'Welvaartsresten' voor andermans welzijn

De internationale Emmausbeweging bestaat vijftig jaar. Het initiatief van een Franse priester is uitgegroeid tot een brede sociale beweging, die openstaat voor alle mensen die haar 'universeel manifest' onderschrijven. Dat houdt kort gezegd in: opkomen voor de mensen die de maatschappij niet ziet of hoort. De beweging financiert haar engagement zelf, door het ophalen, sorteren en verkopen van gebruikte goederen.

Hoog liggen de vuilniszakken met kleding opgestapeld in de sorteerruimte van de Emmaus-woon-werkgemeenschap in Haarzuilens, een idyllisch plaatsje onder de rook van Utrecht. Het is drukker dan normaal, vanwege de feestmarkt waarmee de gemeenschap zondag het jubileumjaar luister bijzet. Versleten kleding gaat in balen naar de voddenboer, de goede kleding is bestemd voor de verkoop en soms ook voor directe steun aan projecten in ontwikkelingslanden, legt een vrijwilligster uit.

Om te tonen hoe goed sommige kleding is, trekt ze uit een stapeltje een jurkje en chique ondergoed omhoog: de labeltjes hangen er nog aan. Sommige mensen kopen iets en laten het ongedragen in de kast liggen. Ook restanten van kledingzaken komen in Haarzuilens terecht. De mode van de consumptiemaatschappij is grillig en snel.

,,Wat hier binnenkomt is inderdaad vaak heel mooi en goed verkoopbaar'', beaamt Jan van Dam (36). ,,We spreken tegenwoordig van welvaartsresten. Maar we selecteren er ook op. Sterk verouderde en onverkoopbare computers met een 286-processor nemen we bijvoorbeeld al niet meer aan.''

Sinds een jaar werkt Van Dam als betaalde kracht voor Emmaus-Haarzuilens, waar hij zich bezighoudt met het ontwikkelen van initiatieven en professionalisering van het kringloopbedrijf.

,,Er komen steeds meer kringloopbedrijven, niet alleen ideële, maar ook commerciële. Bovendien is er meer overleg en afstemming nodig met de gemeentelijke reinigings- en havendienst over de ophaal, scheiding en verwerking van afval.''

Van Dam is afkomstig uit het verzekeringswezen. Zijn overstap is een ideële keuze; financieel is Van Dam er fors op achteruitgegaan. Zijn inkomen moet gewoon komen uit de verkoop van gebruikte spullen, net als de kosten van gebouwen, levensonderhoud en verzekeringen van de bewoners, hun wekelijkse zakgeld van zestig gulden en de steun die Haarzuilens geeft aan sociale projecten in binnen- en buitenland.

Betaalde krachten als Van Dam zijn overigens uitzonderlijk binnen Emmaus. Het meeste werk doen de bewoners van de woon-werkgemeenschappen en niet-inwonende vrijwilligers.

Nederland kent, naast zeven woon-werkgemeenschappen, ook dertien vrijwilligersgroepen die zelf een kringloopcentrum beheren. De Emmausgroepen zijn zelfstandige stichtingen, die tezamen Emmaus-Nederland vormen en beschikken over een landelijk secretariaat.

De eerste Emmausgroep in Nederland dateert uit 1956, toen in Eindhoven een aantal mensen besloot geld in te zamelen om het werk van Abbé Pierre financieel te ondersteunen. Deze Franse priester, oud-verzetsstrijder en voormalig parlementariër, had in de extreme winter van 1954 wereldfaam verworven door zijn steun aan de thuis- en daklozen, die in Parijs op straat krepeerden in de ijzige kou. In het naoorlogse Frankrijk met zijn grote woningnood ging het daarbij niet alleen om zwervers en clochards, maar ook om 'gewone' burgers.

Via de media wist Pierre het grote publiek aan te spreken en massaal dekens, tenten, andere hulpgoederen en geld los te krijgen. Abbé Pierre was plotseling een gevierd man vanwege zijn charitatieve en onbaatzuchtige instelling, hoewel hij zich al jaren inzette voor dak- en thuislozen.

Het zenuwcentrum was Abbé Pierre's huis in het Parijse voorstadje Neuilly-Plaisance, dat hij (naar het bijbelverhaal over de Emmaus-gangers) 'Emmaus-huis' had gedoopt. In 1949 ontstond daar de eerste 'Emmaus-communauteit'. De maatschappelijke verschoppelingen in deze woon-werkgemeenschap leefden en werkten samen, en boden anderen hulp. Geld verdienden ze met 'voddenrapen'.

Wat in 1949 begon als een lokaal initiatief in Neuilly-Plaisance, is na de winter van 1954 uitgegroeid tot een internationale beweging die zo'n 350 groepen in vijfendertig landen omvat. De vodden van Parijs zijn, althans in de westerse landen, inmiddels de overdadige resten van de welvaartssamenleving.

De katholieke oorsprong speelt al lang geen rol van betekenis meer; sociaal engagement en milieubewustzijn staan voorop, vertelt Hermien Vat (42). In 1986 ging ze vrijwilligerswerk doen in de Emmaus-kringloopwinkel in Utrecht, later kwam ze in Haarzuilens wonen.

Vat is wat bij Emmaus een 'dragende kracht' heet. ,,Ik heb er heel bewust voor gekozen om zo te werken en te leven.'' Vroeger werkte ze als psychiatrisch verpleegkundige en ze beschouwt zich als niet-religieus en links. ,,Respect voor alle gezindten dragen we hier hoog in het vaandel. Wat maakt het uit wat je signatuur is? Als je maar opkomt voor de mensen die buiten de boot vallen. De invulling verschilt natuurlijk per land. In Peru zijn dat bijvoorbeeld krottenwijkbewoners, hier mensen die de prestatiemaatschappij niet kunnen bijbenen.''

De woon-werkgemeenschappen in Nederland bestaan uit zo'n tien tot vijftien mensen. Dat zijn dragende krachten zoals Vat, maar ook mensen die met een hulpvraag bij Emmaus aankloppen. Voor zover er geen sprake is van zware verslavings- of psyschiatrische problematiek, waarvoor gespecialiseerde hulpverlening nodig is, kunnen die terecht in een Emmaus-woon-werkgemeenschap. Althans na een (succesvol) kennismakingsgesprek en een 'proeflogement' van twee weken. De verhouding tussen de twee categorieën bewoners ligt ongeveer gelijk, hoewel er volgens Vat ook een 'grijs tussengebied' is.

Henny (51), gescheiden en vader van drie kinderen, is in juni 1998 bij Haarzuilens terechtgekomen. Na een leven van veel reizen en tal van baantjes, was hij zijn woning kwijtgeraakt en dreigde hij na een paar maanden dakloosheid de structuur in het leven te verliezen.

,,De rek was eruit'', vertelt Henny. ,,Ik wilde erger voorkomen. Voor mij was Emmaus vooral een manier om een dak boven mijn hoofd te krijgen. Eigenlijk puur egoïsme dus.'' Inmiddels is hij blij dat hij iets nuttigs kan doen voor de maatschappij en voor de ander. Weg uit Haarzuilens hoeft hij voorlopig niet zo nodig. ,,Zoals ik me nu voel wil ik gewoon hier zijn, zelfs al zou ik morgen een baan met toekomstperspectief aangeboden krijgen. Dit is mijn thuis.''

Uiteindelijk is het wel de bedoeling dat de bewoners die vanwege problemen in een Emmaus-gemeenschap terechtkomen, terugkeren in de maatschappij. Of, bij geschiktheid, zelf dragende kracht worden, want daaraan dreigt een tekort, meent Jan van Dam. ,,De moeilijkheid is om in onze individualistische samenleving de woon-werkgemeenschappen toch bemand te krijgen met genoeg mensen die de zaak dragen.''

Bewoonster Hermien Vat maakt zich minder zorgen: ,,Er zijn juist weer meer jonge mensen die zich wat van de maatschappij aantrekken dan tien, vijftien jaar geleden. Of ze dat nu vanuit een woon-werkgemeenschap doen of anders doet er eigenlijk niet veel toe.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden