Werk aan je eigen merk op internet

null Beeld

Wie sociale netwerksites alleen ziet als luchtig tijdverdrijf, slaat de plank mis. Internet is de plek om aan je eigen Merk te bouwen. Dat is commercieel slim en handig als je baan op de tocht staat.

Je laat een bericht achter op de Facebookpagina van je collega, je doet mee aan een discussie op een site van je beroepsgroep en plaatst een video naast het blogje op je eigen site. Zo laten we een spoor van informatie achter. De virtuele kloon van onszelf – zeer interessant voor commerciële partijen – is aan het groeien, want we besteden steeds meer tijd aan het bijhouden van onze netwerksites.

Mensen gebruiken sociale media vaak voor zelfpromotie. Waren we de afgelopen jaren vooral vrienden aan het hamsteren, nu gebruiken we de sites actief door foto's te plaatsen en blogs te schrijven, onderzocht het mediabureau UM onder 23.000 actieve internetgebruikers tussen 16 en 54 jaar.

Vijf uur per week zit Esther Brons-Stikkelbroeck achter LinkedIn. Ze plaatst artikelen, begint discussies, legt een casus voor die ze op haar werk is tegen gekomen. „Ik heb me bij twintig groepen op LinkedIn aangesloten, waarvan ik zes actief onderhoud. Ik attendeer anderen op wat ik heb geschreven of op televisie heb gezien. Ook verwijs ik naar mijn nieuwsbrief en houd ik de weblog www.dekunstvanfranchise.nl bij, die weer gekoppeld is aan mijn netwerksite.”

Brons-Stikkelbroeck werkt als senior-advocaat bij advocatenkantoor Dijkstra Voermans in Utrecht en is gespecialiseerd in franchise. Haar sociale netwerksite ziet ze als de ultieme manier om haar omgeving beter te leren kennen. „Het komt vaak voor dat je pas heel laat ontdekt wat voor werk je contacten exact doen, of wat voor hobby's ze hebben, simpelweg omdat het nooit eerder ter sprake is gekomen.”

Soms kun je zakelijk iets voor elkaar betekenen, maar weet je het niet van elkaar, merkt ze op. „Doordat ik me continue focus op franchise en mijn kennis deel, wordt mijn naam daaraan gekoppeld en is dat mijn merk geworden. Vroeger pakte je misschien de Gouden Gids om bijvoorbeeld een adviseur te zoeken. Maar nu denken mensen ’laat ik Esther even bellen’.”

Ongemerkt bouwen we aan ons eigen ’brand’, oftewel merk. Zo blijkt opeens op Facebook dat de buurman lid is van een online-hardloopgroep, waar hij vertelt halsreikend uit te kijken naar de volgende marathon. Op LinkedIn schrijft hij te werken als computerprogrammeur. Als de hond moet worden uitgelaten, weet jij op je beurt bij wie je moet aankloppen voor een fikse wandeling. En ook als een virus in je computer genesteld is, bel je aan bij de buurman.

Maar via sociale netwerksites weet de buurman ook jou te vinden. Zo sta je opeens zijn fietsband te plakken omdat je geschreven had de kunst van het bandenplakken te beheersen.

„Het is niet de vraag wanneer je aan personal branding moet doen, in feite doe je het voortdurend”, zegt adviseur en trainer Rolf Rosenmöller en co-auteur van het boek ’This is your wake-up call, personal branding in turbulente tijden’. „De hele dag ben je bezig jezelf neer te zetten. Via dat ene telefoontje, waarin je net iets meer over jezelf vertelt. Maar ook als je op een feestje als een zielig vogeltje in een hoek gaat zitten. Op elk moment van de dag laat je een deel van jezelf zien. Het gaat erom dat jij bepaalt hoe je gezien wilt worden, want anders doet de ander dat voor je.”

Vooral in tijden van crisis is een beetje extra aandacht voor je eigen merk niet verkeerd. „Loyaliteit tussen bedrijven en werknemers is niet meer vanzelfsprekend”, zegt Rosenmöller. „Zo wijzen bedrijven je indirect ook op je eigen verantwoordelijkheid door je een contract voor bepaalde tijd aan te bieden. In die periode moet een klus worden geklaard. Je wordt meteen uitgenodigd na te denken over wat je daarna gaat doen.”

Voor het vinden van een nieuwe baan is het belangrijk op te vallen. Dat betekent dat je met een goed cv, kennis van je werk en een uitgebreid netwerk de deur van je vorige werkgever achter je dicht trekt. „Je kunt jezelf pas echt profileren als je weet wat je passie en talent is. Zo kun je je personal brand met veel meer kracht in de markt zetten.”

Ronald van den Hoff, directeur van Mindz, een nieuw online-netwerk waar inmiddels vijftigduizend Nederlanders bij zijn aangesloten, gaat een stap verder dan de gebruikelijke netwerksites. Gebruikers maken hun eigen digitale DNA aan. Persoonlijke kernwoorden uit deze DNA worden gekoppeld aan die van anderen. „Gewone netwerksites zijn goed om te laten zien wie je bent en wat je kunt, maar er is geen mogelijkheid om samen te werken. Er kunnen duizenden dezelfde groepen naast elkaar leven, zonder dat ze elkaar vinden. Wij willen juist dat mensen samen hun kennis kunnen delen.”

Je digitale DNA is je eigen merk en daarmee ga je de boer op. „Steeds meer werknemers beginnen voor zichzelf als ondernemer”, zegt Van den Hoff, en zij hebben baat bij ’gelegenheidsformaties’. Mensen kunnen kennis bundelen om met creatieve invalshoeken – nationaal en internationaal aangedragen – een beter product te leveren. En op te vallen.

Dus schrap de overtollige vakantiefoto's op je site en werk aan inspirerend DNA. „Je kunt op internet vertellen dat je dit kunt en ook nog die hobby hebt, maar dan wordt je merk veel te diffuus”, zegt Rosenmöller. ,,De kracht zit in de eenvoud: kort en krachtig.” Tijdens workshops laat hij cursisten een eigen collage maken. Uit tijdschriften knippen ze plaatjes waar ze enthousiast over zijn. Stukje bij beetje destilleer je de eigen gedrevenheid.

Dat is de eerste stap. Van daar uit werk je jezelf in the picture; via bijeenkomsten waar je komt, via initiatieven die je toont of via het bijwerken van je online-profiel. Vermoeiend om voortdurend het beste van jezelf op de kaart te moeten zetten? Rosenmöller adviseert personal branding positief te benaderen. „Eigenlijk heb je geen andere keuze. Als je baan onder druk staat, is het niet verstandig in een negatieve spiraal terecht te komen. Kijk waar je goed in bent en laat dat ook anderen weten! De kans dat je na ontslag bij een andere onderneming als de beste boven komt drijven is dan een stuk groter.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden