Werkloosheid groeit hard in Turkije

Erdogan belooft dat er banen bij komen, als Turkije een presidentieel stelsel invoert. Zijn rivalen vrezen het tegenovergestelde.

De Turkse werkloosheid is opgelopen naar het hoogste niveau in zeven jaar. De jongste cijfers zijn slecht nieuws voor president Tayyip Erdogan. Die probeert zichzelf juist te profileren als redder van het land en de economie, een maand voor het referendum over zijn omstreden presidentiële stelsel.


In de periode november-januari lag de werkloosheid op 12,7 procent, meldde het Turkse statistische instituut TurkStat gisteren. Dat is flink hoger dan de 10,5 procent uit dezelfde periode een jaar eerder. De jeugdwerkloosheid steeg nog veel harder, van 19 naar 24 procent. Er komen in Turkije nog wel nieuwe banen bij, maar het zijn er te weinig om de grote aanwas van jonge arbeidskrachten op te vangen.


Erdogan zit met de cijfers in zijn maag, ook omdat economische omstandigheden van oudsher een belangrijke invloed hebben op het sentiment onder Turkse kiezers. Minister van economische zaken Nihat Zeybekci noemde het gebrek aan banen gisteren op de Turkse televisie dan ook 'een van onze grootste problemen'.


Op zoek naar een oplossing riep Erdogan werkgevers afgelopen maand al op om meer mensen in dienst te nemen. Hij stelde er zelfs een subsidie voor in het vooruitzicht. Dat heeft volgens de regering inmiddels geleid tot 230.000 nieuwe contracten, die nog niet in de cijfers van TurkStat zijn verwerkt.


Ook de invoering van het presidentiële stelsel zal verlichting bieden, belooft Erdogan. Het geeft hem niet alleen meer persoonlijke macht, maar zou ook een eind maken aan de wankele parlementaire coalities die hij funest vindt voor de veiligheid en de economie.


Maar tegenstanders vrezen het omgekeerde. Volgens hen zal het presidentiële stelsel resulteren in een autocratischer systeem. Dat zal internationale investeerders afschrikken, met rampzalige gevolgen. Buitenlandse geldschieters zijn toch al nerveus door de aanhoudende onrust in Turkije, veroorzaakt door Erdogans repressieve optreden na de mislukte staatsgreep van juli vorig jaar. Door de chaos is de inflatie van de lira opgelopen tot boven de 10 procent.


Nederlandse bedrijven vormen samen de grootse buitenlandse investeerder in Turkije, goed voor 16 procent van het totaal. Ze pompen tientallen miljarden euro's in de Turkse economie, wat veel lokale werkgelegenheid oplevert. De Turkse minister van EU-zaken, Omer Celik, zei dinsdag in een interview met persbureau Reuters dat Nederlandse bedrijven daar vooral mee moeten doorgaan, ondanks de diplomatieke crisis tussen de twee landen.

geen sancties tegen bedrijven nederland

Anders dan Erdogan eerder suggereerde, zal Turkije geen economische sancties invoeren, beloofde de Turkse minister van EU-zaken, Omer CelikCelik. Zijn land wil geen burgers of bedrijven straffen voor het feit dat Turkse ministers in Nederland werden belet om campagne te voeren voor het referendum.


Alleen Nederlandse gezagsdragers moeten een lesje krijgen, aldus Celik. Daarom komen Nederlandse diplomaten en politici voorlopig niet meer het land in. Erdogan wil ook dat de stad Istanbul haar zusterband verbreekt met Rotterdam, waar dit weekend een Turkse minister werd weggestuurd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden