Westen moet IS-gebied met troepen pacificeren

Als we Islamitische Staat voorgoed willen verslaan, moeten we voor lange tijd een westerse legermacht naar landen als Irak en Syrië sturen, betoogt Gert Jan Geling.

In de zoektocht naar een zondebok voor het ontstaan van de terreurorganisatie Islamitische Staat (IS) wordt in het publieke debat snel naar het Westen gewezen. Westerse bemoeienis met het Midden-Oosten, zo roept men, heeft tot de opkomst van IS geleid. Maar wie kijkt naar de ontwikkelingen in het Midden-Oosten in de afgelopen vijf jaar, ziet dat het niet zozeer westerse actie, maar eerder westerse inertie is die ten grondslag ligt aan de opkomst van IS.

Natuurlijk, de Anglo-Amerikaanse invasie van Irak was een kapitale fout. IS heeft geprofiteerd van deze actie. Maar indien het regime van Saddam niet was gevallen in 2003 maar bijvoorbeeld tijdens de Arabische Lente, een geenszins onwaarschijnlijk scenario, dan was Irak zeer waarschijnlijk ook à la Syrië in een totale chaos verzeild geraakt, waar groepen als IS van hadden kunnen profiteren.

Na 2003 waren het in Irak juist de Verenigde Staten en bondgenoten die samen met de Iraakse overheid het land nog enigszins stabiel wisten te houden. In 2011 had men de voorloper van IS, Al-Qaida in Irak, nagenoeg verslagen. Toen de VS zich terugtrokken uit Irak en de macht overdroegen aan de door Iran gesteunde Iraakse premier Maliki escaleerde de situatie weer, omdat Maliki met zijn sektarische politiek de soennieten marginaliseerde, die partij kozen voor IS toen deze beweging terugkwam.

undefined

Syrisch moeras

En IS kon terugkomen dankzij de Syrische burgeroorlog. Keer op keer lieten westerse landen na om in te grijpen in Syrië. Ze lieten na de gematigde oppositie, die in het begin van het conflict nog sterk was, te steunen, en hen te helpen het Assad-regime omver te werpen en Syrië te stabiliseren. In plaats daarvan keek men lijdzaam toe hoe Syrië steeds meer een moeras werd waarin verschillende partijen elkaar niet konden verslaan, en vanwaaruit IS terug kon komen.

Ook in Libië stond de Navo toe dat chaos ontstond, waar IS van profiteerde. De Navo weigerde zich voor langere tijd te committeren met troepen op de grond om zo het land stabiel te houden. Dit heeft geleid tot een conflict dat tot op de dag van vandaag het land verscheurt, en waardoor IS hier voet aan de grond kreeg.

Het is dus steeds gebrekkig of halfzacht westers optreden geweest waar IS baat bij heeft gehad. Als de VS voor langere tijd in Irak waren gebleven, had IS daar geen kans gekregen om terug te komen. Indien het Westen in een vroeg stadium had ingegrepen in Syrië, had een groep als IS hoogstwaarschijnlijk zichzelf daar nooit opnieuw uit kunnen vinden. En als de Navo in Libië was gebleven, had IS nooit van de situatie in dat land kunnen profiteren.

undefined

Zachte heelmeesters

Dit alles zou een les moeten zijn voor westerse politici, diplomaten en beleidsmakers. Het verslaan van Islamitische Staat, en het stabiliseren van Syrië en Irak, vraagt van ons een langetermijninzet. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Dat hebben we uit onze Midden-Oostenpolitiek van de afgelopen jaren wel geleerd.

Als we IS voorgoed willen verslaan, zullen we moeten accepteren dat het nodig is om voor langere tijd militair aanwezig te zijn in de regio. We moeten dan blijven zo lang de situatie daar dat van ons vraagt, om daar nieuwe chaos, die de levensader vormt van groeperingen als IS, te voorkomen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden