectie van klanten. Eerder het tegendeel. In klare taal: enkele van de grootste smeerlappen van deze wereld hebben anonieme offshorebedrijven van Mossack Fonseca gebruikt om hun zaken te verdoezelen. Bij het onderzoek naar de Offshore-leaks en de Swiss-leaks zijn we onder anderen gestuit op veroordeelde drugshandelaren en vermoedelijke bloeddiamanthandelaren, die als dekmantel gebruik hebben gemaakt van bedrijven van Mossack Fonseca. En wie op internet zoekt naar de klanten van Mossack Fonseca, vindt handlangers van meedogenloze machthebbers en moordenaars als Kadafi, Assad en Mugabe, die kennelijk met het Panamese juridisch advieskantoor samenwerken. Let wel: kennelijk. Want Mossack Fonseca ontkent die samenwerking, en de lijst met klanten is niet openbaar. Tot nu toe althans.

[obermayer]: Het materiaal lijkt in orde. Kan ik meer zien?

Maar 'John Doe' antwoordt niet meer. Is hij of zij op andere gedachten gekomen? Of denkt hij of zij alleen maar na? Ik stuur er nog een bericht achteraan:

[obermayer]: Gaat het alleen om de Argentijnse zaak?

Als er twintig minuten later nog steeds geen antwoord is, klap ik de laptop dicht, pak mijn smartphone en ga naar bed. De volgende ochtend - het aantal zieken is nog niet teruggelopen - is het antwoord er. En nog meer:

[john doe]: Ik stuur hier nog meer proeven. Een paar ervan hebben met Rusland te maken. Een deel van een pdf is speciaal voor Duitsers interessant. Zoek naar Hans-Joachim... Er is nog veel meer materiaal.

Ook de nieuwe documenten lijken uitsluitend uit de archieven van het Panamese Mossack Fonseca te komen. Het bedrijf heeft kennelijk een serieus probleem. Een lek. Pas later op de avond lukt het me om me over het nieuwe materiaal te buigen. Op het eerste gezicht gaat het vooral om brievenbusfirma's die meestal aan een en dezelfde heimelijke eigenaar lijken te zijn verbonden: een zekere Sergej Roldoegin. Veel van de documenten zijn overeenkomsten waarin het om miljoenenbedragen gaat, nu eens acht miljoen dollar, dan 30 miljoen, 200 miljoen of 850 miljoen dollar, het zijn aandelendeals of leningen. Maar ook de naam Roldoegin zegt me niets. Ik zoek het uit en krijg een schok. Sergej Roldoegin is 'Vladimir Poetins beste vriend' - althans, zo noemt Newsweek hem. En daar zijn goede argumenten voor: Roldoegin is de peetoom van Maria, de oudste dochter van de Russische president. Dat alleen zou al interessant genoeg zijn: de offshorezaken van de peetoom.

Kunstenaar
Maar dan lees ik iets wat me echt kippevel bezorgt: Sergej Roldoegin, die volgens de documenten vele miljoenen Amerikaanse dollars binnenkrijgt, is geen investeerder en geen oligarch. Hij is kunstenaar. Een bekende cellist en voormalig directeur van het conservatorium in Sint-Petersburg.

Ik vind een interview in The New York Times van september 2014, waarin Roldoegin uitdrukkelijk zegt dat hij geen zakenman is en dat hij geen miljoenen bezit. Als de documenten echt zijn, waaraan ik op dat moment nauwelijks twijfel, heeft hij gelogen, of is het zijn geld niet. Maar van wie dan wel? Is Roldoegin niet meer dan een stroman? En zo ja, van wie dan? Van Vladimir Poetin? Als in die firma's geld van Poetin zou zitten, al was het maar een klein deel ervan, dan zou dat een zaak zijn die wereldwijd voor vette krantenkoppen zou zorgen. Wie me deze documenten ook toegespeeld heeft, hij of zij heeft Roldoegin ook gevonden en is daardoor verontrust. Waarschijnlijk terecht.

[obermayer]: Wie bent u?

[john doe]: Ik ben niemand. Niet meer dan een bezorgde staatsburger.

[obermayer]: Waarom doet u dit?

[john doe]: Ik wil dat er over het materiaal wordt bericht en dat deze misdrijven openbaargemaakt worden. Dit verhaal kan even belangrijk worden als de onthullingen van Edward Snowden. Een Duitse publicatie is dan niet voldoende. Er is een grote Engelstalige partner als The New York Times of iets van een dergelijk kaliber nodig.

De Süddeutsche Zeitung is bepaald niet de natuurlijke partner van The New York Times. Maar we hebben al wel samengewerkt met grote Engelstalige media zoals The Guardian, The Washington Post en de BBC, bijvoorbeeld bij de Offshore-leaks en de Lux-leaks. Dat zei ik tegen 'John Doe', en dat lijkt hem tevreden te stellen:

[john doe]: Oké. Dan moeten we het erover hebben wat voor mij de beste manier is om een grote hoeveelheid materiaal te sturen. Enig idee?

[obermayer]: Ik moet erover nadenken. Over hoeveel data hebben we het eigenlijk, hoeveel is het?

[john doe]: Het is meer dan alles wat u ooit hebt gezien.

Het zal uiteindelijk niet alleen groter worden dan alles wat ik ooit heb gezien. Het zal groter worden dan elk lek dat welke journalist ook ooit heeft gezien. En het zal het begin zijn van het grootste grensoverschrijdende onderzoeksproject dat er ooit heeft plaatsgevonden.

Zo'n vierhonderd journalisten uit meer dan tachtig landen zullen deze data uiteindelijk onderzoeken. Onderzoeksverhalen die vertellen over de geheime offshorebedrijven van tientallen staatshoofden en dictators, verhalen die laten zien hoe er met wapens, drugs, bloeddiamanten en andere criminele zaken miljarden worden verdiend, en verhalen die de lezer duidelijk zullen maken hoe de welgestelden en de superrijken van deze wereld belasting ontwijken. Het zijn verhalen die allemaal bij Mossack Fonseca beginnen, die eerste nacht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden