Wereldregering of theekransje?

Rusland is uit de G8 geknikkerd en mag dus niet langer meepraten met de rijkste industrielanden. Rusland reageert schouderophalend. Wat is daar nou erg aan?

All you need is love", klonk enthousiast uit de kelen van Tony Blair en Bill Clinton op de eerste G8 in 1998. Het was in Birmingham en Rusland mocht voor het eerst officieel aansluiten bij de G7, de club van belangrijkste industrielanden in de wereld. De sfeer was optimistisch, gezellig bijna. Samen de schouders eronder. Eensgezind keurden de regeringsleiders de Indiase kernproeven af. En ze maakten nog een aantal afspraken over misdaadbestrijding, meer banen en schuldsanering voor arme landen.

Tony Blair had er alles aan gedaan om die eerste G8 tot een succes te maken. Niet alleen omdat Rusland er nu de hele vergadering bij was. Ook omdat aan het nut van het 'eliteclubje' van rijke landen werd getwijfeld. Het was verworden tot een 'praatclub', een 'theekransje', van de wereldleiders. Misschien zinvol omdat ze elkaar tussen de koekjes door spraken over de wereldpolitiek, maar bepaald niet de 'economische wereldregering' die de deelnemers aan de G7 aanvankelijk in gedachten hadden.

De zeven zochten elkaar halverwege de jaren zeventig op, nadat het systeem van Bretton Woods, dat de wisselkoersen in de wereld regelde, definitief uiteen was gevallen. Na de Tweede Wereldoorlog was de dollar gekoppeld aan de goudprijs en andere munten weer aan de dollar. De Vietnamoorlog van eind jaren zestig maakte het systeem echter instabiel, omdat de VS gigantisch veel dollars bij hadden gedrukt om die strijd te financieren. Steeds meer landen koppelden zich los van de dollar, Duitsland en Nederland in 1971. Uiteindelijk liet ook Amerika zelf de goudstandaard los.

In die nieuwe, vrijere mondiale economie was enige economische coördinatie gewenst. Het IMF en de Wereldbank bestonden al. Het IMF vooral voor de financiële wereldstromen, de Wereldbank meer gericht op de armere landen. Maar de zeven rijkste geïndustrialiseerde landen leek het handig elkaar regelmatig te spreken. Op initiatief van de Franse president Valérie Giscard d'Estaing en de Duitse bondskanselier Helmut Schmidt is de groep in 1975 opgericht. In het Franse Kasteel van Rambouillet kwamen zes landen samen: Frankrijk, Duitsland, Italië, Groot-Brittannië, de VS en Japan. Een jaar later kwam Canada erbij als het zevende lid.

Aanvankelijk was vooral de stabiliteit van de wereldeconomie en bevordering van de vrijhandel agendapunt. Maar al snel gaf het gezelschap ook politieke verklaringen uit, zoals in 1980 met de veroordeling van de Russische inval in Afghanistan. Sindsdien is het voortdurend laveren tussen politiek en economie en schaken tussen Rusland en de rijke landen. Al in 1991, vlak na de val van de Berlijnse Muur, vroeg de toenmalige Sovjet-leider Michail Gorbatsjov of hij bij de club mocht aanschuiven. Om economische redenen: de Sovjet-Unie had grote kredieten nodig om aansluiting met de wereldeconomie te kunnen vinden.

Eind jaren negentig kwam, ten tijde van Boris Jeltsin, echt een permanente stoel voor de Russen in beeld nadat ze al informeel bij een aantal toppen aanwezig waren geweest. Economisch was, en is, Rusland een te klein land voor de G7. Het mocht toch meedoen om de Oost-West-verhoudingen in de wereld verder te pacificeren en iets terug te geven voor de uitbreiding van de Navo naar Oost-Europa.

Bovendien speelt mee dat Rusland aan enkele belangrijke olie- en gaskranen kan draaien. Toen Rusland zelf voor het eerst gastheer mocht zijn van de G8, in 2006, was Vladimir Poetin ook president. Vlak daarvoor joeg Poetin de Europeanen in de gordijnen door de gaskraan naar Oekraïne even dicht te draaien vanwege een conflict over de rekening. Het gas stroomde al snel weer, maar ruim voor de ontvangst van de wereldleiders in St. Petersburg was duidelijk: met ons valt niet te spotten.

Zo spelen er telkens politieke kwesties met de Russen op de vergaderingen van de G8: het Amerikaanse raketschild, de onafhankelijkheid van Kosovo, de sancties tegen Irak, om er een paar te noemen. Intussen blijft het gremium ook gericht op de economie, probeert het de onderhandelingen over liberalere wereldhandel vlot te trekken en verlegt het de aandacht ook naar klimaatdoelstellingen zoals het terugdringen van de CO2-uitstoot.

Achterhaald gezelschap
Rond de eeuwwisseling waren de economische verhoudingen in de wereld zodanig veranderd, dat de vraag opkwam of de G7 niet een achterhaald gezelschap was. Een grote schok had de wereldeconomie bovendien op de grondvesten doen trillen: de Azië-crisis. Moesten opkomende economieën zoals China, India en Brazilië niet ook ergens meepraten? In 1999 op de top van de G7 in Keulen werd daarom de G20 opgericht: de G7 plus Rusland en nog twaalf andere landen.

De G20 zijn niet simpelweg de twintig grootste economieën van de wereld. Landen als Nederland en Spanje horen wel bij de top-20, maar hebben geen plaats in de G20. Het ging niet om de grootste, maar om de invloedrijkste en dus kregen, naast de duidelijke kandidaten zoals China en Brazilië, ook Saoedie-Arabië, Zuid-Afrika en Argentinië een zetel. Nederland en Spanje konden indirect wel meepraten met de G7 omdat daar ook de Europese Unie aanschuift, was de redenering.

De G20 kon de eerste jaren van zijn bestaan niet echt potten breken. Het orgaan kwam pas werkelijk tot leven na het uitbreken van de volgende financiële crisis in 2008. Met historische afspraken over stimulering in 2009 gaven de rijke westerse landen en de opkomende economieën de wereldeconomie een broodnodige zet. Sindsdien is de vraag of de G7 nog wel zo belangrijk is nog levendiger. Is een clubje waar bijvoorbeeld grootmacht China niet aan tafel zit, nog wel serieus te nemen?

Anders dan bij Rusland gaat die vraag niet alleen over politiek en gaskranen, maar vooral over geld. Alle Chinezen samen verdienden in 2013 ongeveer 4800 miljard dollar. G7-lid Italië was goed voor 1700 miljard dollar. Rusland blijft hangen onder de 1000 miljard, minder dan Brazilië en India. Daar komt bij dat de Russische economie er niet fantastisch uitziet. De groeipotentie van China is veel groter dan die van Rusland, zo rekende de Oeso onlangs nog voor.

De belangrijke 'praatclub' van de 21ste eeuw is dus logischerwijs eerder de G20 dan de G7 of G8. En daar zit Rusland gewoon bij. De Russische minister van buitenlandse zaken Sergei Lavrov reageerde maandag dan ook schouderophalend toen hij niet welkom was aan de gezellig kleine tafel in het Catshuis waar de G7 's avonds zou vergaderen. De toegang werd geweigerd vanwege de Russische annexatie van de Krim.

"Een informele club", zo probeerde Lavrov maandag het groepje van zeven regeringsleiders voorafgaand aan die bijeenkomst weg te zetten. Er zijn genoeg andere fora waar het land wel welkom is, concludeerde hij onaangedaan. 's Avonds werd definitief duidelijk dat de zeven in juni niet afreizen naar het Russische Sotsji aan de Zwarte Zee waar de volgende G8 gepland staat. In plaats daarvan gaan ze naar het neutrale Brussel.

President Poetin had al eerder zijn desinteresse voor de G7 kenbaar gemaakt. In 2012 liet hij in het Amerikaanse Camp David zelf verstek gaan en stuurde premier Medvedev. Daarmee deelde Rusland een steek uit aan gastheer Barack Obama. Rusland lijkt er dus niet echt mee te zitten dat het land niet meer welkom is. Of die strategie Rusland ergens brengt, zal moeten blijken. Feit is wel dat de stoel leeg blijft op het moment dat de westerse onderonsjes, plus Japan, juist weer aan gewicht winnen. De opkomende economieën kampen met groeivertraging en zien kapitaal wegvloeien. Anders dan in 2009, toen de nieuwe economische machten de kar moesten trekken, is het nu weer Amerika dat de wereld op sleeptouw neemt, met het tot rust gekomen Europa enigszins achter zich aan.

Op de laatste G20-top, afgelopen maand, toonden de opkomende landen zich geërgerd over het eigengereide Amerika, dat de geldpers weer een tandje lager zet nu de eigen economie weer goed groeit. Egoïstisch, was het oordeel van een groot land als India. Want het zorgt voor een schok in de soms toch nog fragiele opkomende economieën. De conclusie van sommige waarnemers: de G20 lijkt nu weer op een G7. Ofwel: de VS en Europa maken de dienst uit.

G6 G7 G8 G20 G7
1975

De regeringsleiders van op dat moment de zes rijkste industrielanden komen bijeen: Frankrijk, Duitsland, Italië, Groot-Brittannië, de VS en Japan. Een jaar later komt Canada erbij en is de G7 compleet.

1977

Ook de Europese Unie schuift aan, in de persoon van de voorzitter van de Europese Commissie. Sinds 2010 schuift ook af en toe de 'president van Europa' aan, de voorzitter van de Europese Raad.

1998

Rusland neemt voor het eerst als volwaardig lid deel aan de besprekingen, dit keer in Birmingham. Voor het eerst worden de regeringsleiders niet vergezeld door hun ministers van buitenlandse zaken en financiën, voor het eerst is er ook ruimte voor informeel contact.

1999

Op de G8-top in Keulen wordt de G20 opgericht. Nederland zit er niet bij, wel invloedrijke economieën als China en Brazilië, en ook Saoedie-Arabië, Zuid-Afrika en Argentinië.

2007

Sinds het begin van de kredietcrisis en het uitbreken van de Europese staatsschuldencrisis in 2010 komen de G7 ook weer regelmatig zonder Rusland bijeen.

2014

De G7 besluiten Rusland officieel uit de G8 te gooien naar aanleiding van de Krimcrisis, waarmee de geplande G8-top in Rusland vervalt. De volgende top dit jaar is in Brussel.

De antiglobalisten, waar zijn ze gebleven?
Geen beter podium om de onvrede met globalisering en kapitalisme te ventileren dan de stad waar de belangrijkste regeringsleiders bijeen zijn. Vanaf eind jaren tachtig zijn de bijeenkomsten van de G7 het toneel van massaprotesten tegen de armoede, de schuldenlasten en milieuvervuiling in de wereld. De demonstraties worden groter, maar ook gewelddadiger, met als trieste dieptepunten de toppen in Seattle (1999) en Genua (2001). In 2005 komen rond de top in het Schotse Gleneagles nog meer dan 200.000 demonstranten bij elkaar, maar in de jaren daarna wordt het stiller. Misschien is het de crisis, misschien de enorme beveiliging en afzondering waarin sommige toppen plaatsvinden. Feit is dat er ook in Den Haag nauwelijks een protest te zien was. En al helemaal niet door de regeringsleiders.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden