DÉJÀ VU

Wie aan de mens sleutelt, roept het noodlot over zich af

Boris Karloff speelde Frankenstein in de film uit 1931. Beeld ANP Kippa

Het loopt in de literatuur zelden goed af met de mannen die op de stoel van de schepper gaan zitten. Wie aan de mens sleutelt, roept het noodlot over zich af. 

Kijk naar een van de beroemdste voorbeelden uit de Nederlandstalige literatuur, het uit 2005 daterende ‘De engelenmaker’ van de Belgische auteur Stefan Brijs: dokter Victor Hoppe weet met behulp van klonen drie zonen op de wereld te zetten. Hij is de engelenmaker uit de titel. De namen van zijn zonen, Gabriël, ­Michaël en Rafaël, getuigen van de grootse ambities. Maar zo hemels blijft het niet.

De Chinese arts He Jankui, die deze week onthulde dat hij verantwoordelijk is voor een genetisch gemanipuleerde tweeling, heeft vele voorgangers in de letteren. Waar He op detailniveau sleutelde aan erfelijk materiaal (hij paste het DNA van de zusjes Lulu en Nana zo aan dat ze resistent zijn tegen hiv), maakten veel van de dokterende romanpersonages nog veel grotere gebaren. Niet zelden horen bij het gerommel aan de mens compleet andere samenlevingen. Het zijn vrijwel nooit utopische, maar bijna altijd dystopische maatschappijen, afschrikwekkend, zoals het hoort bij noodlotstragedies.

In het precies tweehonderd jaar oude boek ‘Frankenstein’ van de Britse schrijfster Mary Shelley zijn lichaamsdelen van diverse lijken het basismateriaal voor Victor Frankenstein. Het lukt hem om dood materiaal tot leven te brengen. Van door hem nagestreefde schoonheid komt het echter niet. Zijn creatie oogt monsterlijk.

Dierlijk gedrag

In ‘Het eiland van dr. Moureau’ (1896) van Shelley’s landgenoot H.G. Wells kruist een bioloog dieren met mensen. Dierlijk gedrag van de aldus geschapen wezens kan rekenen op forse afstraffingen.

Wetenschap (Darwins evolutieleer), eugenetica en rassenleer brachten fictie en werkelijkheid in die jaren steeds dichter bij elkaar. In de Londense broed- en kweekcentrale uit ‘Brave new world’ (1932) van de Brits-Amerikaanse auteur Aldous Huxley worden met laboratoriumtechnieken al kleine ingegrepen gedaan aan de buitenbaarmoederlijk uitgebroede kinderen: zo passen ze perfect in de vijf standen van de samenleving waar alles in het teken staat van consumentisme.

Übermenschen

‘Brave new world’ en veel andere romans over mensmanipulatoren uit de daaropvolgende decennia konden ook worden gelezen als kritiek op totalitaire systemen en hun ideeën van maakbaarheid. Waar het kapitalisme de mens misschien veranderde in een radertje van de grote geldverdienmachine, vermaalde het communisme indivi­duen in het belang van de gemeenschap en het ideaal van de socialistische mens. De nazi’s probeerden zich te ontdoen van de ‘Untermenschen’ en zetten met hulp van artsen en wetenschappers in op het koesteren en verbeteren van ‘de Übermenschen’. Als de Holocaust het onkruid wieden was, konden de experimenten van dr. Mengele worden gezien als een soort plantenveredeling.

De Duitser Josef Mengele, die in Auschwitz medische experimenten uitvoerde en daarna naar Zuid-Amerika vluchtte, is een van de hoofdrolspelers in de uit 1976 daterende roman ‘The Boys from Brazil’ (1976) van de Amerikaan Ira Levin. Mengele maakt in het boek deel uit van een geheim programma waarin niet alleen 94 klonen van de voormalige Führer van het Derde Rijk worden ‘gecreëerd’, maar deze ook onder identieke omstandigheden als destijds Adolf Hitler worden opgevoed.

Naast de grote literatuur ontstond in de vorige eeuw een hele wereld aan sciencefictionboeken en -boekjes. Een van de groten van het genre, Jack Williamson, zou volgens een hardnekkig verhaal in ‘Dragon’s island’ (1951) als eerste de term genetic engineering hebben gebruikt. Dat klopt niet. Wetenschappers gingen hem enkele jaren eerder voor. De Amerikaan Wil­liamson fantaseerde verder naar aanleiding van reeds bestaande mogelijkheden en liep zoals het een goed sciencefictionauteur ­betaamt, vooruit op dat wat nog komen zou.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Lees ook:

Frankenstein heeft de mensheid voor de ondergang behoed

Victor Frankenstein wilde uit levenloos materiaal, heimelijk uit lijken verzameld, een metgezel scheppen. En dat lukte hem. Erg mooi was zijn schepsel niet, maar het monster was aardig en hij bleek in staat te leren spreken en lezen. Aan zijn geluk ontbrak maar één ding: een vrouw.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden