Whitaker schittert in epos over Amerikaans racisme

The Butler

Regie: Lee Daniels. Met Forest Whitaker, Oprah Winfrey, David Oyelowo, John Cusack en Jane Fonda.

****

Wat een goed idee om de 20ste eeuwse geschiedenis van racisme in Amerika, en de opkomst van de burgerrechtenbeweging, te illustreren aan de hand van iemand die de rassensegregatie aan den lijve ondervond én de Amerikaanse politiek decennialang van zeer nabij meemaakte.

De stille getuige heet Eugene Allen, die ruim dertig jaar als zwarte butler in het Witte Huis werkte, en acht presidenten meemaakte. Allens verhaal verscheen in 2008 in The Washington Post, een jaar voordat Obama aantrad als eerste zwarte president van Amerika. Allen maakte het nog net mee. Hij stierf in 2010, op 90-jarige leeftijd. Zijn geschiedenis leeft nu voort, in een historisch epos waarin de butler Cecil Gaines heet, en mooi vertolkt wordt door Forest Whitaker.

Van de katoenvelden in het zuidelijke Georgia, waar zijn moeder is verkracht en zijn vader vermoord, arriveert Cecil in Washington D.C. Als 'house nigger' heeft hij goede manieren geleerd. Hij weet hoe hij zijn adem moet inhouden, geruisloos moet lopen, en zichzelf als het ware onzichtbaar moet maken. Whitaker is kwetsbaar, en grandioos in zijn dubbelrol. Hij speelt de butler die de butler speelt.

Van een chic hotel komt hij in het Witte Huis terecht, niet bij Truman (zoals de echte butler), maar bij een president verder, bij Eisenhower die overweegt federale troepen naar het zuidelijke Little Rock te sturen om een einde te maken aan de segregatie op publieke scholen. We zijn in de jaren vijftig, de Afro-Amerikaanse regisseur Lee Daniels - die eerder opviel met het zwarte tienermoederdrama 'Precious' - is flink op dreef. Zo moet Cecil zich niet alleen in het Witte Huis staande zien te houden, maar ook thuis bij zijn vrouw Gloria, een fraaie rol van Oprah Winfrey als de echtgenote die haar demonen te lijf gaat met sigaretten en gin.

Daar tussendoor speelt het drama rond hun twee zonen dat misschien wat al te keurig tegenovergestelde paden aanstipt. De jongste vertrekt naar Vietnam. De oudste sluit zich aan bij het protest, bij Martin Luther King en daarna bij Malcolm X. In de relatie met de oudste ligt wel mooi het drama van vader en zoon besloten, van verschillende generaties. De oude, dienende vader en de jonge strijder voor burgerrechten die uit elkaar groeien, terwijl vader op zijn manier ook vecht, door steeds weer de 40 procent salarisachterstand van het zwarte personeel aan te kaarten, en de afwezigheid van promotiemogelijkheden.

In het vader-zoon-drama zit ook weer een diepere laag, met de moord op Kennedy en Martin Luther King die Cecil herinneren aan de moord op zijn eigen vader. De aanslag op Kennedy komt in de film trouwens direct nadat hij op televisie heeft verklaard een einde te willen maken aan de tweedracht in de samenleving.

Heerlijke cartooneske verschijningen zijn het, de gedrongen Eisenhower van Robin Williams, de diep in Watergate verzeilde Nixon van John Cusack en de Reagan van Alan Rickman die glunderend verzuimt de mensenrechtenschendingen in Zuid-Afrika te veroordelen. Dat 'The Butler' op 5 december in roulatie gaat, de dag van de goedheiligman en zijn zwarte knecht, is een goed getimed cadeau.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden